Categorie: post-communisme

Europese Unie en Alierto Spinelli

Blog#19: EU vs. Midden- en Oost-Europa: het ideologische project van de hedendaagse Europese Unie

 

EU vs Midden- en Oost Europa

 

Wat is eigenlijk de Europese Unie en wat is haar doel?

 

Het doel van de Europese Unie, die in wezen in 2009 ontstond (voorheen Europese Gemeenschap), lijkt me een belangrijke achtergrond voor de huidige geschillen tussen Brussel en de landen van Midden- en Oost-Europa.

 

Vaak horen we in het nieuws over de “sancties”, zelfs over het “gebruik van dwang” tegen Polen of Hongarije. Deze landen vragen alleen om respect voor hun subjectiviteit en onafhankelijkheid. Wat is dan het probleem?

 

Ik durf te zeggen dat zowel de Hongaren als Polen vanuit een diepgeworteld instinct handelen. Ze signaleren de werkelijke problemen en gevaren in Europa, die de rest van de Europeanen, als ze willen luisteren, zouden alert moeten maken.

EU en marxisme

 

De landen van Midden- en Oost Europa hebben communisme overleeft, en ze weten waar ze het over hebben. Het is een wond, die lang geneest. Elke sfeer die deze ervaring benadert, veroorzaakt een reflex.

 

In het Westen, bij het woord communisme (en meer specifiek marxisme) denkt men aan Stalin, Sovjet Unie, ‘Oostbloklanden’, aan iets wat ver weg is en tot het verleden behoort. Over het algemeen is men ervan overtuigd dat communisme niet een slechte ideologie was, behalve dat het in de Sovjet-Unie verkeerd werd toepast.

 

De geschiedenis zit echter anders in elkaar.

 

Communisme is de uitvinding van Westerse intellectuelen en het was voor het Westen en niet voor het Oosten bedoeld. Maar in het Westen stoot het lang op weerstand.

 

Anders ging het in Rusland, waar men geen vrijheid maar de eeuwen lange onderdrukking kende. Lenin (2) slaagde erin om marxisme in zijn pure vorm, met gulags en terreur in te voeren, wat uiteindelijk tot de economische en culturele ineenstorting van het land heeft geleid.

 

 Duitsland, Frankrijk, Italie en het Manifest van Ventotene

 

Ventotene, Italië

Bron: wikiwnd.com

In augustus 2016 hebben Merkel, Hollande en Renzi elkaar op een vliegdekschip, dat bij het kleine Italiaanse eiland Ventotene werd aangemeerd, ontmoet.

 

Ze hebben een handjevol uitgenodigde journalisten toegesproken en het graf van Altiero Spinelli bezocht.
Renzi, Merkel, Hollande op Ventotene, Italië

Bron: roma.corriere.it

 

De vraag ontstaat waarom in de tijd, waarin Europa met zo veel problemen kampt (en het geldt zeker voor Duitsland, Italië en Frankrijk), hebben deze leiders nog tijd, nog moeite, nog kosten gespaard om de ontmoeting op Ventotene te organiseren?

 

En waarom waren toen niet de overige 24 leden van de Europese Unie aanwezig?

 

Wat heeft het ene met het andere mee te maken?

Een belangrijk verhaal, film “Altiero Spinelli and New Europe”

 

Ik moedig u uit om de film van Krzysztof Karoń (1) te zien, even stil te staan bij wat de politici u niet vertellen en om deze film met uw omgeving te delen.

 

Deze film is Pools gesproken en Engelse ondertiteld.

 

Een stem uit Canada, Jordan Peterson over postmodernisme en cultureel marxisme

 

Voor een breder perspectief en meer achtergrond informatie:

 

Jordan B. Peterson, Canadese klinische psycholoog en professor psychologie aan de Universiteit van Toronto, spreekt met de Epoch Times over postmodernisme en cultureel marxisme.

 

Naar schatting heeft communisme tenminste 100 miljoen mensen gedood. Hoewel zijn misdaden nog onvolledig bijeengebracht zijn, blijft deze ideologie nog steeds bestaan.

 

De Epoch Times probeert de geschiedenis en de overtuigingen van deze beweging, die een bron van tirannie en vernietiging sinds zijn ontstaan is geweest, bloot te stellen (3).

