Tag: antisemitisme

Blog#32: Pools-Joodse relatie en de anti-Poolse stereotypen in Amerika

Communistische dictatuur isoleert Polen
Tijdens de communistische dictatuur tussen 1944 en 1989 hadden Polen geen mogelijkheid om hun versie van de geschiedenis in het Westen te verdedigen.
De communisten in Polen vertegenwoordigden de belangen van Moskou en alles moest met de lijn van de partij stroken. De censuur en de politieterreur beperkten de vrijheid van discussie in het land. Dit alles heeft buitengewoon slechte invloed op wetenschappelijk onderzoek gehad.
De communistische dictatuur heeft de Polen in ballingschap ook het zwijgen opgelegd. Het betrof in het bijzonder de tegenstrijdigheden in de Joodse dagboeken en ‘The Books of Memory’ (Yizkor bukh), die bekendmaking van namen en details vereisten.
Het schrijven en praten over de nieuwste Poolse geschiedenis in die tijd was voor hen onmogelijk. Het zou hun familieleden en vrienden, die in Polen achterbleven aan de represailles van het regime bloot stellen (3).
Onze grootouders en ouders werden letterlijk voor 50 jaar opgesloten.
Tegelijk in de wereld
Op hetzelfde moment had de wereld van wetenschap in het Westen de vrijheid van open discussie over de geschiedenis van Polen. Maar om veel redenen waren de resultaten daarvan vaak door ernstige fouten getroffen, zegt prof. Chodakiewicz o.a.:
  1. de communistische archieven waren ontoegankelijk. Er was geen mogelijkheid om de officiële communistische propaganda met de documenten te vergelijken.
  2. de discussie over Polen liet de ideologische verdeeldheid onder de westerse onderzoekers zien, veroorzaakt door de koude oorlog. Dit deed de onpartijdigheid geen goed.
  3. de Poolse onderzoekers in ballingschap, zonder geld en documenten waren niet in staat hun westerse collega’s tot een concrete discussie over de geschiedenis aan te zetten.
  4. bovendien waren veel Amerikaanse wetenschappers ontmoedigd door iets dat ze dachten een ongegrond en militante Poolse provincialisme was. Daarom stemden ze graag in met de aanhoudende, kritische argumenten tegen Polen.
Men ziet dus Polen door middel van een zeer beperkt en restrictief geschreven Duitse, Russische, Oostenrijkse, Sovjets en Joodse geschiedenis. Polen is praktisch gezien afwezig als onafhankelijke factor bij het wetenschappelijk debat in het Westen. Deze afwezigheid is vooral schrijnend ten opzicht van de Tweede Wereldoorlog (4) en de Pools-Joodse relaties (5).
Dogma in plaats van onderzoek
Pools-Joodse geschillen van de jaren 50-tig en 60-tig in Amerika gingen in wezen niet verder dan de Poolse en Pools-Joodse intelligentsia in de VS. Toen bestonden nog de Pools-Joodse vriendschappen van voor de oorlog binnen de elites. Er was sprake van partnerschap in gesprekken, ruimte voor feiten en elkaars argumenten.
Vanaf de jaren 60-tig ontwikkelde een paradigma (gedachtepatroon) in Amerika, die schokkende stereotypen en valse ideeën over Polen verspreidt en die aan de basis van de meeste huidige Pools-Joodse problemen liggen, zegt prof. Chodakiewicz.
Dit gedachtepatroon:
  1. verwerpt het bestaan van de waarheid en een wetenschappelijke onderbouwing,
  2. neemt zonder kennis te maken met de feiten de ‘Poolse schuld’ aan, in elk conflict tussen Polen en Joden (collectief of individueel),
  3. verklaart ook de collectieve verantwoordelijkheid van ‘Polen’ voor de Holocaust
Deze schokkende stellingen – dogma in plaats van onderzoek – hebben op een absolute wijze de intellectueel kringen en de massacultuur in Amerika gedomineerd (5) .
Pools-Joodse relatie: privé en publiek
In de privésfeer in Amerika, volgens prof. Chodakiewicz, bestaan nauwelijks conflicten in de Pools-Joodse relaties. De etnische en religieuze achtergronden van mensen in Amerika spelen bijna geen rol. Maar daar hoort men bijna niks over in de huidige media. In zijn boek (5) laat prof. Chodakiewicz veel voorbeelden van hartelijke contacten tussen Polen en Joden in Amerika zien.
In de publieke sfeer staan de zaken er anders voor, zegt hij. In politiek en cultuur maakt het minder uit wie we zijn of wat de waarheid is. Belangrijker is hoe mensen ons zien, de perceptie.
In de eerste plaats zijn dat de intellectuele, universitaire kringen in Amerika, die deze afschuwelijk gekleurde stereotype over Polen creëren.
De nieuwe methodologische stromingen in de geschiedenis zoals, postmodernisme, deconstructie, New Historicism of recovered memories *), en de psychoanalytische benadering van bronnen en overleveringen versterken het alleen. Het effect is dat, speculatie en intellectuele debatten vervangen de wetenschap (5).
Ideologische drijfveer
Professor Chodakiewicz legt uit dat al die beschuldigingen van Polen niks met religie of nationalisme te maken hebben, maar puur met de kijk naar de wereld, de ideologie dus.
Hij geeft twee voorbeelden aan, die de situatie duidelijker maken.
Een journalist in The Washington Post verwijt Polen dat ze tijdens de WOII bleven zwijgen: “Maksymilian Kolbe, de katholieke priester zei niks en deed niets toen de Joden werden vermoord. De journalist noemde Maksymilian Kolbe een onverdraagzame antisemiet. De hele Poolse militia, speciale diensten (SB) en het leger zwegen tijdens de pogrom in Kielce in 1947”. *)

