Tag: Joden en de bezetters van Polen

Blog#59: Jedwabne – drie gedenkplaatsen en maar één verhaal?

Jedwabne was mij onbekend.

In de communistische tijd reisde men nauwelijks. In de eerste plaats waren daar geen middelen voor. Overnachtingen zoals men ze in het Westen kent, bestonden niet. Hotels waren niet te betalen en op vakantie ging je naar je familie. Communisten hielden de waarheid voor de mensen verborgen en de mensen onderling uit elkaar. 

Historisch Nieuwsblad, Foto: Ilona Versteeg

Voor het eerst hoorde ik de naam Jedwabne, toen ik het artikel uit 2015 in het Historisch Nieuwsblad las.

communistisch monument in Jedwabne: “Plaats van executie op de Joodse bevolking. De nazi-Gestapo en de Hitlers militaire politie hebben 1600 mensen levend verbrand – 10 juli 1941” Bron: wolna Polska . Bron: wolna Polska

Het artikel was gebaseerd op het a-historisch en a-wetenschappelijk boek van Jan T. Gross “Buren”, en zoals het boek beschuldigde het de Polen voor het verbranden van 1600 Joden in een schuur van Jedwabne.

Wat Gross in zijn boek heeft gedaan is de tekst van het monument dat de communisten na de oorlog in Jedwabne hebben geplaatst overgenomen, en de daders van de moord, de Duitsers in Polen veranderd, bevestigt dr Kurek. (9)

Via de oerbossen naar Jedwabne

“De aanwezigheid van een bizon en ander groot wild heeft de bescherming van het bos gedurende vijf eeuwen gevormd”. Bron: wikipedia

In de zomer van 2016 wilden we naar Polen op vakantie. Lekker kamperen, rond reizen, eindelijk meer van Polen zien. We wilden naar de oerbossen (Puszcza Białowieska), tegen de grens met Wit-Russland.

“De eerste schriftelijke vermelding van het Białowieża-bos is de beschrijving van de jacht van Władysław Jagiełło uit 1409” Bron: wikipedia

Sinds 2015 was er ook een onenigheid over dit gebied tussen De Europese Unie en Polen. Ik wilde de situatie zelf zien, en de informatie ter plekke inwinnen. Polen had op dit gebied een zeer lange traditie en veel kennis. Iets klopte in het verhaal niet.

We hebben de prachtige bossen bezocht, de boswachters gesproken. Zoals ik al vermoedde, was er niks aan de hand. Weer een politieke agenda die Polen in een hoek moest zetten.

In Jedwabne

Een bezoek aan Jedwabne was eerder een onverwachte bijkomstigheid op onze verdere reis richting het noorden. Langs de weg zagen we een bordje Jedwabne en we dachten, deze kans zal zich niet zo gauw weer voordoen.

Oude marktplaats, Jedwabne. Foto: Ilona Versteeg

Het was laat op de middag toen we onze auto aan de oude marktplaats in Jedwabne parkeerden.

Onze focus lag op de plek waar de ‘bekende’ schuur stond. Eerst probeerden we zelf de weg te vinden.

Gedeporteerden naar werkkampen voor slaven in Siberië en Kazakhstan

Ter nagedachtenis van de gedeporteerden naar de werkkampen voor slaven in Siberië en Kazachstan. Foto: Ilona Versteeg

Toen we terug naar de oude markt kwamen, zagen we dit monument voor het eerst

“Ter nagedachtenis aan de gedeporteerden, degenen die stierven van honger en kou, vermoord in de Siberische en Kazachse kampen – Dankbaar voor het wonder van de redding, Sybiracy *) en Poolse patriotten van Jedwabne – 2002 – Ter herinnering aan de doden en ter waarschuwing aan de levenden”.

Nadat Sovjet Rusland Polen in september 1939 was binnengevallen, heeft Stalin 1,7 miljoen Polen naar de werkkampen voor slaven in Siberië en Kazachstan gedeporteerd. Slechts een derde van hen overleefde het.

“De wijdverbreide samenwerking van Poolse Joden met de Sovjets, bij het opstellen van de lijsten van Polen en de Poolse families bestemd voor deportaties naar Siberië, heeft de meest beschamende en beladen gevolgen voor de Poolse bevolking van Oost-Polen gehad. 

Van 17 september 1939 tot 22 juni 1941 waren het de Joodse buren die de Sovjets erop wezen welke Poolse families tegen het communisme waren”.  (1)

“(…) Geen enkele Jood boog zich ooit neer voor het monument op de oude markt dat deze Polen herdenkt (…)”. (2)

We zoeken verder …

Verder op zoek naar de schuur

Ik schroomde iemand naar de weg te vragen. Ik weet hoeveel onrecht is de bewoners van Jedwabne aangedaan.