 

Deze film is Engels gesproken.

 

Bronnen:
(1) Krzysztof Karon, filosoof, publicist en maker van de film “Altiero Spinelli and New Europe”: www.historiasztuki.com.pl
(2) Bij de uitbraak van de revolutie verbleef Lenin niet in Rusland, maar in het Westen, Zwitserland, Duitsland. Zijn doel was de tsaar omverwerpen en de macht in Rusland met behulp van Duits geld overnemen. Hij wist het moment van chaos en apathie in het land voor eigen doeleinden goed te gebruiken:
http://www.dziennikpolski24.pl/artykul/3304134,lenin-po-trupach-do-wladzy,id,t.html
(3) https://www.youtube.com/user/epochtimesdigital
Omslagfoto/gebaseerd op: civilizeddiscontent.blogspot.com, bookdepository.com, roma.corriere.it

Blog#11: De media in dienst van de politiek na 1989: Gazeta Wyborcza van Adam Michnik

 

Inleiding 

 

Het meest waardevolle uit alle Ronde Tafel *) bepalingen was de oprichting van een onafhankelijk dagblad, die iedereen in het land zou bereiken. Een ware stem van de vrije samenleving en Solidarnosc. Zo ontstond het idee van een uniek dagblad, later “Gazeta Wyborcza” genoemd.

 

Iedereen van Solidarnosc steunde het blad moreel en op het gebied van werken. Vanaf het begin stonden het blad ter beschikking uitstekende schrijvers, overtuigd van hun roeping journalisten, ideeën van ervaren organisatoren, de ondersteuning van de meest waardevolle elite en hulp van de communistische staat.

 

Adam Michnik samen met zijn team had alles om van ‘Gazeta Wyborcza” het meest betrouwbare en eerlijke krant te maken. En wat is er van geworden?

 

Een uniek mediaal fenomeen, het grootste in haar soort in Centraal- en Oost-Europa. Michnik creëerde een dagelijks, opiniemakend blad die zeer snel haar eigen normen van journalistieke en politieke correctheid in Polen bepaalde.

 

Door tegenstanders “wybrcza” (“selectief”) genoemd, omdat ze zeer snel beroemd werd van een kenmerkende selectie van informatie, beoordelingen en opmerkingen.

 

“Gazeta Wyborcza” heeft haar hoofddoel bereikt, ze werd in Polen het grootste politieke instrument en een lucratieve onderneming (1).

 

Het begin

 

Afhankelijk werd “Gazeta Wyborcza” met het logo van Solidarnosc uitgegeven (het eerste nummer verscheen op 8 mei 1989). Solidarnosc was echter haar eigenaar niet, maar een privé onderneming “Agora”, opgericht door Adrzej Wajda, Zbigniew Bujak en Aleksander Paszynski. Officieel begon het vanuit het niets, zonder advertenties en commercials.

 

“Gazeta Wyborcza” werd gezien als stem van alle leden van de burgerbeweging. Ze won de sympathie van de lezers, een sterke positie in de markt, en ze kreeg de faam van een eerste onafhankelijke release. In 1990 bedroeg de gemiddelde oplage 500 000 exemplaren.

 

Ondanks het feit dat het een privé onderneming was, profiteerde ze van de Ronde Tafel toezeggingen, zoals een korting op het papier (red. IV: dat toen in het land gerantsoeneerd werd) en levering van papier uit de staatsreserves.

 

Geen enkele titel die een paar maanden later op de markt kwam had dergelijk sociaal vertrouwen of overheidssteun noch zo goed gekozen moment van debuut.

 

Een belangrijk deel van de journalisten, die naar “Gazeta Wyborcza” ging, kwam van het ondergrondse weekblad “Tygodnik Mazowsze”. Ook apparatuur, veel geld en gaven die het blad van binnen- en buitenland ontving, had “Gazeta Wyborcza” van “Tygodnik Mazowsze” overgenomen.

 

Tijdens de eerste weken van het bestaan van “Gazeta Wyborcza” kreeg het personeel geen salaris. Journalisten beschouwden de “Gazeta” als iets meer dan alleen een werkplek. Zelfs de drukkers van Solidarnosc kwamen naar “Gazeta” na hun werkuren om er gratis te werken.