schilderij van Mieczysław Kościelniak, Auschwitz *)

Prof. Juliana Geran Pilon reageerde op het artikel en schreef: “inderdaad het zwijgen is goud en als de journalist in kwestie niet weet waar hij het over heeft, zou hij moeten zwijgen”.
Zowel de journalist als prof. Pilon zijn van de Joodse afkomst. De journalist heeft echter linkse en prof. Pilon conservatieve overtuigingen.
Het tweede voorbeeld is een artikel in The New York Times, waarin een journalist de huidige regering in Polen van ‘homofobie’ beschuldigt. Hij noemt de Poolse president een nationalist, xenofoob, ultra-katholiek en antisemiet.
Op dit artikel reageerde een rabbijn uit Warschau: ‘laat de Poolse regering met rust!’.
De stem van de rabbijn was een evenwichtige stem, op traditionele en niet postmodernistische afwegingen gebaseerd.
(5)
Cultuuroorlog  in de Amerikaanse media
Deze artikels in twee de meest belangrijke bladen in Amerika hebben niks met Polen of de waarheid te maken, maar ze weerspiegelen de ‘cultuuroorlogen’ in de Amerikaanse media.
Het doel zijn hier de universele waarheden, het christendom en de traditie. “(…) ‘Anti-katholicisme is het antisemitisme van de intellectuelen‘ (…). Dit is het laatste publiekelijk toelaatbare vooroordeel in de VS (…)”, zegt prof. Chodakiewicz.
De linkse groepen in Amerika irriteert elke traditie en een conservatieve mening. Het maakt niet uit of het om een Poolse, Amerikaanse of Joodse religie, traditie en conservatisme gaat. In Amerika verliezen ze echter elke discussie op argumenten van hun conservatieve tegenstanders.
De politici in de jaren 20-tig en 30-tig van de vorige eeuw gebruikten antisemitisme om aan de macht te komen.
De linkse dictators van intellectuele modes gebruiken nu en pseudo vriendelijke houding tegenover Joden als een instrument om de aanwinsten van de Franse en bolsjewistische revolutie of de cultureel-seksuele revolutie in de Verenigde Staten van de jaren 60-tig te behouden (5).
Amerikaanse conservatisten weten niets over Polen en over de Poolse geschiedenis en hier laten ze zich door hun linkse tegenstanders manipuleren. Polen is hier eigenlijk onbelangrijk en dient alleen als uitvlucht om de westerse waarden in Amerika aan te vallen.