Gross met zijn boek zocht geen waarheid. Het artikel in het Historisch Nieuwsblad door Laura Starink volgde een spoor van manipulaties, onwaarheden, en stereotyperen.

Ik passeerde een jonge moeder met twee kleine kinderen. De kinderen riepen mij tegemoet een vrolijke ‘goede dag’. Een uitwisseling van begroetingen, een glimlach. Ik dacht nu of nooit. Ik vroeg alleen “kunt u….“. En de mevrouw begon zeer vriendelijk uit te leggen waar we heen moesten. 

Gedenkmonument voor de Poolse slachtoffers van het communisme in Jedwabne. Foto: Ilona Versteeg

Te snel afgeslagen en we kwamen uit op een katholieke begraafplaats. Voor de ingang troffen we een ander gedenkmonument aan.

Voor de slachtoffers van de NKWD en UB **)

“Ter nagedachtenis van de 180 bewoners en 2 priesters van Jedwabne, vermoord door de  NKWD, Duitse nazi’s en UB tussen 1939-1956”

Het Oosten van Polen was nog voor de WOII het doel van de Sovjet zuiveringen. NKWD vermoordde toen ruim 100.000 Polen in de z.g.n. ‘operatie Polen‘. (3)

Nadat het Derde Rijk en de Sovjet-Unie samen Polen in september 1939 binnenvielen, gingen deze zuiveringen (aan beide kanten) door. De politiek- en crimineel geradicaliseerde, communistische bendes pleegden op de burgers moorden, berovingen, verkrachtingen. De massagraven uit die tijd tellen honderden slachtoffers.

Bij de terugtrek van de Sovjets in 1941 (begin van de oorlog met Duitsland) had de NKWD een opdracht om de sporen van de communistische misdaden te wissen, d.m.v. de dodenmarsen richting de Sovjet-Unie en executies van de krijgsgevangenen.

Vanaf 1944 beginnen de bolsjewieken opnieuw “(…) razzia’s, pacificaties, liquidaties. Verdere transporten van de Poolse bevolking ver naar het oosten [Siberie, Kazakhstan], in de ellende en verderf“. (4)

Steeds dichterbij de schuur

Een oudere mevrouw gaf ons vriendelijk de volgende aanwijzingen. Gauw zagen we al de plek in de verte.

Joodse begraafplaats, Jedwabne. Foto: Ilona Versteeg

Aan de linkerkant een Joodse begraafplaats omheind met een muur van grote, vierhoekige stenen, los tegen elkaar aangezet. Een open verroeste poort en meteen een gedenksteen. Onderaan een krans van de toenmaligen Poolse premier, Beata Szydło. 

Foto: Ilona Versteeg

Een tekst op de gedenksteen binnen de Joodse begraafplaats vermeldt dat daar de lichamen van de vermoorde Joden uit de schuur lagen. Maar is het zo? Uit mijn zoektocht blijkt dat de lichamen tot nu toe nog niet zijn overgebracht naar de begraafplaats in Jedwabne of in Israel, zoals het volgens de religieuze Joodse voorschriften zou moeten gebeuren. De exhumatie uit 2001 werd onderbroken en verder verboden, het onderzoek naar de waarheid gestopt …

Plaats tussen de Joodse begraafplaats en de plek van de ‘schuur’. Foto: Ilona Versteeg

Tegenover de Joodse begraafplaats bevindt zich een plek waar de schuur stond, de plek waar een groep van Joden uit Jedwabne was vermoord.

Een stenen omtrek, binnen een gedenkmonument. Op de voorkant van het monument zien we verbrande planken die de verbrande schuur zouden moeten symboliseren. Een tekst in Hebreeuws en in het Pools, Israëlische vlag, veel kransen van staatshoofden. Iemand heeft er een mooie uitspraak van de paus Johannes Paulus II neergezet.  

Gedenkmonument voor de Joden uit Jedwabne. Foto: Ilona Versteeg

Aan beide kanten van het gedenkmonument zien we een plantenbegroeiing op twee plekken.
De eerste, een grotere aan de rechter kant van het monument (op de foto) is de plek waar de schuur stond en waar het eerste, grotere graf ligt. 
De tweede, kleinere beplanting vormt de tweede kleinere graf die buiten de schuur was.

Een vijandige omgeving?

We waren niet de enigen die op die dag de gedenkplaats zochten. 

Een Joods paar gebruikte GPS in haar zoektocht. Zoals wij, dwaalden ze een beetje rond.

