Categorie: delingen van Polen Pagina 1 van 2

Blog#55: Amerikaanse wet “Act S-447” vs de poging tot afpersing van Polen. Welke groep Poolse Joden heeft de oorlog overleefd?

(…) Wee degenen die onrechtvaardige wetten uitvaardigen, die de onderdrukking wettelijk bekrachtigen. Zij verdraaien het recht van de zwakken (…)” – Jesaja 10:1-2

De onderwerpen die in de blogs 51 t/m 58 aan bod komen:

  1. “S-447 JUST”/De inleiding:  historische feiten, voor wie de schadeloosstelling en teruggave van bezittingen, “Magdalenka/Rondetafel afspraken van 1989” en de communistische invloed anno 2019
  2. “S-447 JUST” is ongrondwettig en onverenigbaar met het parlementaire recht in de Amerikaanse wetgeving
  3. Verdrag van Luxemburg d.d. 10 september 1950 tussen de Duitse Federale Republiek en Israël
  4. De vrijwaringsverdrag d.d. 16 juli 1960 tussen Polen de VS en de andere Europese landen
  5. Mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de Tweede Wereldoorlog – wie is wie iets schuldig? Deel 1, Deel 2
  6. “S-447 JUST” – een uitkomst van een goed georganiseerd en vooruitgedacht plan van de Joodse organisaties. Deel 1, Deel 2
  7. “Holocaust restitutie – “Dubieuze en frauduleuze onderneming van de Joodse organisaties” – helaas is dit artikel, door fenixx.org, van internet verdwenen.

Welke groep van Poolse Joden heeft de Holocaust overleefd?

Volgens historica Ewa Kuren waren de Poolse Joden in Polen tussen 1918-1939 zowel een nationale minderheid, de grootste Joodse diaspora, maar vooral een etnische groep. 

Tijdens hun verblijf in Polen tot aan de Holocaust leefden Poolse Joden binnen de lokale getto’s en zoals de Joodse historicus, Alexander Hertz hen beschreef, vormden ze als geheel een kaste. Ze hadden eigen religie, taal, bepaalde lange tradities. Ze maakten eigen literatuur, filosofie en kunst. Ze hadden eigen rechtssysteem en wettelijk-moreel systeem, die de wijze waarop ze leefden en hun deelname aan de kaste bepaalden. (1)

Aan het begin van de twintigste kon men Poolse Joden in ten minste drie groepen verdelen: gepoloniseerde, geëmancipeerde en degenen die Joodse historicus, Majer Balaban omschreef als ‘een grote, compacte massa orthodoxie‘. 

Volgens Majer Balaban was deze verdeling ook niet strikt. In elk Joods gezin in Polen in de jaren 1918-39 trof men zowel de gepoloniseerde, geëmancipeerde Joden als Joden die trouw aan de “dichte massa van orthodoxie” waren gebleven.  

Toen na 123 jaar Polen als staat opnieuw ontstond, “waren de gepoloniseerde Joden Pools. De geëmancipeerde Joden streefden binnen de democratische regels naar eigen autonomie, en toen het niet lukte, naar het behoud van eigen cultuur en taal, of kozen ze voor de communistische beweging” (2)

De geassimileerde Joden zijn vooral degenen die de Holocaust hebben overleeft. Op basis van hun relaties ontstond de voorstelling van de genocide op de Poolse Joden. De doden hebben geen stem“, schrijft historica Ewa Kurek. “Over het bestaan van de Poolse chassieden willen vooral de Joden zelf niet weten. In de joodse herinneringen verdween het vooroorlogse beeld van de getto’s, armoe, onwetendheid en verwaarlozing. Iedereen, die het aan het daglicht probeert te brengen, komt de aanvallen tegen. Volgens diegenen die de geschiedenis aan het herschrijven zijn, zou de waarheid over de arme Poolse Joden samen met hen moeten sterven“. (3)

Joodse memoires?

Dr Samuel Gringauz, Joodse historicus en overlevende van de Holocaust merkte al in de jaren 50-tig van de vorige eeuw dat alle Joodse memoires en getuigenissen uit de oorlogstijd aan een grondig historisch onderzoek toe waren. Toen wees hij erop dat de getuigenissen mogelijkerwijze uit persoonlijke wraak werden afgelegd.

Hij beschreef ze als “(…) Judeo-centrisch, logo-centrisch en egocentrisch. (…)  Dit is waarom de meeste [red. Joodse} memoires en verslagen vol zitten met: absurde praatjes, overdreven zelfpromotie, onbekwaam denken, bevlogen ambities, onbewezen zaken, vooroordelen, voor een deel aanvallen en excuses”. (4) 

Toen de Sovjet communisten Polen na 1944 binnen kwamen, gebruikten ze deze memoires en getuigenissen om met de Poolse ondergrondse af te rekenen. 

De communisten waren gekant tegen elke vorm van Pools verzet, die de Polen hun onafhankelijkheid terug zou kunnen brengen. Dus in de eerste linie van aanval waren diegenen, die tijdens de oorlog in de Nationale Strijdkrachten, de Boerenbataljons of de Home Army waren. Maar ook diegenen die de strijd tegen Hitler in het Westen, samen met de geallieerden voerden.

Ook in de z.g.n. Yizkor bukh, een verzameling van verschillende memoires uit een bepaald gebied, vinden we, schrijft Ireneusz Lisiak, “de beschrijvingen van echte gebeurtenissen, maar ook verhalen van het horen zeggen, verrijkt met de typische voor de Joden onvriendelijke houding tegenover de Polen, de katholieke kerk, priesters en de katholieken (…)“. (5)

De Joodse wetenschapper, dr Icchak (Henryk) Rubin zei rechtuit, dat “de mens echter instinctief de schuldigen van zijn tegenslagen zoekt en heeft daarin de neiging om te generaliseren en details uit zijn eigen ervaringen met de fantasieën aan te vullen“.

In zijn bewerking over de getto van Lodz uit 1988 schrijft dr Icchak (Henryk) Rubin dat het de “(…) officieren van het Joodse Comité waren, die door de communistische partij waren benoemd en de getuigenissen verzamelden. Zij wezen diegenen die de getuigenissen hadden opgeschreven aan, wie ze als schuldige moesten aanwijzen en welke straf ze verdienden“. (5)

Zo te zien, was de kennis op deze wijze verkregen gecontroleerd, ideologisch en cultureel beïnvloed.