 

“Gazeta Wyborcza” zou een dagblad van de gehele oppositie worden, maar al na een jaar bleek de krant van alleen een deel daarvan te zijn (1).

 

“Oorlog aan de top”

 

Adam Michnik als hoofdredacteur van “Gazeta Wyborcza” werd partij in een twee jaar (van medio 1989 tot en met juni 1990) durende politieke conflict, de zogenaamde “oorlog aan de top” tussen het linker en het conservatieve kamp binnen Solidarnosc.

 

Adam Michnik, als de belangrijkste ideoloog van de linkse kant van Solidarnosc steunde de regering Mazowiecki en zijn kandidatuur voor het presidentschap. Tegelijkertijd pleitte hij tegen Lech Walesa. Voor de presidentsverkiezingen, gaf Michnik een expliciete verklaring van zijn politieke voorkeur door middel van een artikel “Waarom ga ik niet voor Lech Walesa stemmen. (3)”

 

In reactie daarop had het Nationaal Comité van Solidarnosc “Gazeta Wyborcza” het recht ontnomen om langer het logo van Solidarnosc te gebruiken. Het Comité vond het artikel van Michnik tendentieus, dat alleen één doel kon dienen: Lech Walesa in diskrediet brengen, de spot met hem drijven. Bovendien was “Gazeta Wyborcza” nooit een informatieblad van Solidarnosc geweest.

 

De opkomende leider Jaroslaw Kaczynski vertegenwoordigde het conservatieve kamp en hij verbond de kans op politieke verandering in Polen met Lech Walesa. Het ging hem niet zo zeer om de persoon maar om het programma en de visie op de toekomst van het land.

 

Het weekblad “Tygodnik Solidarnosc” was de stem van de vakbond Solidarnosc. Zijn oplage was vijf keer kleiner dan die van “Gazeta Wyborcza”, en elk jaar verloor het aan belang.

 

Met het artikel van Piotr Wirzbicki “Familie, Aanhang, Hof” signaleerde “Tygodnik Solidarnosc”, als eerste de splitsing in het kamp van Solidarnosc.
De ‘familie’ moest Geremek, Kuron en Michnik, de ‘aanhang‘ de voorstanders van Mazowiecki en het ‘hof‘ de omgeving van Walesa vertegenwordigen.

 

Het samengaan van de ‘familie’ en de ‘aanhang‘ was het begin van de oorlog aan de top, die Solidarnosc voor goed heeft verdeeld.

 

Deze deling bleef actueel (ondanks het feit dat Lech Walesa later de kant van Adam Michnik had gekozen) en wees twee politieke richtingen en twee vormen van patriottisme aan: traditioneel en liberaal (1).

 

Het feit dat “Gazeta Wyborcza” voor één partij had gekozen, veroorzaakte ontevredenheid bij een aantal journalisten binnen de krant. Als gevolg daarvan verloren ze ook hun banen.

 

– Mijn rol als verslaggever is het aandragen van feiten en tijdens de presidentiële campagne werd ik aangespoord om de kandidaten te evalueren en in mijn artikels voor Mazowiecki te kiezen – herinnert zich Krzysztof Leski, tegenwoordig journalist bij de BBC. Hij raakte in ernstig conflict met de leiding van “Gazeta”. Als gevolg daarvan werd hij om een willekeurige reden in zijn beroep als reporter geseponeerd, vervolgens naar een buitenlandse afdeling overgeplaatst en daarna met een anderhalf jaar onbetaald verlof gestuurd.

 

Gedurende deze periode begon Adam Michnik ook in het openbaar zijn sympathie voor Wojciech Jaruzelski te uiten en bij elke kritiek over hem haalde hij naar de journalisten uit.

 

Een andere reden voor ontevredenheid onder de journalisten was een circulaire uit 1991, die hen verbood in het openbaar opvattingen te uiten, die in strijd waren met de lijn van “Gazeta Wyborcza”.

 

– In toenemende mate werd ik in verlegenheid gebracht – vertelt Grzegorz Gorny – het gebeurde dat ik op pad werd gestuurd met een kant-en-klare instructie: deze ondersteunen, de andere aanvallen. Deze manier van schrijven beviel me niet, en toen ik bij de krant wegging, voelde ik een grote opluchting (2).