Op de katholieke begraafplaats viel me een jonge Joodse man op. Vrij snel, bijna rennend doorzocht hij de begraafplaats.

Het is ongebruikelijk in Polen om op een katholieke begraafplaats te rennen. Later zagen we dezelfde man bij de schuur staan.

Geen gesprekken, nauwelijks elkaar aankijken of groeten. Ik kreeg de indruk dat ze snel komen en weer snel gaan alsof ze zich in een vijandige voor hen omgeving bevonden.

“Al waren het 40 miljoen mensen, die het initiatief onderschrijven, zal geen opgraving in Jedwabne plaatsvinden”.

… Dit heeft onlangs ene Jonny Daniels, hoofd van de stichting From the Depths publiekelijk verklaard. Een opgraving in Jedwabne zou in strijd zijn met de Joodse religieuze wetten. (5)

Toen dezelfde Jonny Daniels de vooroorlogse graven van Joden in Dobrzyń (red. Polen) aan de Vistula vond, belde hij Rabbi Schudrich en kreeg de opdracht om de overblijfselen en botten naar Warschau te vervoeren en ze op de Joodse begraafplaats in Okopowa te begraven. (5)

Schending van grondwettelijke rechten in Polen

In Polen wordt het grondwettelijke recht van Polen op de waarheid over de gebeurtenissen van juli 1941 in Jedwaabne geschonden. Ook historici mogen hun werk niet doen.

De minister van Justitie van de Republiek Polen is in staat om historisch onderzoek vele jaren onrechtmatig te blokkeren, historici de toegang tot gerechtelijke archieven of belangrijke geheime documenten te ontzeggen“, schrijft historica dr Ewa Kurek. En zo gebeurde het in het geval van historisch onderzoek in Jedwabne. “Ministers, aanklagers en rechters hebben absolute macht over historisch onderzoek.” (6)

1600, 900, 350, …?

In wezen weet niemand hoeveel lichamen onder de schuur liggen en hoe ze zijn omgebracht.

In 1949 vermelden de communisten (ZBOWiD)***) 1600 doden, in 1967 verklaarde de Districtscommissie voor onderzoek naar nazi-misdaden in Bialystok dat het 900 waren en in 2002, 350. Alles zonder onderzoek en exhumatie.

Prof. Andrzej Kola en zijn team begonnen een opgraving in 2001 nadat het boek van Gross verscheen. De bemoeienis van de Amerikaanse rabbijn M. Schudrich, de Amerikaanse Joden en Israel liet niet lang op zich wachten.

Ze frustreerden het werk van prof. Kola op elk punt. Geen beenderen mochten opgetild worden. Op het moment toen de onderzoekers “46 hulzen van de Duitse Mauser-wapens, type MG34” (7) vonden, daarnaast nog kostbaarheden op de lichamen van de vermoorde Joden, mocht de opgraving niet meer doorgaan.

Als Polen geen angst voor de waarheid hebben, wie dan wel?

Zowel het voorlopige rapport van de exhumatie door prof. Andrzej Kola als de beslissing over het stoppen van de exhumatie van de minister behoren tot de meest bewaarde geheimen.

De linkse groepen in Polen gebruiken ondertussen ‘Jedwabne’ om Polen de schaamte aan te praten over iets waar ze geen schuld aan hebben. Sommige Joodse groepen zien daarin een gelegenheid om Polen als een antisemitisch land in de wereld te presenteren. En hoe ongelooflijk het ook mag klinken, gebruikt Duitsland ‘Jedwabne’ om eigen schuld uit de Tweede Wereldoorlog met Polen, hun slachtoffers te willen delen! (8)

De Sovjets bolsjewieken hadden hun eigen belang bij om de waarheid over de aantallen van de slachtoffers te vervalsen. Welk belang hebben de huidige autoriteiten in Warschau om een historisch-wetenschappelijk onderzoek naar de moorden in Jedwabne te dwarsbomen, en de burgerlijke initiatieven zoals ‘Stop447‘ en de ‘de hervatting van de opgraving in Jedwabne‘ te negeren?

ongegronde claims van joodse organisaties. Edward Reid

Vorige blog: S-447, een uitkomst van een goed georganiseerd en vooruitgedacht plan – deel 2 (blog#58)

Meer lezen:

Drie genocides op de Poolse bevolking in de WOII: Ribbentrop-Molotov pakt en de samenwerking van Gestapo en de Sovjets NKWD

Het General Gouvernement (GG), het meest uitgebuit en vernietigd gebied uit alle door Duitsland in de WOII bezette gebieden: blog#43, blog#45, blog#48

Serie aan blogs over de Amerikaanse wet S-447, die in de eerste plaats Polen aanvalt en een precedent schept voor de rest van de wereld: blog#51 t/m blog#58

Bronnen

*) Sybiracy is een ere titel; deze naam krijgen Polen die voor de vrijheid van eigen land in de geschiedenis hebben gevochten. De straf daarvoor was onteigening en verbanning naar Siberië. Deze straffen pasten Russische tsaren in de achttiende en negentiende eeuw (deling van Polen) en de bolsjewieken in de Tweede Wereldoorlog toen Sovjet-Rusland Polen in 1939 aanviel en na 1944.