Tot de dag van vandaag zijn de memoires, getuigenissen nooit geverifieerd. 

Volgens de “nieuwe geschiedschrijving“, door J. T. Gross vertegenwoordigd, is “de twijfel tegenover niet-Joden verplicht. Terwijl een historicus moet een positieve houding tegenover de Joodse relaties aannemen en de waarheid daarvan op geen wijze in twijfel trekken“. (13)

Dit maakt het onmogelijk om de waarheid goed te dienen.

Rol van de Amerikaanse en West-Europese historici

Voor de Amerikaanse en West-Europese historici was de oorlog van 1939-1945 op het Poolse grondgebied alleen een achtergrond voor de Holocaust. Buiten de Holocaust bestond toen niets meer wat van belang was. En als je de zaken zo stelt, was de Tweede Wereldoorlog voor de Polen een, niets hun rust verstorende, episode.  De wereld is gaan geloven dat het alleen Joden waren, die in de Tweede Wereldoorlog hebben geleden“. (6)

Daar zijn er Twee redenen voor, schrijft historicus Ireneusz T. Lisiak.

Ten eerste zijn momenteel maar weinig onderzoekers in het Westen, die trouw zijn aan een wetenschappelijke benadering van het onderzoek.

Dit is een gevolg van de politieke correctheid die geen kritiek op de officieel aangenomen en opgelegde interpretatie van de Holocaust toestaat.

Ten tweede wordt er geen rekening gehouden met de Poolse bronnen. De westerse onderzoekers steunen op secundaire bronnen, monografieën en studies in het Engels.

Misschien daarom, schrijft Ireneusz Lisiak, krijgen we een overvloed aan studies en films, zoals “Defiance” of “Inglourious Basterds“, die de Joodse partizanen afbeelden als een belangrijke en compromisloze kracht in de strijd tegen de Duitsers. 

Dat vertellen ook boeken over de gebroeders Bielski. 

In werkelijkheid waren de gebroeders Bielski, als veel Joodse groepen in die tijd criminelen, die op de Poolse boeren gewapende overvallen pleegden en vrouwen verkrachtten.

Daarbij noemden ze de Poolse boeren ‘fascisten’.

En dit soort memoires zonder verificaties nemen de Amerikaanse onderzoekers klakkeloos over.

De discussie van tegenwoordig lijkt niet over de historische waarheid in de Joods-Poolse relatie te gaan. Het zoeken van waarheid is uit de mode en alles is aan interpretaties en politieke stroming onderhevig.

De bezetters van Polen

Sinds ik met het schrijven van mijn blog bezig ben, gaan mijn ogen in veel zaken open.

Opvallend is een patroon in het gedrag van de bezetters van Polen, uit het verleden of diegenen die nu deze ‘ambitie’ hebben.

De bezetters van Polen hebben altijd één prioriteit gehad. Eerst de opinie van Polen in het Westen, in de wereld te bederven zodat niemand met ons medelijden zou hebben als ze ons overvallen en onderling verdelen.

Dit gebeurde in de achttiende eeuw, vlak voor de eerste deling van Polen. Dit gebeurde voor en tijdens het verdrag van Verseilles in 1919 en vlak voor de Tweede Wereldoorlog.

Dit gebeurde voor 1989 zodat de communisten hun greep op Polen konden houden. Nu anno 2019 wordt hetzelfde patroon gevolgd. 

Gevaarlijke mythen

Zeer gevaarlijk zijn de mythen over de Joodse rijkdommen.

Tientallen jaren na de oorlog, de vernietiging van de documenten en bewijzen van eigendom, het overlijden van eigenaren. 

Sinds tientallen jaren probeert men een legende van ongekende rijkdommen van de Poolse Joden te creëren en hiermee reële grond voor de financiële claims.

De wereld liet zich “effectief overtuigen van de overal aanwezige rijkdom van alle Joden“, schrijft Ireneusz Lisiak in zijn boek.

Emanuel Ringelbloem, Poolse Jood, historicus en politicus zei voor de WOII: “de meeste Poolse Joden waren straat arm en volledig door de Joodse elite vergeten“. (7) 

Dit bevestigen ook de beschrijving van de Poolse, middeleeuwse voorstellingen rond de Kerst. “In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht over het (…) stereotype van de Joodse rijkdom, komt een wijdverbreide Joodse armoede voort uit het Kerst-beeld van een Jood“. (8) 

Men moet weten

“Men moet weten, zegt historicus Ewa Kurek, dat onder Poolse Joden slechts een paar procent extreem rijke Joden waren.

De meesten van hen zijn zo rijk geworden, omdat ze vierhonderd jaar lang tot 1764 de joodse gemeenschappen extreem hoge belastingen oplegden. De joodse bevolking bestond uit de eenvoudige Joodse chassieden, dramatisch armen.

De Judenratten en de Joodse politieagenten [red. policja żydowska, Jüdischer Ordnungsdienst] hebben deze Joodse chassieden op bevel van de Duitsers als eersten in de wagons geladen en naar Chełmno, Treblinka, Bełżec en andere vernietigingskampen gestuurd.

Emanuel Ringelblum, de Joodse schrijver van een dagboek, vermoord door de Duitsers, schreef dat onder de geassimileerde rijke Joden in het getto van Warschau een uitdrukking had postgevat: ‘de menigte moet sterven‘.

Daarom, zegt Ewa Kuren, hadden onze Poolse Joodse chassieden geen kans om gered te worden. Ze kenden geen Pools. Ze werden veracht door hun eigen verlichte Joden.” (14)

Ultimatum tot terugbetalingen?

Steeds vaker horen we over ‘een ultimatum tot terugbetaling, schadeloosstelling of compensatie voor het Joods onroerend goed dat nog in Polen is achtergebleven‘.

Bron: geopolityka.org
De Curzon linie. Bron: wikipedia.org

Het is merkwaardig dat deze eisen de eigendommen betreffen die zijn achtergelaten in het vooroorlogse IIRP.