 

In de eerste helft van de jaren 90-tig was alles in “Gazeta Wyborcza” ondergeschikt aan het politiek slagen van de ‘hervormingen van Balcerowicz’ en de toetreding van Polen tot NAVO en de EU (1).

 

Politieke neutraliteit van “Gazeta Wyborcza” bestaat niet

 

“Gazeta Wyborcza” creëert politieke gebeurtenissen, of in ieder geval bereidt zorgvuldig de basis daarvoor.

 

Michnik had in een interview voor “Tygodnik Powszechny” toegegeven, dat hij in de “Gazeta” meer een politieke dan een redactionele functie vervult. De medeoprichter van “Gazeta Wyborcza” Juliusz Rawicz maakte er geen geheim van: “wij zijn een politieke krant. We creëren de situaties, gebeurtenissen, als wij onze kijk op een zaak willen populariseren”.

 

Het grootste deel van de kranten in de wereld heeft een speciale pagina bestemd alleen voor opmerkingen. Er is een duidelijke scheiding van de informatie pagina. “Gazeta Wyborcza” integendeel, tot de dag van vandaag publiceert reacties direct onder de tekst op de eerste pagina.

 

In de publieke opinie werd “Gazeta Wyborcza” met de partij “Unia Wolnosci” (Virjheidsunie) geassocieerd. Deze opinie werd bevestigd toen Agora de partij met 300.000 PLN in de parlementsverkiezingen steunde.

 

“Gazeta Wyborcza” verloor de steun van Solidarnosc, maar ze verloor haar status als de ideologische en morele autoriteit niet (2).

 

Het is belangrijk hier te vermelden dat in de late jaren 80-tig en de hele jaren 90-tig de kennis van de gesprekken en overeenkomsten tussen de oppositie en het communistische regime (laat staan de gesprekken in Moskou) een geheime kennis was, voor het grote publiek niet toegankelijk.

 

De woorden van een oppositieautoriteit zoals Adam Michnik hadden een vernietigende kracht. Tegenspraak verdween in de zee van bewondering en respect voor ‘de grote dissident’.

 

Kritische stemmen konden de publieke opinie niet bereiken, omdat de meeste media in Polen door de linkse groepen uit post-Solidarnosc en post-communisme waren gedomineerd. Waarin de belangrijkste plaats had de omgeving van “Gazeta Wyborcza”.

 

In 1990, schreef J. Orzel in het weekblad “Tygodnik Solidarnosc”: “de monopolie van de regering op de massamedia zorgt ervoor dat de alternatieve programma’s geen kans krijgen om gehoord te worden. We hebben te maken met een paradoxale en gevaarlijke situatie, waarbij de ontevreden samenleving de overheid steunt omdat ze geen alternatief ziet” (1).

 

Monopolisering van de media

 

De monopolisering van de massamedia was een onderdeel van de Ronde Tafel transformatie. De uitverkoop van de Poolse kranten trad in. De kranten die het geld niet hadden om zich te redden, kwamen in de buitenlandse handen. De grootste inkoop activiteit toonde het Duitse kapitaal (red.IV: op dit moment 75% van de media in Polen).

 

Ondanks de internationale diversiteit spraken de buitenlandse tijdschriften met één stem, ten gunste van de economische en culturele liberalisering. Op de achtergrond stonden nl. de eigendom belangen van de westerse bedrijven.

 

Ook de uitgever van “Gazeta Wyborcza”,  Agora werd gekocht door het Amerikaanse bedrijf Cox. Na 9 jaar debuteerde Agora op de beurs en ze groeide uit tot een van de meest opiniërende instellingen in Polen en ze breidde snel uit (1).

 

De droom en de val 

 

“Gazeta Wyborcza” was de droom van de meeste journalisten. Ze werd criterium van waarden, mode, snobisme, en van het behoren tot het ‘beter’ of ‘slechter’.

 

Het werken bij de krant gaf prestige en opende de deuren tot de hogere kringen in Polen en buitenland. De protegés van “Gazeta Wyborcza” bleven in haar geest denken, zelfs na het verlaten van de krant .

 

Mensen van “Gazeta Wyborcza”, en meer in het algemeen mensen van de links seculiere kringen vormden een invloedrijke omgeving (‘salon’ genaamd), die het openbare leven en de publieke opinie sinds 1989 had gedomineerd. “Gazeta Wyborcza” was hun spreekbuis, en haar hoofdredacteur Adam Michnik hun geestelijke leider. De krant bepaalde de denkwijze van de meerderheid van de intellectuelen en jongeren.