**) NKWD, Sovjet repressieorgaan; UB (Urzad Bezpieczeństwa), communistische veiligheidsdienst in de Volksrepubliek Polen, die de belangen van de partij waarborgde, door de tegenstanders van het systeem te elimineren. Zoals altijd bij de totalitaire systemen: ‘het doel heiligt de middelen’

***) ZBOWiD, een officiële, door de communistische staat gecontroleerde veteranenvereniging in de Volksrepubliek Polen; gevormd in september 1949

(1) Ewa Kurek: “Polacy i Żydzi: problemy z historia” [Polen en Joden: problemen met de geschiedenis], Wydawnictwo Clio, pag. 209

(2) idem, pag. 210

(3) Leszek Zebrowski: “Zydzi, Polacy, komunizm 1939-2012 – Mity przeciwko Polsce” [Joden, Polen, communisme 1939-2012]; Uitgeverij Capital 2014, pag. 68

(4) idem, pag. 70

(5) https://www.salon24.pl/u/konfederat1000/924222,jonny-daniels-osmieszyl-przeciwnikow-ekshumacji-w-jedwabnem-oraz-sam-siebie-czy-zlamal-prawo; J. Daniels is een Engels-Israelische Jood die uit het niets in Polen verscheen en die met de belangrijkste mensen uit de regering, de president op de foto’s komt. Ieder denkend mens in Polen vraagt zich af, met welk recht maakt deze man dit soort verklaringen, en welk recht geldt nog überhaupt in Polen?

(6) Ewa Kurek: “Polacy i Żydzi: problemy z historia” [Polen en Joden: problemen met de geschiedenis], Wydawnictwo Clio, pag. 21-22

(7) idem, pag. 95

(8) Ewa Kurek, “Jedwabne, anatomia klamstwa” [Jedwabne, anatomie van een leugen], Lublin 2018, pag. 152

(9) idem, pag. 85

Blog#54: Amerikaanse wet “Act S-447” vs de poging tot afpersing van Polen. De mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de WOII. Terugblik in de 123 jaar bezetting van Polen.

(…) Wee degenen die onrechtvaardige wetten uitvaardigen, die de onderdrukking wettelijk bekrachtigen. Zij verdraaien het recht van de zwakken (…)” – Jesaja 10:1-2

De onderwerpen die in de blogs 51 t/m 58 aan bod komen:

  1. “S-447 JUST” – De inleiding:  historische feiten lijden, voor wie de schadeloosstelling en teruggave van bezittingen, “Magdalenka/Rondetafel afspraken van 1989” en de communistische invloed anno 2019
  2. S-447 JUST” is onverenigbaar met de Amerikaanse constitutie
  3. Verdrag van Luxemburg d.d. 10 september 1950 tussen de Duitse Federale Republiek en Israël
  4. Verdrag d.d. 16 juli 1960 tussen Polen de VS en andere Europese landen  
  5. Mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de Tweede Wereldoorlog – wie is wie iets schuldig? Deel 1, Deel 2
  6. “S-447 JUST” – uitkomst van een goed georganiseerd en vooruitgedacht plan van de Joodse organisaties. Deel 1, Deel 2
  7. “Holocaust restitutie – dubieuze en frauduleuze onderneming van de Joodse organisaties”, helaas is dit artikel van de fenixx.org van internet verdwenen.

Tegenover de dreiging van Pruisen en Rusland medio achttiende eeuw

rozbiory Polski. Bron: rozbria.pl

In Polen bestond een traditie om Joden hun zaken zelf te laten regelen. Het begon met de privileges die Poolse koning, Kazemier de Grote, Joden in de 14de eeuw gaf.

400 jaar gaat het goed in de Pools-Joodse relatie. De 15de eeuw is bekend van een goede conjunctuur en in de 16de eeuw beleeft Polen de gouden eeuw.

De 17de eeuw noemt Ewa Kurek een ongelukkige tijd voor Polen. Het land wordt van alle kanten aangevallen. Waaronder de Zweedse zondvloed verwoest het land.