Vorige blog: Pools-Joodse relatie: anti-Poolse stereotypen met Duitsland en Rusland op de achtergrond

Bronnen en toelichting:
*) 
New Historicists do not believe that we can look at history objectively, but rather that we interpret events as products of our time and culture and that “…we don’t have clear access to any but the most basic facts of history…our understanding of what such facts mean…is…strictly a matter of interpretation, not fact”:
postmodernisme, het meest in het oog springende kenmerk van de stroming is het in twijfel trekken van lang gekoesterde begrippen als waarheid en romantische authenticiteit: http://nl.wikipedia.org/wiki/Postmodernisme
deconstructie is niet op zoek naar een dieper liggende structuur of systeem van betekenis. In tegendeel: deconstructie stelt dat betekenis niet te vangen is en niet gereduceerd kan worden tot een enkel model. Teksten (en in het bijzonder literaire) zijn niet te herleiden tot een enkele betekenis, maar zorgen altijd weer voor nieuwe betekenissen. Deconstructieve literatuurbenaderingen vinden we terug in verschillende hedendaagse theorieën als gender en feminisme, post-kolonialisme en cultural studies of cultural analysis:
**) een korte uitleg is hier op z’n plaats.
  1. Priester Maksymilian Maria Kolbe was een gevangene in Auschwitz en hij gaf vrijwillig zijn leven voor een medegevangene. Het straf was hongerdood. Omdat hij het buitengewoon lang volhield, hebben de Duitsers hem met een dodelijke injectie gedood.

    Schilderij van Mieczysław Kościelniak, een gevangene van Auschwitz. Op de schilderij heeft hij de dood van Maksymilian Kolbe vastgelegd. Meer info: http://www.mieczyslawkoscielniak.com

  2. militia (milicja), SB  waren communistische apparaten van terreur. Het waren de communisten die de onrusten in Kielce in 1947 provoceerden om de aandacht van het Westen af te leiden van de door de communisten vervalste verkiezingen van 1947.
(3) M.J. Chodakiewicz “Anatomia tzw. buntu, czyli nasz triumf in neo-matrix”, http://chodakiewicz.salon.24, 25-3-2010
(4) M.J. Chodakiewicz, “Transformacja czy Niepodleglosc?”, p. 216, PATRIA MEDIA 2014
(5) M.J. Chodakiewicz, “Transformacja czy Niepodleglosc”, “Stosunki polsko-zydowskie w XX wieku w perspektywie amerykańskiej” – Polska pamięć, pag. 298-313
propaganda woorden

Blog#2: Propagandafunctie van woorden

 
 
De links seculiere groepen in Polen (later ‘links liberalen’ genoemd) samen met de postcommunisten hebben de politieke en maatschappelijke discussie in Polen na 1989 gedomineerd.

 

De nieuwe maatschappelijke en politieke orde volgens hen vereiste een verandering van het waardesysteem die aan de basis van de westerse beschaving ligt: vrijheid, familie, geloof, gemeenschap, natie, vaderland, moraliteit, nationale identiteit, historisch geheugen, vaderlandsliefde, goedheid, waarheid. Al deze begrippen hebben een bepaalde waarde en ze vullen elkaar aan.

 

Een andere invulling van deze begrippen en vervaging van hun werkelijke betekenis heeft zijn gevolgen. Het eisen van de politieke subjectiviteit op nationaal, sociaal en staatkundig gebied brengt bijna automatisch een beschuldiging naar boven van eurofobie, xenofobie, marktfobie, provincialisme, nationalisme, antisemitisme en zelfs fascisme.
Iedereen die de door de EU opgelegde regels in twijfel brengt, gemotiveerd door het belang van zijn eigen land krijgt meteen de naam van een euroscepticus en in het vervolg een nationalist.