Voor de Joodse kringen is het blijkbaar onbelangrijk dat Polen 1/3 van zijn grondgebied in de oostelijke gebieden door de oorlog [red. aan de Sovjet Unie] verloor“. (9)     

In de afgelopen 50 jaar ontstond een zorgvuldig opgebouwd en wijdverbreid geloof, dat 10% Joden in het vooroorlogse Polen 40% van alle belastingen betaalden.

Het is ook triest dat sommige belangrijke Joodse historici hun aanzien gebruikten om dit verzinsel door de jaren heen te laten beklijven. (10) 

3 miljoen Poolse Joden afhankelijk van de liefdadiagheidsorganisaties

Het zou betekenen dat 17,27% van de Joodse bevolking (17,27% van 10% = 517.000 mensen), 40% van de gehele belasting (800 000 000,00 PLN) betaalde, om een miljarden budget van de Poolse staat te onderhouden.

 “Terwijl 1 miljoen van de 3 miljoen Poolse Joden afhankelijk was van de liefdadigheidsorganisaties. (…) 50% van de Poolse Joden niet in staat was om jaarlijks de minimale belasting ten hoogte van 5 zloty aan hun eigen gemeente te betalen. 50-55% was helemaal niet van plan iets te betalen. De helft van de belastingbetalers kon geen 10 zloty betalen. 75% van de Joden kan als arm worden aangemerkt“. (11)

Adressanten van de claims blijven Duitsers

Voor 1 september 1939 beschikten Joden als privé personen en als leden van een joodse gemeenschap (corporatie) over een bepaald vermogen. Ze waren burgers van de Tweede Poolse Republiek en aanhangers van een soort joodse religie. Voor ongeveer 90% waren het de chassieden.

Als gevolg van de Duitse aanval op Polen op 1 september 1939, de zes jaar durende bezetting van Polen en de uitroeiing van Joden hebben de meeste van deze burgers niet overleefd.

Tegelijk zijn tijdens de Duitse bezetting van Polen ook andere Poolse burgers, gelovigen of ongelovigen vermoord.

Diegenen die daarvoor verantwoordelijk zijn, zijn de Duitsers en de landen die met Duitsland tijdens de WOII collaboreerden.

Polen was het enige land in Europa dat nooit met het regime van Hitler collaboreerde. Polen was het eerste land dat de strijd tegen Duitsland aanging. (12)

Edward Reid over de Pools-Joodse relaties: ‘de ongegronde claims’ (Engels)

Lees meer:

Vorige blog: houding van Joden tegenover de Poolse strijd om vrijheid in de 123 jaar van bezetting van het land

Volgende blog: wat de wereld niet mag weten, o.a. een gedicht van Itzaak Katzenelson

Bronnen:

*) De statistische jaarboeken vermeldden het inkomen van de staat zonder onderscheid van de nationale minderheden, maar wetende het professionele karakter van de Joodse minderheid, kunnen we proberen en, hoewel bij benadering, de geloofwaardigheid van de ‘autoriteiten’ te controleren.

Het Poolse budget uit 1937/38 bedroeg: 2 049 000 000, 00 Plz, waarvan de belastingen: 723 000 000,00 Plz. Directe belastingen: 

  • grondbelasting: 58 000 000,00 Plz
  • onroerendezaakbelasting: 86 000 000,00 Plz
  • industriële belasting: 262 000 000,00 Plz
  • inkomstenbelasting: 280 000 000,00 Plz
  • vermogensbelasting: 5 000 000,00 Plz
  • rentes, schulden en boetes enz.: 17 000 000,00 Plz
  • licenties te koop: 2 000 000,00 Plz
  • heffingen voor eigendomsgebruik: 13 000 000,00 Plz  (11)

(1) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45” str. 46-47 / na: Alexader Hertz, Zydzi w kulturze polskiej, Warszawa, s. 83-87 [E. Kurek: Voorbij de grens van solidariteit. Pools-Joodse relatie 1939-45/Alexander Hertz: Joden in de Poolse cultuur]

(2) idem, pag. 35 

(3) idem, pag. 46

(4) Ireneusz T. Lisiak Zaklamany Holokaust, str. 14 [P. Gontarczyk, Daleko od prawdy (w] R. Jankowski (red.), Cena “Strachu”. Gross w oczach historykow, Warszawa 2008, s. 293-294) [I.T.Lisiak: De verkeerde voorstelling van de Holocaust/P.Gontarczyk: Ver van de waarheid – in: R.Jankowski: De prijs van “Angst”, Gross gezien door historici]

(5) idem, pag.15 – na: M.J. Chodakiewicz, “Klopoty z kuracja szokowa”, ‘Rzeczpospolita’, 5 stycznia 2001; zob. tez. L.Z. Niekrasz, Operacja ‘Jedwabne’. Mity i fakty, Wroclaw, 2005, s. 59 [in: M.J.Chodakiewicz: Problemen met de schokbehandeling; L.Z.Niekrasz: Operatie ‘Jedwabne’, mythen en feiten]

(6) idem, pag. 73

(7) idem, pag. 27

(8) Ewa Kurak, Poza granica solidarnosci/wokol stereotypow: Judasz i Haman w jednym stali domu, pag. 95 [E. Kurek: Voorbij de grens van solidariteit: Judas en Haman woonden in één huis]

(9)     Ireneusz T. Lisiak “Zaklamany Holokaust”, pag. 29

(10)   idem, pag. 28 

(11)   idem, pag. 31

(12) https://justice4poland.com/2019/02/26/dlugi-zydow-wobec-polski/comment-page-1/

(13) Ireneusz T. Lisiak “Zaklamany Holokaust”, pag. 24

(14) Katarzyna Treter-Sierpinska: Zydzi, gender, multikulti czyli oszustwo i szajba/wywiady z ‘antysemitami'”, pag. 251-252 [Joden, gender, multiculti ofwel het vlasspelen en de gedachteloosheid/interviews met ‘antisemieten’].

Blog#54: Amerikaanse wet “Act S-447” vs de poging tot afpersing van Polen. De mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de WOII. Terugblik in de 123 jaar bezetting van Polen.