In de 18de eeuw blijkt de schatkist leeg te zijn, er zijn veel politieke en economische problemen. (23)

De economische toestand van de Poolse bevolking medio achttiende eeuw was dramatisch, schrijft Feliks Koneczny, filosoof, historicus en kenner van de beschavingen. (1) 

De hervormingen zouden het land herstellen en moderniseren. Een sterk leger zou Polen van Pruisen en vooral van Rusland onafhankelijk maken. Daar was geld voor nodig.  

Joodse schulden aan de schatkist

Het Joodse parlement, het z.g.n. ‘vier landen parlement’ was geroepen om de belastingen onder de Joden te laten innen en aan de schatkist te betalen.

In 1764, het kroningsjaar, komen de Joodse zaken voor het eerst onder de aandacht. Na 400 jaar blijkt dat de schatkist leeg is, de Joodse belastingen komen niet meer binnen, de Joodse elite rijker dan de koning wordt en de Joodse massa’a steeds armer worden. (23)

Joodse bankiers in opdracht van de Pruisische koning verpestten opzettelijk de waarde van de Poolse munt en fraudeerden wijdverbreid met de belastingen, die ze aan de Staatskas verschuldigd waren, voor gigantische bedragen. (7)

Om daar korte metten mee te maken, schaafde Poolse koning de hogere Joodse structuren af. Het Poolse parlement nam de belastinginning van de Joden over en heeft een verzoek tot terugbetaling van de schulden bij de Kahals ingediend. (5) 

“Staat binnen een staat”

Tijdens de administratieve hervorming is gebleken dat de Joodse gemeenschap in Polen een soort ‘staat binnen een staat‘, ‘natie binnen een natie‘ was. 

De enige verbinding tussen de juridisch-administratieve structuren van de Poolse staat en de religieuze structuren van de Joodse gemeenschap – schrijft historica Ewa Kurek – was de z.g. Judeanus, die aan het koninklijk hof verbleef. (2)   

Macht van de Kahals

De macht van het bestuur binnen de Joodse gemeenschap, de Kahals, en de uitbuiting van de geloofsgenoten blijken buitensporig. 

Medio achttiende eeuw, aan de vooravond van de deling van Polen ontstaat een hevige strijd binnen de Joodse gemeenschappen, tussen de voor- en tegenstanders van de Kahals.

Het is een verzet tegen de macht van de Joodse elite, bestaande uit één paar rijke families die niet alleen de Joodse “massa’s genadeloos exploiteerden, maar bemoeiden zich ook met elk aspect van hun leven“. (3)

De armoe en overbevolking van de Joodse massa’a beginnen medio achttiende eeuw nadrukkelijk zichtbaar en problematisch te worden. (4)

Joodse schulden aan de magnaten

De economische eisen van de Poolse magnaten vormden een andere reden voor de hervormingen. De Joodse gemeenschappen, Kahals hadden ook enorme schulden bij de adel, magnaten en de geestelijken.  

De Kahal’s maakten schulden bij de rijkere Polen en door kredietmisbruik dreigden failliet te gaan. Deze situatie had vanzelfsprekend fatale gevolgen voor de vooraanstaande families in Polen en kon ze ten val brengen.

Deze kredieten hadden speculatief karakter en waren een langere tijd aan de gang. 

De Poolse magnaten leenden de Kahals geld met 6% rente. Tegelijkertijd bedroeg de handelscommissie tussen de Joden onderling 35%. Het was voor hen een zeer lucratieve business, een soort geldpiramide, en ze leenden zo veel mogelijk. (6) Het had te maken met de door de Kahals bedachte exploitatierechten, de z.g.n. “chazaka” en “meropia”. **)

Schulden volgens het onderzoek uit 1764

Volgens het onderzoek van de parlementaire commissie uit 1764  ging het om kosmische voor die tijd bedragen: 2,5 miljoen PLZ. 1,5 miljoen daarvan waren schulden bij de geestelijken. 

De deling van Polen die kort daarna plaatsvond, maakte het onmogelijk om alle schulden in kaart te brengen, zoals de kleinere claims van de rijkere plattelandsheren. 

Geen één schuld is ooit terug betaald.  

Bij de huidige bankpraktijken en de toepassing van strafrentes over het gehele periode, tot nu toe komen de deskundigen op een schuld van 25 biljoen USD uit. 