 

Het begrip ‘nationalisme’ heeft in het publieke debat het woord ‘chauvinisme’ verdrongen en het is bijna zijn synoniem geworden.

 

De tragische ervaringen met het Duitse nazisme vormden een gelegenheid om zowel de ‘natie’ als ‘nationalisme’ in diskrediet te brengen door ze ten onrechte met elkaar de identificeren. En het nationalisme gelijk aan het antisemitisme te stellen.

 

Historisch gezien was het Duits nazisme een racistische ideologie en geen nationale ideologie. Het was ronduit a-nationaal.(1)

 

Het is hier belangrijk duidelijk de verschillen te benadrukken tussen het Latijns nationalisme, in dit geval het katholiek, Pools nationalisme en het concept van het nationalisme uit de Germaans-protestantse stroom.

 

De totalitaire tendens die in Italië en Duitsland begin vorige eeuw ontstond, bracht met zich mee een nationaal egoïsme (anders darwinistisch nationalisme genoemd) of zelfs haat tegenover andere naties. Dit ging gepaard met het verwerpen van het christendom zoals in het geval van Hitler’s Duitsland.

 

Het Germaans-protestantse nationalisme was op bezetting belust, imperialistisch, waar de menselijke natuur in de publieke domein aan de staat was onderworpen. De geldende principes waren: de macht boven de wet, het doel heiligt de middelen.

 

In het Latijnse nationalisme of christelijk nationalisme daartegen hebben we het over een staat als gemeenschap. De gemeenschap is de drijvende, creatieve kracht achter de ontwikkeling van de staat en de politieke entiteit in de staat. Tussen de overheden en de samenleving bestaat een natuurlijke, organische samenwerking. En dit is juist het katholiek personalisme, die de basis voor de relatie tussen de staat en het individu in de Latijnse beschaving vormt.(2)

 

Een andere betekenis heeft ook het begrip ‘fascisme’ gekregen. Dit woord beleeft zijn opleving in de jaren 90-tig en dit keer in zijn valse betekenis. Hiermee wordt namelijk de rechtse en conservatieve kant van de politiek betiteld. Terwijl zowel het ‘nazisme’ als ‘fascisme’ linkse bewegingen waren. Het was Stalin die het woord ‘fascisme’ begon te gebruiken om zijn politieke tegenstanders te bestrijden.

 

De links-liberalen in Polen na 1989 namen deze retoriek over. Een ‘fascist’ betekent tegenwoordig een ‘politieke ketter’. Het dient om een persoon te stigmatiseren en uit de publieke sfeer uit te sluiten. De linkse groepen putten ook uit andere woorden, zoals: ‘racist’, ‘seksist’, ‘homofoob’, ‘kristen-ist’ (in het Pools = chrzescijanista), ‘antisemiet’ die met dezelfde bedoeling gebruikt worden.

 

Op deze manier ontstaat er een reeks van onderling afhankelijke begrippen: natie, nationalisme, fascisme, patriottisme, xenofobie, antisemitisme, waar nog een andere z.g.n. ‘moderner’ betekenis wordt aan toegevoegd.

 

Propaganda functie van deze woordenreeks is groot. Deze begrippen hebben een sterk gekleurde of emotionele waarde en ze beschikken tegelijk over een vage inhoud. Ze dienen geen communicatie maar een politieke strijd. Het zijn stigma woorden die klinken en werken als een vonnis. (3)

Volgende blog: “Georganiseerde brutaliteit van de z.g.n. ‘totale oppositie’ in Polen”

Vorige blog: “Ter inleiding op mijnPolen.nl”

Bronnen:
(1)(3) B.Stanislawczyk, “Kto sie boi prawdy?”, p. 699-700
(2) M. Ryba “Odklamac wczoraj i dzis”, p.133-135

mijnpolen.nl