(…) Wee degenen die onrechtvaardige wetten uitvaardigen, die de onderdrukking wettelijk bekrachtigen. Zij verdraaien het recht van de zwakken (…)” – Jesaja 10:1-2

De onderwerpen die in de blogs 51 t/m 58 aan bod komen:

  1. “S-447 JUST” – De inleiding:  historische feiten lijden, voor wie de schadeloosstelling en teruggave van bezittingen, “Magdalenka/Rondetafel afspraken van 1989” en de communistische invloed anno 2019
  2. S-447 JUST” is onverenigbaar met de Amerikaanse constitutie
  3. Verdrag van Luxemburg d.d. 10 september 1950 tussen de Duitse Federale Republiek en Israël
  4. Verdrag d.d. 16 juli 1960 tussen Polen de VS en andere Europese landen  
  5. Mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de Tweede Wereldoorlog – wie is wie iets schuldig? Deel 1, Deel 2
  6. “S-447 JUST” – uitkomst van een goed georganiseerd en vooruitgedacht plan van de Joodse organisaties. Deel 1, Deel 2
  7. “Holocaust restitutie – dubieuze en frauduleuze onderneming van de Joodse organisaties”, helaas is dit artikel van de fenixx.org van internet verdwenen.

Tegenover de dreiging van Pruisen en Rusland medio achttiende eeuw

rozbiory Polski. Bron: rozbria.pl

In Polen bestond een traditie om Joden hun zaken zelf te laten regelen. Het begon met de privileges die Poolse koning, Kazemier de Grote, Joden in de 14de eeuw gaf.

400 jaar gaat het goed in de Pools-Joodse relatie. De 15de eeuw is bekend van een goede conjunctuur en in de 16de eeuw beleeft Polen de gouden eeuw.

De 17de eeuw noemt Ewa Kurek een ongelukkige tijd voor Polen. Het land wordt van alle kanten aangevallen. Waaronder de Zweedse zondvloed verwoest het land.

In de 18de eeuw blijkt de schatkist leeg te zijn, er zijn veel politieke en economische problemen. (23)

De economische toestand van de Poolse bevolking medio achttiende eeuw was dramatisch, schrijft Feliks Koneczny, filosoof, historicus en kenner van de beschavingen. (1) 

De hervormingen zouden het land herstellen en moderniseren. Een sterk leger zou Polen van Pruisen en vooral van Rusland onafhankelijk maken. Daar was geld voor nodig.  

Joodse schulden aan de schatkist

Het Joodse parlement, het z.g.n. ‘vier landen parlement’ was geroepen om de belastingen onder de Joden te laten innen en aan de schatkist te betalen.

In 1764, het kroningsjaar, komen de Joodse zaken voor het eerst onder de aandacht. Na 400 jaar blijkt dat de schatkist leeg is, de Joodse belastingen komen niet meer binnen, de Joodse elite rijker dan de koning wordt en de Joodse massa’a steeds armer worden. (23)

Joodse bankiers in opdracht van de Pruisische koning verpestten opzettelijk de waarde van de Poolse munt en fraudeerden wijdverbreid met de belastingen, die ze aan de Staatskas verschuldigd waren, voor gigantische bedragen. (7)

Om daar korte metten mee te maken, schaafde Poolse koning de hogere Joodse structuren af. Het Poolse parlement nam de belastinginning van de Joden over en heeft een verzoek tot terugbetaling van de schulden bij de Kahals ingediend. (5) 

“Staat binnen een staat”

Tijdens de administratieve hervorming is gebleken dat de Joodse gemeenschap in Polen een soort ‘staat binnen een staat‘, ‘natie binnen een natie‘ was. 

De enige verbinding tussen de juridisch-administratieve structuren van de Poolse staat en de religieuze structuren van de Joodse gemeenschap – schrijft historica Ewa Kurek – was de z.g. Judeanus, die aan het koninklijk hof verbleef. (2)   

Macht van de Kahals

De macht van het bestuur binnen de Joodse gemeenschap, de Kahals, en de uitbuiting van de geloofsgenoten blijken buitensporig. 

Medio achttiende eeuw, aan de vooravond van de deling van Polen ontstaat een hevige strijd binnen de Joodse gemeenschappen, tussen de voor- en tegenstanders van de Kahals.

Het is een verzet tegen de macht van de Joodse elite, bestaande uit één paar rijke families die niet alleen de Joodse “massa’s genadeloos exploiteerden, maar bemoeiden zich ook met elk aspect van hun leven“. (3)

De armoe en overbevolking van de Joodse massa’a beginnen medio achttiende eeuw nadrukkelijk zichtbaar en problematisch te worden. (4)

Joodse schulden aan de magnaten

De economische eisen van de Poolse magnaten vormden een andere reden voor de hervormingen. De Joodse gemeenschappen, Kahals hadden ook enorme schulden bij de adel, magnaten en de geestelijken.  

De Kahal’s maakten schulden bij de rijkere Polen en door kredietmisbruik dreigden failliet te gaan. Deze situatie had vanzelfsprekend fatale gevolgen voor de vooraanstaande families in Polen en kon ze ten val brengen.

Deze kredieten hadden speculatief karakter en waren een langere tijd aan de gang. 

De Poolse magnaten leenden de Kahals geld met 6% rente. Tegelijkertijd bedroeg de handelscommissie tussen de Joden onderling 35%. Het was voor hen een zeer lucratieve business, een soort geldpiramide, en ze leenden zo veel mogelijk. (6) Het had te maken met de door de Kahals bedachte exploitatierechten, de z.g.n. “chazaka” en “meropia”. **)

Schulden volgens het onderzoek uit 1764

Volgens het onderzoek van de parlementaire commissie uit 1764  ging het om kosmische voor die tijd bedragen: 2,5 miljoen PLZ. 1,5 miljoen daarvan waren schulden bij de geestelijken. 

De deling van Polen die kort daarna plaatsvond, maakte het onmogelijk om alle schulden in kaart te brengen, zoals de kleinere claims van de rijkere plattelandsheren. 

Geen één schuld is ooit terug betaald.  

Bij de huidige bankpraktijken en de toepassing van strafrentes over het gehele periode, tot nu toe komen de deskundigen op een schuld van 25 biljoen USD uit. 