Men vergeet vaak, schrijft Ireneusz T. Lisiak, dat de in Polen financieel actieve Joden leningen van de banken ook vóór de [Tweede Wereld]oorlog namen. Als onderpand voor de leningen gebruikten ze hun onroerend goed, waarop al hypotheken waren afgesloten. Deze hypotheken zijn ook nooit afbetaald. (24)

Vergeefse pogingen om Joden in Polen te laten emanciperen en ze voor de Poolse zaak te winnen

De hervormingen voorzagen voor de Joden gelijke rechten met de christenen, verplichte scholing in een Poolse openbare school en opschorting van drankvergunningen voor een periode van 50 jaar. 

De meerderheid van de Poolse Joden was daar tegen en bleef liever in de afzondering. Elke verandering zagen ze als een aanval op hun materiële en morele belangen. 

‘De herbergiers, overijverig opgeleid in de Talmoed konden geen pioniers van de hervormingen zijn. De ouderlingen, die ten koste van de gemeente leefden, wilden geen veranderingen, omdat ze geen macht en winst wilden verliezen’.

Joden noemden Polen ‘hun paradijs en een beloofde land, want ze hadden er alles wat nodig was om hun spirituele onderscheid te behouden. En met het geld dat ze de dorpelingen listig afpakten, betaalden ze de rijken voor de vrijheden en vrijstellingen die de wet ze niet wilde geven.’ (8)

Houding tegenover de staat 

Wat Polen en Joden van elkaar scheidde, waren niet alleen de religie, cultuur en de economische rivaliteit, maar ook de houding tegenover de staat. De bezetters maakten daar gebruik van. (9) 

Mikolaj Repnin zei over de Kosciuszko Opstand [red. 1794] dat “alle joden (…) in hun ijver ons begunstigden”. “In de oorlog 1812-13, toen de Polen met hulp van Napoleon hun vrijheid hoopten te winnen, hebben joden de kant van de Russen gekozen (…). Alle joden waren ons [Russen] zo toegewijd (…) en heel vaak gaven ze aan ons de belangrijkste informatie door”. “(…) Ook in de november opstand [1830] dienden ze meer het bezettende Russische leger dan het Poolse (…)”. (9)

In 123 jaar van de bezetting van Polen, gebruikten de bezetters ook andere nationale minderheden zoals Oekraïners, Wit-Russen of Litouwers in hun anti-Poolse plannen. Dat gebeurde na 1918 en in 1939-45. 

Zowel in de Poolse geschiedschrijving als de Poolse traditie heeft men elke samenwerking met de bezetter als verraad gezien, ongeacht of het een Duitse, Sovjets, Zweeds, Russische of Oostenrijkse bezetter was. (10)

Magnaten trekken hun steun terug

Tijdens de 123 jaar durende bezetting van Polen, zochten Polen de gewone menselijke solidariteit. Ze zochten het overal in de wereld, maar vooral onder diegenen die het land sinds de eeuwen bewoonden. 

De adel en de magnaten waren als stand verplicht het land te verdedigen. *)

De houding, die de Joden tegenover de strijd voor de onafhankelijkheid van Polen hadden aangenomen, zag men als onverschilligheid en verraad. Daarom begonnen magnaten hun steun voor de Joden terug te trekken.

Desondanks verloren Polen in de negentiende eeuw het vertrouwen niet in het wakker maken van de massa’s Poolse Joden om samen te vechten.

Met elke opstand uit 1794, 1812, 1830, 1846, 1863, elk gevangenschap en verbanning naar Siberië, en weer op nieuw een verzet, riepen ze hen op om samen te vechten. (11)

De jaren vlogen voorbij en slechts een paar Poolse Joden begreep het idee van de Pools-Joodse broederschap van bloed. (12)

Één van hen was kolonel Berek Joselewicz. “De eerste die wilde en kon met de tirannie van de kahal’s en de almacht van tsadicks breken (…)“. (13) 

Joden, zoals de Joodse historicus, Majer Balaban het zei, “waren zich niet bewust van de plotselinge verandering, ze begrepen de bezetting niet, het interesseerde hen niet dat drie mogendheden de deling van Polen hadden ondertekend (…)“. Ze aanbaden de indringers en zwoeren hen de loyaliteit. (14)

Een vreemd land?

Ondanks het feit dat Poolse Joden bijna duizend jaar het Pools grondgebied bewoonden, bleef Polen voor de meerderheid van hen een vreemd land. Polen dienen betekende een vreemde zaak dienen. (…) Poolse Joden leefden in de historische traditie van eigen volk, eigen mysticisme, religie en legendes“. (15)

De bezettende machten waren voor hen even legitiem als de macht van de Poolse koningen. Ze begroetten de bezetters met hen toebehorende eer, ze baden voor ze en ze onderwierpen zich daaraan zonder te veel weerstand.