 

Begin van de gezagscrisis van “Gazeta” was de ‘affaire van Rywin’ (1).

 

Dit was één van de grootste corruptieschandalen van de RP III, op het snijvlak van politiek, het bedrijfsleven en de media, en net als vele andere schandalen uit de post-communistische tijd nooit opgehelderd.

 

Lew Rywin zou Adam Michnik in 2002 een corruptievoorstel hebben gedaan. Volgens dit voorstel moest Agora aan de SLD (Poolse Boerenpartij) 17,5 miljoen dollar betalen voor het invoeren van de voor Agora gunstige mediawet (red. IV: om de overname van POLSAT mogelijk te maken). In ruil daarvoor zou “Gazeta Wyborcza” met kritiek op minister-president en de SLD stoppen. Na de overname van POLSAT door Agora zou Lew Rywin een betrekking bij POLSAT krijgen (4).

 

 

Bronnen:
 
*) “Magdalenka”/”Ronde Tafel 1988-89” – De geheime overeenkomst van elites tegen de Poolse bevolking, wiens doel was geen onafhankelijk Polen maar een transformatie van het communistische systeem in de z.g.n. RP III. De basis voor de RPIII werd het post-communisme gebaseerd op: de institutionele, juridische en personele continuïteit, de invloeden van verschillende belangengroepen, sociale onrechtvaardigheid en het waarborgen van de geopolitieke belangen (vooral van Moskou).  –  http://www.slawomircenckiewicz.pl/aktualnosci/cenckiewicz-o-zdradzie-okraglego-stolu-pelna-wersja-tekstu, p.11
(1) B. Stanislawczyk, “Kto sie boi prawdy?”, ‘Walka o “dusze narodu”, czyli media w sluzbie polityki’, pag. 302-309
(2) R. Kasprow, L. Zalewska, “Od nedzy do pieniedzy” : http://niniwa22.cba.pl/gazeta_wyborcza_i_agora.htm
(3) Michnik A., “Dlaczego nie oddam glosu na Lecha Walese”, “Gazeta Wyborcza, nr. 252, 27-28 X 1990

Blog#3: Georganiseerde brutaliteit. De totale oppositie in Polen bezet het parlement – deel 1: de situatie

INLEIDING

De  oppositie (bestaande uit twee partijen PO en .Nowoczesna) in Polen heeft zich een “totale oppositie” genoemd en ze verwerpt alles wat de nieuwe regering doet. Met “ulica i zagranica” (“de straat en het buitenland”) poogt ze de nieuwe regering van Recht en Rechtvaardigheid om ver te werpen.
De strijd die de oppositie nu voert, gaat om de macht en de privileges die ze nu aan het verliezen is.

 

Zoals professor A. Zybertowicz, historicus en socioloog, in zijn interview voor Radio Maryja zei: de partij Burgerplatform (PO) en de Poolse Boerenpartij (PSL) gedragen zich alsof ze het land met de mensen die anders dan zij denken, niet willen delen.

 

Op 16 december 2016 bezetten de oppositiepartijen (Burgerplatform) PO i .Nowoczesna (De Modern Party) het Poolse parlement.

 

Juist op de dag, waarop de moorden in de WUJEK mijn worden herdacht.

 

Toen de mijnwerkers tegen de staat van beleg in Polen in december 1981 protesteerden, bevolen de toenmalige communistische machthebbers op ze te schieten. 9 mijnwerkers werden toen gedood, tientallen raakten gewond.

 

De oppositie eigent zichzelf deze dag toe. Ze wil zichzelf als slachtoffer aan het land en de wereld voorstellen. Veel jonge Polen weten het niet, maar de mensen die nu in de oppositie plaatsnemen (PO, PSL, Nowoczesna en KOD), stammen uit dezelfde communistische machthebbers als toen in 1981.

 

De toonaangevende westerse media krijgen ook van hen het onjuiste beeld van de situatie in Polen.

 

In deze blog en in het vervolg zal ik uit een zetten wat in het Poolse Parlement op 16 december vorig jaar is gebeurd, wat en wie er achter zit.