Men vergeet vaak, schrijft Ireneusz T. Lisiak, dat de in Polen financieel actieve Joden leningen van de banken ook vóór de [Tweede Wereld]oorlog namen. Als onderpand voor de leningen gebruikten ze hun onroerend goed, waarop al hypotheken waren afgesloten. Deze hypotheken zijn ook nooit afbetaald. (24)

Vergeefse pogingen om Joden in Polen te laten emanciperen en ze voor de Poolse zaak te winnen

De hervormingen voorzagen voor de Joden gelijke rechten met de christenen, verplichte scholing in een Poolse openbare school en opschorting van drankvergunningen voor een periode van 50 jaar. 

De meerderheid van de Poolse Joden was daar tegen en bleef liever in de afzondering. Elke verandering zagen ze als een aanval op hun materiële en morele belangen. 

‘De herbergiers, overijverig opgeleid in de Talmoed konden geen pioniers van de hervormingen zijn. De ouderlingen, die ten koste van de gemeente leefden, wilden geen veranderingen, omdat ze geen macht en winst wilden verliezen’.

Joden noemden Polen ‘hun paradijs en een beloofde land, want ze hadden er alles wat nodig was om hun spirituele onderscheid te behouden. En met het geld dat ze de dorpelingen listig afpakten, betaalden ze de rijken voor de vrijheden en vrijstellingen die de wet ze niet wilde geven.’ (8)

Houding tegenover de staat 

Wat Polen en Joden van elkaar scheidde, waren niet alleen de religie, cultuur en de economische rivaliteit, maar ook de houding tegenover de staat. De bezetters maakten daar gebruik van. (9) 

Mikolaj Repnin zei over de Kosciuszko Opstand [red. 1794] dat “alle joden (…) in hun ijver ons begunstigden”. “In de oorlog 1812-13, toen de Polen met hulp van Napoleon hun vrijheid hoopten te winnen, hebben joden de kant van de Russen gekozen (…). Alle joden waren ons [Russen] zo toegewijd (…) en heel vaak gaven ze aan ons de belangrijkste informatie door”. “(…) Ook in de november opstand [1830] dienden ze meer het bezettende Russische leger dan het Poolse (…)”. (9)

In 123 jaar van de bezetting van Polen, gebruikten de bezetters ook andere nationale minderheden zoals Oekraïners, Wit-Russen of Litouwers in hun anti-Poolse plannen. Dat gebeurde na 1918 en in 1939-45. 

Zowel in de Poolse geschiedschrijving als de Poolse traditie heeft men elke samenwerking met de bezetter als verraad gezien, ongeacht of het een Duitse, Sovjets, Zweeds, Russische of Oostenrijkse bezetter was. (10)

Magnaten trekken hun steun terug

Tijdens de 123 jaar durende bezetting van Polen, zochten Polen de gewone menselijke solidariteit. Ze zochten het overal in de wereld, maar vooral onder diegenen die het land sinds de eeuwen bewoonden. 

De adel en de magnaten waren als stand verplicht het land te verdedigen. *)

De houding, die de Joden tegenover de strijd voor de onafhankelijkheid van Polen hadden aangenomen, zag men als onverschilligheid en verraad. Daarom begonnen magnaten hun steun voor de Joden terug te trekken.

Desondanks verloren Polen in de negentiende eeuw het vertrouwen niet in het wakker maken van de massa’s Poolse Joden om samen te vechten.

Met elke opstand uit 1794, 1812, 1830, 1846, 1863, elk gevangenschap en verbanning naar Siberië, en weer op nieuw een verzet, riepen ze hen op om samen te vechten. (11)

De jaren vlogen voorbij en slechts een paar Poolse Joden begreep het idee van de Pools-Joodse broederschap van bloed. (12)

Één van hen was kolonel Berek Joselewicz. “De eerste die wilde en kon met de tirannie van de kahal’s en de almacht van tsadicks breken (…)“. (13) 

Joden, zoals de Joodse historicus, Majer Balaban het zei, “waren zich niet bewust van de plotselinge verandering, ze begrepen de bezetting niet, het interesseerde hen niet dat drie mogendheden de deling van Polen hadden ondertekend (…)“. Ze aanbaden de indringers en zwoeren hen de loyaliteit. (14)

Een vreemd land?

Ondanks het feit dat Poolse Joden bijna duizend jaar het Pools grondgebied bewoonden, bleef Polen voor de meerderheid van hen een vreemd land. Polen dienen betekende een vreemde zaak dienen. (…) Poolse Joden leefden in de historische traditie van eigen volk, eigen mysticisme, religie en legendes“. (15)

De bezettende machten waren voor hen even legitiem als de macht van de Poolse koningen. Ze begroetten de bezetters met hen toebehorende eer, ze baden voor ze en ze onderwierpen zich daaraan zonder te veel weerstand.

Het blijkt dat de Joodse geschiedenis, tradities, liturgie en de religieuze principe die Joden hebben, het voor hen onmogelijk maakte om de historische en religieuze last van hun eigen natie met de last van de Poolse geschiedenis en het Poolse concept van patriottisme en vrijheid te kunnen verzoenen“, schrijft historica Ewa Kurek. (16)

In alle door Pruisen, Rusland en Oostenrijk bezette delen van Polen begon het proces van assimilatie van de Poolse Joden in de culturen en samenlevingen van Rusland, Pruisen en Oostenrijk. Het was een gevaarlijke voor de Poolse zaak ontwikkeling en de hoofdmotor voor de vijandigheid tegen de Joden. (17)

Eigen belang en geen solidariteit

Nu weten we, zegt historica Ewa Kurek, dat de houding van de Joden vooral werd bepaald door de bezorgdheid om te overleven en de vorm van het Joods leven, die ze door de eeuwen heen op het Pools gebied hadden opgebouwd, in de onveranderde vorm te behouden”.

Polen gaven hun beste zonen en dochters om voor de vrijheid van Polen te vechten. Ze verwachtten van Joden geen afstand van hun eigen religie maar solidariteit. 

De houding van de Joden tegenover de bezetters en gebrek aan solidariteit tegenover Polen noemde men bij de naam: een enorme ondankbaarheid en duidelijk verraad van de buitenlanders.

Poolse oorlog tegen de Bolsjewieken. Bron: Polish club

Polen hadden het volste recht om solidariteit van de Joden te verwachten, zowel in de strijd als de opbouw van de Poolse staat, die de Joden en hun belangen door de eeuwen heen beschermde. 