Het blijkt dat de Joodse geschiedenis, tradities, liturgie en de religieuze principe die Joden hebben, het voor hen onmogelijk maakte om de historische en religieuze last van hun eigen natie met de last van de Poolse geschiedenis en het Poolse concept van patriottisme en vrijheid te kunnen verzoenen“, schrijft historica Ewa Kurek. (16)

In alle door Pruisen, Rusland en Oostenrijk bezette delen van Polen begon het proces van assimilatie van de Poolse Joden in de culturen en samenlevingen van Rusland, Pruisen en Oostenrijk. Het was een gevaarlijke voor de Poolse zaak ontwikkeling en de hoofdmotor voor de vijandigheid tegen de Joden. (17)

Eigen belang en geen solidariteit

Nu weten we, zegt historica Ewa Kurek, dat de houding van de Joden vooral werd bepaald door de bezorgdheid om te overleven en de vorm van het Joods leven, die ze door de eeuwen heen op het Pools gebied hadden opgebouwd, in de onveranderde vorm te behouden”.

Polen gaven hun beste zonen en dochters om voor de vrijheid van Polen te vechten. Ze verwachtten van Joden geen afstand van hun eigen religie maar solidariteit. 

De houding van de Joden tegenover de bezetters en gebrek aan solidariteit tegenover Polen noemde men bij de naam: een enorme ondankbaarheid en duidelijk verraad van de buitenlanders.

Poolse oorlog tegen de Bolsjewieken. Bron: Polish club

Polen hadden het volste recht om solidariteit van de Joden te verwachten, zowel in de strijd als de opbouw van de Poolse staat, die de Joden en hun belangen door de eeuwen heen beschermde. 

Dus op het moment toen de Polen hun onafhankelijkheid in 1918 hadden herwonnen, één ding werd duidelijk dat “de Joodse ‘natie’ geen vertrouwen, respect en solidariteit van de opgebouwde Poolse staat verdiende“. 

Deze overtuiging werd des te meer versterkt door de Joodse claims op het Poolse grondgebied.

Het gebeurde voordat nog de laatste strijd voor de onafhankelijkheid moest worden gewonnen. (18) 

Op 21-22 oktober 1918 vond de zionistische conferentie in Warschau plaats. Izaak Grünbaum eiste van de Poolse staat een constitutionele garantie voor de nationale autonomie voor de Joden in Polen. (19) 

Door dit soort eisen te accepteren, “zou Polen geen product meer van het nationale leven zijn – zei Poolse politicus Joachim Lelewel – maar een naamloze vennootschap waarin de verschillende naties een staat vormden om hun materiële belangen te bevredigen”
In Polen, vanaf het moment van het herwinnen van de onafhankelijkheid in 1918 hadden de Joodse, Ruthenische [Russische] en Duitse minderheden gelijke rechten met de Poolse bevolking. Ze waren op gelijke wijze in alle gezamenlijke organen vertegenwoordigd.

Als ze daarnaast nog afzonderlijke lichamen kregen, zouden Polen er als de enige natie tot de rol van een paria in hun eigen land gereduceerd worden. (20)

Dat kon niemand accepteren. 

Het is ook het moment waarop de vijandige propaganda tegen Polen begon.

Bron: historiek.net

Het ging zelfs zo ver dat Polen in het verdrag van Versailles in 1919 slechter werd behandeld dan de Duitsers, de aanstichters en verliezers van de Grote Oorlog.

Met een uitzondering van 1-2% hebben Joden tijdens de 123 jaar gevangenschap van Polen geen solidariteit getoond. Ze hebben geen deel aan de strijd en de opbouw van de nieuwe Poolse staat genomen. Ze waren echter de eersten, die van de nieuw gewonnen onafhankelijkheid wilden profiteren door mede eigenschap van Polen te eisen. (21)

wordt vervolgd

Vorige blog: Wie waren de Poolse Joden?

Volgende blog: Welke groep Poolse Joden heeft de oorlog overleefd

Terug naar het begin: blog#1

*) Elke stand had in de Eerste Republiek Polen duidelijke rechten en verplichtingen – de adel: politiek en de verdediging van het land, boeren akkers bewerken, priesters bidden, stedelingen ambacht en verzorging van de stad. Hoewel Joden formeel geen stand waren, behandelde ze men wel als zodanig. Hun taak was handel en het verstrekken van leningen. 

**) Volgens de Joodse wet (Talmoed) is alles wat niet-Joden hebben, een ‘woestijn’ of een ‘vrij meer’, waar Joden zich op hun eigen manier mogen vestigen, zoals hun eigen welzijn het vereist. Men had dus bedacht dat alles wat niet-Jood heeft, is eigendom van de Kahal.