 

DE SITUATIE

 

Begrotingswet en de rechtvaardiging

 

Op 16 december 2016 zou het Poolse parlement over de begrotingswet voor 2017 stemmen.
Deze wet houdt ook een rechtvaardiging in (de zgn. dezubekizacji-wet) over het toekennen van pensioenen aan de slachtoffers van het communistisch repressie apparaat en de mensen die dat apparaat in stand hielden.

 

Deze wetten zijn ere zaken voor de regerende partij. Het gaat om eerlijkheid en sociale rechtvaardigheid, vooral in de Poolse werkelijkheid. Daar heeft de regerende partij ook het meerderheidsmandaat voor in het parlement.

 

De slachtoffers van het communistische repressie apparaat  krijgen op dit moment pensioenen onder het nationaal gemiddelde, terwijl hun vervolgers royale pensioenen van tussen 10-20 keer hoger dan het nationaal gemiddelde ontvangen .

 

De gemiddelde pensioen in Polen op dit moment bedraagt 2000 zloty. De helft van de gepensioneerden in Polen ontvangt op dit moment dit bedrag per maand. Velen ontvangen een bedrag lager dan 1000 zloty per maand (1 euro = +/_ 4,50 PLN).

 

Stemmen

 

Art 36 van het Reglement van het parlement zegt dat wetsvoorstellen in drie lezingen worden beschouwd, en de resoluties in twee lezingen (1). De wijzigingen van een wetsvoorstel mogen, volgens dit artikel tot de afronding van de tweede lezing ingebracht worden.

 

De voorzitter verklaart dat de discussie gesloten is en dat het stemmen begint. Vanaf dat moment kan men alleen zijn inbreng geven over de wijze of volgorde van het stemmen. Daarna begint de voorzitter afgevaardigden aan te roepen om te stemmen.

 

Het is de derde lezing over de begrotingswet voor 2017 in het parlement. In de derde lezing van de zitting is er geen ruimte meer voor formele voorstellen volgens het reglement. Er volgt een ronde voor het stellen van vragen.

 

Oppositie  verstoort het stemmen

 

In plaats van vragen stellen, gebruiken de leden van de partij Burgerplatform (PO) hun spreektijd om een protest tegen, zoals ze het zeggen ‘de nieuwe perswet’ te uiten.

 

De Kamerleden van de partij Burgerplatform (PO) brengen om de beurt op het spreekgestoelte een vel papier met een tekst daarop “vrije media”. Het onderwerp van ‘de media’ is niet aan de orde in deze zitting. Immers gaat het wetsvoorstel over de begroting en pensioenen. De voorzitter vermaant de Kamerleden door zich op het Art. 175 (2) van het reglement te beroepen.

 

Dan komt weer een Kamerlid van de partij Burgerplatform PO, M. Szczerba op het spreekgestoelte en hij uit zijn protest op dezelfde wijze. Bovendien wendt hij zich respectloos tot de voorzitter door ongepaste adressering van de ambt.

 

De voorzitter vermaant het Kamerlid herhaaldelijk. Als dit niet helpt, besluit de voorzitter het Kamerlid M. Szczerba van het debat uit te sluiten op grond van het artikel 175, p. 5.

 

De oppositie eist dat de voorzitter op zijn beslissing over uitsluiting terugkomt. Ze beginnen de parlementstribune massaal te bezetten en later ook de stoel van de voorzitter.

 

Het is de Kamerleden wel bekend, dat een Kamerlid tegen de beslissing van uitsluiting bij het presidium van het parlement in beroep mag gaan (art 175, p.6). Maar in afwachting op het besluit blijft het Kamerlid van het debat uitgesloten.

 

De meerderheid van de Kamerleden wil stemmen over de twee wetten die aan de orde zijn. Tot aan twee keer toe last de voorzitter een pauze in om de oppositie een kans te geven de tribune en de stoel van de voorzitter te verlaten.

 

Vice-voorzitter van het Senaat, Adam Bielan: “Als we geweld tegen de oppositie hadden gebruikt, zou de oppositie dit onmiddellijk inzetten om protesten te organiseren en een klacht bij het Europees Parlement in te dienen. Blijkbaar is niemand geïnteresseerd in het feit dat de oppositie hier het reglement van het parlement en het Poolse strafrecht aan het overtreden is.”