Dus op het moment toen de Polen hun onafhankelijkheid in 1918 hadden herwonnen, één ding werd duidelijk dat “de Joodse ‘natie’ geen vertrouwen, respect en solidariteit van de opgebouwde Poolse staat verdiende“. 

Deze overtuiging werd des te meer versterkt door de Joodse claims op het Poolse grondgebied.

Het gebeurde voordat nog de laatste strijd voor de onafhankelijkheid moest worden gewonnen. (18) 

Op 21-22 oktober 1918 vond de zionistische conferentie in Warschau plaats. Izaak Grünbaum eiste van de Poolse staat een constitutionele garantie voor de nationale autonomie voor de Joden in Polen. (19) 

Door dit soort eisen te accepteren, “zou Polen geen product meer van het nationale leven zijn – zei Poolse politicus Joachim Lelewel – maar een naamloze vennootschap waarin de verschillende naties een staat vormden om hun materiële belangen te bevredigen”
In Polen, vanaf het moment van het herwinnen van de onafhankelijkheid in 1918 hadden de Joodse, Ruthenische [Russische] en Duitse minderheden gelijke rechten met de Poolse bevolking. Ze waren op gelijke wijze in alle gezamenlijke organen vertegenwoordigd.

Als ze daarnaast nog afzonderlijke lichamen kregen, zouden Polen er als de enige natie tot de rol van een paria in hun eigen land gereduceerd worden. (20)

Dat kon niemand accepteren. 

Het is ook het moment waarop de vijandige propaganda tegen Polen begon.

Bron: historiek.net

Het ging zelfs zo ver dat Polen in het verdrag van Versailles in 1919 slechter werd behandeld dan de Duitsers, de aanstichters en verliezers van de Grote Oorlog.

Met een uitzondering van 1-2% hebben Joden tijdens de 123 jaar gevangenschap van Polen geen solidariteit getoond. Ze hebben geen deel aan de strijd en de opbouw van de nieuwe Poolse staat genomen. Ze waren echter de eersten, die van de nieuw gewonnen onafhankelijkheid wilden profiteren door mede eigenschap van Polen te eisen. (21)

wordt vervolgd

Vorige blog: Wie waren de Poolse Joden?

Volgende blog: Welke groep Poolse Joden heeft de oorlog overleefd

Terug naar het begin: blog#1

*) Elke stand had in de Eerste Republiek Polen duidelijke rechten en verplichtingen – de adel: politiek en de verdediging van het land, boeren akkers bewerken, priesters bidden, stedelingen ambacht en verzorging van de stad. Hoewel Joden formeel geen stand waren, behandelde ze men wel als zodanig. Hun taak was handel en het verstrekken van leningen. 

**) Volgens de Joodse wet (Talmoed) is alles wat niet-Joden hebben, een ‘woestijn’ of een ‘vrij meer’, waar Joden zich op hun eigen manier mogen vestigen, zoals hun eigen welzijn het vereist. Men had dus bedacht dat alles wat niet-Jood heeft, is eigendom van de Kahal.

De Kahal kon een niet-Jood zijn eigendom niet zomaar afpakken, daarom heeft hij voor zijn eigen gebruik de ‘exploitatierechten’ van niet-Joden bedacht. Deze rechten mocht een Jood van de Kahal door middel van veiling ‘kopen’. Deze ‘rechten’ waren beschermd en erfelijk. Als de ‘exploitatierecht’ over een grond ging, noemde men het ‘chazaka’, en over een persoon ‘meropia’. “Wie op deze wijze een goj (niet-Jood) of zijn eigendom ‘verwierf’, mag hij er zijn eigen winsten bedenken, naar willekeur handelen, zich niet beperkt voelen en voor geen concurrentie vrezen“.

Deze praktijk ontstond in Polen eind zestiende eeuw.

“Zo zag de Joodse economie in Polen eruit”, schrijft Feliks Koneczny, “(…) dat medio achttiende eeuw het hele land met chazaka of meropia werd beplakt. Er bleken twee wetten, het Poolse en het Joodse, twee eigendomsrechten en twee rechterlijke machten op het gebied van eigendom te bestaan”. (22)

Bronnen:

(1) Feliks Koneczny, Cywilizacja zydowska, deel III, walka o byt, ekspansja”, pag. 55-56 [De Joodse beschaving, deel 3. De strijd om het bestaan, de uitbreiding]

(2) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45”, str. 52 [“Voorbij de grens van solidariteit”. Pools-Joodse relaties 1939-45″]

(3) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag.92 – na: S. Hirschhom “Historia Zydow w Polsce od Sejmu Czteroletniego do wojny europejskiej (1788-1940)”, pag.18; Warszawa 1921- [De Joodse beschaving, deel 3. De strijd om het bestaan, de uitbreiding; S. Hirschhom “Joodse geschiedenis in Polen v.a. de Vierjarig Palrement tot de WOII (1788-1940)”]

(4) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag. 56 – na Zalkind Hurwicz “Usprawiedliwienie czyli Apologia Zydow, I,2; Warszawa 1786 – [De Joodse beschaving, deel 3. De strijd om het bestaan, de uitbreiding; Zalkind Hurwicz “Rechtvaardiging of verontschuldiging van Joden”, I 2, Warszawa 1786]

(5)  Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45” str. 52 na: A. Eisenbach “Emancypacja zydowska na ziemiach polskich 1785-1870”, Warszawa 1988, s. 42 [Voorbij de grens van solidariteit. Pools-Joodse relaties 1939-1945 – na: A. Eisenbacht “Joodse emancipatie op het Pools grondgebied 1785-1870]

(6) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag. 102-103 [Joodse beschaving]

(7) https://justice4poland.com/2019/02/26/dlugi-zydow-wobec-polski/comment-page-1/ [Justice4Poland_Joodse schulden aan Polen]

(8) B. Stanislawczyk “Kto sie boi prawdy? Walka z cywilizacja chrzescijanska w Polsce”, pag. 112-114 [ “Wie is bang voor de waarheid? Het gevecht tegen de christelijke beschaving in Polen”]

(9)  B. Stanislawczyk “Kto sie boi prawdy? Walka z cywilizacja chrzescijanska w Polsce”, pag. 114-115