De Kahal kon een niet-Jood zijn eigendom niet zomaar afpakken, daarom heeft hij voor zijn eigen gebruik de ‘exploitatierechten’ van niet-Joden bedacht. Deze rechten mocht een Jood van de Kahal door middel van veiling ‘kopen’. Deze ‘rechten’ waren beschermd en erfelijk. Als de ‘exploitatierecht’ over een grond ging, noemde men het ‘chazaka’, en over een persoon ‘meropia’. “Wie op deze wijze een goj (niet-Jood) of zijn eigendom ‘verwierf’, mag hij er zijn eigen winsten bedenken, naar willekeur handelen, zich niet beperkt voelen en voor geen concurrentie vrezen“.

Deze praktijk ontstond in Polen eind zestiende eeuw.

“Zo zag de Joodse economie in Polen eruit”, schrijft Feliks Koneczny, “(…) dat medio achttiende eeuw het hele land met chazaka of meropia werd beplakt. Er bleken twee wetten, het Poolse en het Joodse, twee eigendomsrechten en twee rechterlijke machten op het gebied van eigendom te bestaan”. (22)

Bronnen:

(1) Feliks Koneczny, Cywilizacja zydowska, deel III, walka o byt, ekspansja”, pag. 55-56 [De Joodse beschaving, deel 3. De strijd om het bestaan, de uitbreiding]

(2) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45”, str. 52 [“Voorbij de grens van solidariteit”. Pools-Joodse relaties 1939-45″]

(3) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag.92 – na: S. Hirschhom “Historia Zydow w Polsce od Sejmu Czteroletniego do wojny europejskiej (1788-1940)”, pag.18; Warszawa 1921- [De Joodse beschaving, deel 3. De strijd om het bestaan, de uitbreiding; S. Hirschhom “Joodse geschiedenis in Polen v.a. de Vierjarig Palrement tot de WOII (1788-1940)”]

(4) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag. 56 – na Zalkind Hurwicz “Usprawiedliwienie czyli Apologia Zydow, I,2; Warszawa 1786 – [De Joodse beschaving, deel 3. De strijd om het bestaan, de uitbreiding; Zalkind Hurwicz “Rechtvaardiging of verontschuldiging van Joden”, I 2, Warszawa 1786]

(5)  Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45” str. 52 na: A. Eisenbach “Emancypacja zydowska na ziemiach polskich 1785-1870”, Warszawa 1988, s. 42 [Voorbij de grens van solidariteit. Pools-Joodse relaties 1939-1945 – na: A. Eisenbacht “Joodse emancipatie op het Pools grondgebied 1785-1870]

(6) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag. 102-103 [Joodse beschaving]

(7) https://justice4poland.com/2019/02/26/dlugi-zydow-wobec-polski/comment-page-1/ [Justice4Poland_Joodse schulden aan Polen]

(8) B. Stanislawczyk “Kto sie boi prawdy? Walka z cywilizacja chrzescijanska w Polsce”, pag. 112-114 [ “Wie is bang voor de waarheid? Het gevecht tegen de christelijke beschaving in Polen”]

(9)  B. Stanislawczyk “Kto sie boi prawdy? Walka z cywilizacja chrzescijanska w Polsce”, pag. 114-115

(10) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45”, pag. 13

(11) idem, pag. 60

(12) idem, pag. 64

(13) idem, pag. 55 na: Z. Hoffman, Berek Joselewicz, in: Kalendarz zydowski 1984-1985, Warszawa 1984, str. 116

(14) idem, pag. 53-54

(15) idem, pag. 64-65

(16) idem, pag. 66

(17) idem, pag. 62

(18) idem, pag. 68-69

(19) idem, pag. 68-69

(20) idem, pag. 71; uit het parlementair verslag, november 1920, l.59

(21) idem, pag. 71

(22) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag. 107-109 – na: Brafmann: ‘Joden en de Kahals’ (vierde uitgave), met uitleg van Teodor Jeske-Choinski; Warszawa, 1914

(23) TV Niezalezny Lublin, gesprek met historica Ewa Kurek over de Joodse schulden de zogenaamde ‘schulden op synagogen’ uit 1764; d.d. 8-11-2019: https://youtu.be/58qUj3kY9VA [TV Onafhankelijk Lublin]

(24) Ireneusz T. Lisiak, “Zaklamany Holokaust”, pag. 51 [De verkeerde voorstelling van de Holocaust]

mijnpolen.nl