 

Verplaatsing van de zitting

 

Wanneer het geen effect heeft, besluit de voorzitter de vergadering naar de Kolom Zaal te verplaatsen. De Kolom Zaal is een na de grootste zaal in het Poolse Parlement. Daar vond ook het stemmen plaats.

 

Het Art.10 wet 1 reglement 3 van het parlement machtigt de parlementsvoorzitter tot het bijeenroepen van vergaderingen, met inbegrip van het bepalen van de tijd en de plaats.

 

Alle Kamerleden werden geïnformeerd over de nieuwe plaats van de zitting door middel van een persoonlijk SMS-bericht en door een bericht op het grote scherm in de plenaire zaal.

 

De parlementaire zitting in de Kolom Zaal op 16 december 2015 was geen precedent. Daar vond ook plaats de 73-ste parlementaire zitting in de zesde termijn op 12 augustus 2010, toen de partij Burgerplatform (PO) aan de macht was.

 

De twee wetten zijn met de meerderheid aangenomen.
Art. 190. over de meerderheid voor het passeren van wetten: het parlement passeert wetten met een meerderheid van stemmen in de aanwezigheid van ten minste de helft van het wettelijke aantal van Afgevaardigden, tenzij het in de Grondwet anders is bepaald. ( 3)

 

Onterechte klacht van de oppositie

 

De oppositie partijen klagen dat hen de toegang tot de Kolom Zaal was ontzegd, dat de deur dicht was.

 

Het is onwaar. De deur die dicht was, was de nooduitgang. De parlementaire wacht wees iedereen de weg naar de hoofdingang van de Kolom Zaal aan. De oppositieleden liepen vrij in en uit de Kolom Zaal met hun smartphones en ze maakten foto’s, opnames. Het is duidelijk te zien op de opnames van het parlement. De oppositie was ook bewust van het vereiste electoraat dat in de Kolom Zaal aanwezig was.

 

Onrusten op straat

 

‘s Avonds heeft zich Het Comité voor de Verdediging van de Democratie (KOD) voor het parlementsgebouw verzameld. De KOD aanhangers begonnen de uitgangen van het parlementsgebouw en van het hotel voor de Kamerleden te blokkeren.

 

Rond 3.00 uur ‘s nachts lukte het de regering en de leden van de regeringspartij het parlementsgebouw te verlaten. Ze werden door de KOD- en oppositieaanhangers belaagd.
Sommige demonstranten gooiden zich onder de regeringsauto’s, sommigen gingen op de straat liggen.

 

Provocatie ontmaskerd

 

De websurfers lukte het een provocatie van de oppositie te ontmaskeren.
Een man ging op de straat naast een ontplofte rookgranaat liggen. De voorbijgangers hebben zich om hem bekommerd, zijn pols gemeten. Vervolgens stond de man zelfstandig op en hij pakte zijn telefoon om iemand te bellen.

 

De partij Burgerplatform (PO) gebruikte daarna deze opnames voor haar anti-PiS-reclame spot, ondanks het feit dat toen al in de media over deze situatie als provocatie werd bericht.

 

In tegenstelling tot bepaalde berichten, heeft de politie geen gas gebruikt.

 

De demonstranten van het KOD en van de oppositie intimideerden de journalisten van de publieke omroep, TVP INFO die hun verslag voor het parlementsgebouw probeerden te doen.

 

Nieuwe perswet

 

De aanleiding voor de oppositie was naar haar zeggen de nieuwe perswet, die de vrijheid van de journalisten zou beperken.

 

In werkelijkheid bestond die wet nog niet eens op papier. Het was een voorstel van een wet om de omgang met de media te reguleren. Maar ook om het mediawerk makkelijker te maken, de journalisten te faciliteren.
Bovendien ging het om de voorstellen die verre weg minder streng waren dan in menig een westers land.
In het Amerikaanse Congres bijvoorbeeld gelden precieze voorschriften over hoe en waar de journalisten zich mogen begeven. De opnames met een verborgen camera zijn bijvoorbeeld verboden. Bij het overtreden van deze regels dreigt schorsing voor 3 maanden en bij herhaling van een overtreding tot 2 jaar.