(10) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45”, pag. 13

(11) idem, pag. 60

(12) idem, pag. 64

(13) idem, pag. 55 na: Z. Hoffman, Berek Joselewicz, in: Kalendarz zydowski 1984-1985, Warszawa 1984, str. 116

(14) idem, pag. 53-54

(15) idem, pag. 64-65

(16) idem, pag. 66

(17) idem, pag. 62

(18) idem, pag. 68-69

(19) idem, pag. 68-69

(20) idem, pag. 71; uit het parlementair verslag, november 1920, l.59

(21) idem, pag. 71

(22) Feliks Koneczny, “Cywilizacja zydowska”, t.III, Walka o byt. Ekspansja”, pag. 107-109 – na: Brafmann: ‘Joden en de Kahals’ (vierde uitgave), met uitleg van Teodor Jeske-Choinski; Warszawa, 1914

(23) TV Niezalezny Lublin, gesprek met historica Ewa Kurek over de Joodse schulden de zogenaamde ‘schulden op synagogen’ uit 1764; d.d. 8-11-2019: https://youtu.be/58qUj3kY9VA [TV Onafhankelijk Lublin]

(24) Ireneusz T. Lisiak, “Zaklamany Holokaust”, pag. 51 [De verkeerde voorstelling van de Holocaust]

Blog#53: Amerikaanse wet “Act S-447” en de poging tot afpersing van Polen. De mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de WOII. Wie waren de Poolse Joden?

DEEL 3

(…) Wee degenen die onrechtvaardige wetten uitvaardigen, die de onderdrukking wettelijk bekrachtigen. Zij verdraaien het recht van de zwakken (…)” – Jesaja 10:1-2

Bron: secure.avaaz.org

Wat nu in de wereld gebeurt, laat aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog denken, zeggen sommige historici in Polen. We zien de nieuwe machtsverdeling, bezettingen en grenzenverschuivingen. De zwakken zijn daar de dupe van.

De mainstream media die dit soort agenda’s bedienen, hebben in de wereld van snelle informatiestroom een uitwerking van een kanonschot.

De onderwerpen die in de blogs 51 t/m 58 aan bod komen:

  1. “S-447 JUST” – De inleiding:  historische feiten lijden, voor wie de schadeloosstelling en teruggave van bezittingen, “Magdalenka/Rondetafel afspraken van 1989” en de communistische invloed anno 2019
  2. S-447 JUST” is onverenigbaar met de Amerikaanse constitutie
  3. Verdrag van Luxemburg d.d. 10 september 1950 tussen de Duitse Federale Republiek en Israël
  4. Verdrag d.d. 16 juli 1960 tussen Polen de VS en andere Europese landen  
  5. Mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de Tweede Wereldoorlog – wie is wie iets schuldig? Deel 1, Deel 2
  6. “S-447 JUST” – een uitkomst van een goed georganiseerd en vooruitgedacht plan van de Joodse organisaties. Deel 1, Deel 2
  7. “Holocaust restitutie – dubieuze en frauduleuze onderneming van de Joodse organisaties”, helaas is dit artikel van de fenixx.org van internet verdwenen.

Wie wordt met de ‘Poolse Joden’ bedoeld?

Op de vooravond van de Tweede Wereldoorlog woonden in de Tweede Poolse Republiek, naast Polen, Oekraïners, Wit-Russen, Duitsers, Litouwers, Russen, Zigeuners, Tsjechen, Slovaken, Karaims en Tataren, 3 miljoen Poolse Joden, 10% van de Poolse bevolking. *) 

10-20% procent van Poolse Joden waren de gepoloniseerde en geëmancipeerde Joden. 

Toen Polen als staat na 123 jaar opnieuw ontstond, “waren de gepoloniseerde Joden Pools. De geëmancipeerde Joden streefden binnen de democratische regels naar eigen autonomie, en toen het niet lukte, naar het behoud van eigen cultuur en taal, of kozen ze voor de communistische beweging*) – schrijft historica Ewa Kurek.

De overige 80-90% waren orthodoxe Joden, de chassieden, ‘een grote, compacte massa van orthodoxie’. (1)

Chassieden baseerden hun geloof, dat in 1770 ontstond, op de openbaringen van de ‘heilige mannen’ – tsadiks. (2) “Ze leefden in hun eigen wereld, waartoe noch de Polen, noch de gepoloniseerde en geëmancipeerde Joden toegang hadden of wilden hebben. Het zijn voornamelijk zij, de Poolse chassieden, (…) die men met de ‘Poolse Joden’ als ‘natie’ bedoelt“, schrijft historica, Ewa Kurek. (1)

Volgens Ewa Kurek, historicus en kenner van de Pools-Joodse relaties, waren Poolse Joden een evenement onder het wereldjodendom, een soort ‘ketters van het jodendom’. Het chassidisme volgde de mystiek van de Russische orthodoxie. (10)

Bron: geopolityka.org
Afb. 1. Bevolking van Polen met het Pools als moedertaal volgens het bevolkingsregister uit 1931. Bron: geopolityka.org

Ze woonden in de oostelijke gebieden van Polen. Tegenwoordig zijn dat Litouwen, Oekraïne en Wit-Rusland. Voor de WOII woonde daar meer dan twee miljoen Joden. 

Bron: geopolityka.org
Afb.2. Delen van Polen: verloren en gekregen. Bron: geopolityka.org

Na de oorlog verloor Polen deze gebieden (1/3 van het Polen, afb.2 grijs afgebeeld) aan de Sovjet Unie, en kreeg een gebied naar het Westen toe, tot aan de rivier Oder (voorheen Duitsland, afb.2 roze afgebeeld). 

Duitse Joden die daar woonden vormden een zeer kleine Joodse minderheid en ze woonden vooral in grote steden. In het gehele vooroorlogse Duitsland woonden ongeveer 600.000 Joden. (3)

Joodse kolonisten

De eerste Joodse kolonisten kwamen op het Pools gebied rond het jaar 1000. Bij elkaar waren het niet meer dan 20 families. Het waren handelaren, bankiers en ambachtslieden.

Pas in de 14de/15de eeuw werd Polen een toevluchtsoord voor Joden.