 

Magdalena Ogorek, historicus en publiciste die een tijd in het parlement had gewerkt, beschrijft haar ervaringen als volgt: “de wijzigingen in de regelgeving voor de journalisten in het Poolse parlement vinden regelmatig plaats. Het is niet meer zoals tientallen jaren geleden. Dat de journalisten op slippers naar het parlement komen, laat ze achterwege. Maar ze rennen achter de Kamerleden praktisch tot in de toiletten. De camera’s mogen tegen de hoofden van de Kamerleden stoten en het is dan oké. De  journalisten overvallen de Kamerleden, maar ze zijn niet eens op een gesprek voorbereid. (…) “. (4)

 

Toen de onrusten over de mediatoegang tot het parlement ontstonden, heeft de regering de redacties en de journalisten uitgenodigd om de regels voor de media na de feestdagen in overleg te bepalen. Deze uitnodiging is ook aangenomen.

 

Desondanks bleven de oppositie partijen de plenaire zaal van het parlement te bezetten.

 

Hypocrisie van de oppositie

 

Piotr Palka, een journalist van Rebelia.pl: “Dezelfde woorden over de vrijheid van media hoorden we niet van de partij Burgerplatform in 2014, toen het ‘Tape-schandaal’ uitbrak. Toen vielen de mensen van de ABW (De Interne Veiligheidsdienst) de krant “WPROST” binnen en ze hadden met geweld de laptop met opnames uit de handen van de toenmalige hoofdredacteur getrokken.
Ook niet toen Pawel Graz, de woordvoerder van Donald Tusk (voormalig premier) ontmoetingen met een van de zakenmannen van de krant RZECZPOSPLITA had om de ontslagen in die krant af te spreken.

 

Stanislaw Niesiolowski van de partij Burgerplatform (PO) scandeert nu over de vrijheid van media voor het parlementsgebouw. Niet zo lang geleden heeft hij de journaliste Ewa Stankiewicz van de TV Republica fysiek aangevallen op het terrein van hetzelfde parlement.
Toen hebben we als journalisten een brief ter verdediging van haar aan de regering van de partij (Burgerplatform) PO en (Boernpartij) PSL gestuurd en daar is niks mee gedaan. Ook de spreekbuizen van de voormalige regeringen als Monika Olejnik of Tomasz Lis spraken daar niet over.
We hebben te maken met een mediale orde, die de mensen die nu aan het protesteren zijn, hebben gecreëerd. Het is een hysterische oppositie. ” (5)

 

Witold Gadowski, onafhankelijke onderzoeksjournalist: “Wat voor het parlement nu plaats vindt, is een theater. Het parlement wordt gebruikt door de mensen, die betaald worden van buitenaf en die niets om Polen geven.
Het is hen niet gelukt de nieuwe regering met behulp van de straat om ver te werpen.

 

Vanaf het begin van de regering van premier Szydlo ontstond Het Comité voor de Verdediging van Democratie (KOD) en het begon meteen met zijn destructieve, aanvallende, negatieve en provocatieve acties.

 

Ze wisten dat ze elke maand die voorbij gaat hun geld en invloeden verliezen. Hun staat, de anti-staat, die door de officieren en diegenen die nu het parlement aan het bezetten zijn, werd geregeerd, is aan het krimpen.” (6)

Volgende blog: “Wie en wat zit achter het handelen van de z.g.n. ‘totale oppositie’ in Polen”

Vorige blog: “Propagandafunctie van woorden”

Bronnen:
Lezingen.Dz.U.2012.0.32, d.w.z. – Resolutie van het Poolse Parlement op 30 juli 1992 – Voorwaarden van het Poolse parlement:
(1) Art 36 van het Reglement van het Parlement: wetsvoorstellen worden beschouwd in drie lezingen, en de resoluties van de twee
(2) Art. 175:  Taken en bevoegdheden van de voorzitter van het Parlement in de loop van de sessie, p. 1 t/m 7
(3) Art. 190. over de meerderheid die nodig is voor het passeren van wetten (Hoofdstuk 3: Stemmen, Art 188: Principes van de stemming)
(4) TVP INFO, 16-12-16
(5) idem
(6) GadowskiTV d.d. 30 december 2016
Foto: na podstawie projektu okladki M. Marchewicza do ksiazki
B. Stanislawczyk “Kto sie boi prawdy?”

Pagina 2 van 2

mijnpolen.nl