Joden hadden geen eigen staat, maar ze beschikten over een perfect bewaard collectief historisch geheugen, eigen religie, taal, geschriften, tradities en cultuur. (…) Joden kwamen hier [naar Polen] en wilden hier leven onder één voorwaarde – dat ze Joden zouden blijven“. (4)

Een zo ontwikkelde gemeenschap kon zich op geen wijze aan een nieuw opkomende Poolse staat aanpassen. Het was ook voor de Poolse bevolking onmogelijk met een vreemde cultuur van de Joodse kolonisten te assimileren.

“Deze twee werelden, Pools en joods, bestonden duizend jaar naast elkaar en ze zijn elkaar in wezen nooit tegengekomen. Ze waren zelfvoorzienend, ze merkten of tolereerden elkaar nauwelijks, en voelden geen behoefte aan een speciale eenheid”. (6)

Getto, een thuis en gemeenschap

“De meeste Poolse Joden, d.w.z. 85% woonden in getto’s voor de Tweede Wereldoorlog, en in Polen sinds de eeuwen”, schrijft Ewa Kurek. “Het was echter geen Poolse uitvinding, zoals sommigen proberen dit te verklaren met het ‘Pools aangeboren antisemitisme”, voegt historica eraan toe.

Sinds de middeleeuwen leefden Joden in afzondering. Het was ook hun eigen keuze. 

Vooral in reactie op de vervolging in West-Europa in de 13e tot 15e eeuw, zijn Joden steeds meer geneigd zich in hun eigen kring te vestigen. Door de nationale en religieuze banden aan te halen, proberen ze hun culturele en religieuze onderscheid te redden.

Als monotheïsten, geloofden ze dat ze niet in contact mogen komen met een andere religie, in het bijzonder met haar relikwieën.

Voor Joden was getto hun thuis, een dagelijks leven. “In zo’n wijk zou geen Joodse huisbezitter, een huis aan een christen verhuren, ongeacht of het een Pool, Duitser of Tsjech was. Dit was om fundamentele redenen onmogelijk.  Voor een vrome Jood is het een zonde om een vreemde in zijn huis te hebben. Het huis is een gemeenschap“. (7)

Tegenwoordig zouden we ons kunnen afvragen waarom vluchtten Joden niet uit getto’s tijdens de Tweede Wereldoorlog? – schrijf Ewa Kuren. “Toen was het leven voor Joden onmogelijk buiten de gemeenschap”. – zegt ze. “Het judaïsme stond toen gelijk aan lidmaatschap van een gemeente en toen bestonden geen religieus onverschillige Joden. Separatisme is zowel het fundament van religie en cultuur als een manier om het te verdedigen.“(8)

Polen was het enige land ter wereld waar in het midden van de twintigste eeuw ongeveer 85% van de Joden functioneerde in een sociale vorm die niets van de middeleeuwse vormen verschilde. Uit de beschrijvingen in het boek van St. Zeromski uit 1925 maken we op, dat het een beeld van “armoe, verloedering, onfatsoen en lelijkheid” was. (8)

Ter ere van de Polen ….

“(…) Ter eren van Polen, zegt Joodse historicus Majer Balaban, moeten we zeggen, dat in een lange rij van de Poolse machthebbers was er geen één, die, zoals:

  • de keizer Karel IV, die Joden voor een flink bedrag aan de stedelingen verkocht
  • Albrecht V, die alle Weense Joden op grond van een beschuldiging van één vrouw op de brandstapel liet verbranden (1421)
  • Leopold I, die Joden uit Wenen in 1670 verdreef en duizenden Joodse families tot zwerftochten en hongerdood veroordeelde
  • In de XV eeuw verdreef men Joden uit vrijwel alle Duitse steden
  • Het gebeurde ook in Engeland (1290), Frankrijk (1306), Spanje (1492) en Portugal (1498)

Niemand verdreef Joden uit Polen en in de donkere middeleeuwen was het een teken van vooruitgang en ongekende tolerantie. 

Dankzij de rechtvaardige Poolse koningen en de steun van de adel konden Joden hun leven in Polen binnen de mogelijkheden organiseren”. (9)

Door de eeuwen heen ontstond in Polen een traditie om geen bemoeienis met de Joodse zaken te hebben. Joden vielen onder eigen rechtbanken, lokale overheids- en religieuze structuren.


Volgende blog: S-447 vs de mythische rijkdommen van de Poolse Joden voor de WOII? Terugblik in de 123 jaar bezetting van Polen.

Vorige blog:  compensatieverdragen uit 1952, 1960 — druk op Polen vanuit de Joodse organisaties in Amerika — “S-447, extortion, blackmailing, and the rewriting of Polish history“, film van Edward Reid


*) Volgens de Joodse historicus, Majer Balaban was deze deling niet strikt. “In bijna elk Joods gezin, tussen 1918-39, kon men Joden aantreffen, die gepoloniseerd, geëmancipeerd of die de grote, compacte massa van orthodoxie trouw bleven”. – Ewa Kurek, “Voorbij de grens van solidariteit”, pag.35

In deze blog maak ik bewust veel gebruik van de stukken uit het boek van historica Ewa Kurek “Voorbij de grens van solidariteit. Pools-Joodse relaties 1939-1945”.  Haar werken zijn compleet en ze baseren ze vooral op de Joodse historische bronnen, zoals de kronieken en dagboeken uit de getto’s van Warschau en Łódź.

Ruim 30 jaar onderzoekt ze de Pools-Joodse relaties. “Haar werk is politiek-incorrect over de nieuwste geschiedenis van de Poolse Joden, vooral tijdens de WOII, en dwingt ons tot heroverweging van eerdere aannames” – schrijft historicus prof. M.J. Chodakiewicz (10).

Zoals historica het zelf zegt, is ze tot de dag van vandaag gewend om vanuit het ondergrondse te werken. 

Ze maakt er geen geheim van dat ‘het beleid‘ van de regeringen in Polen ‘betreffende historische leugens tegen Polen geen bronnen toelaat, zelfs de Joodse‘.

Haar gesprek met de Israëlische journalist en advocaat, U. Hupert in een Pools radioprogramma (Radio1) kort na het verschijnen van haar boek in 2006, mocht niet uitgezonden worden. In het programma bevestigde Hupert de historische bevindingen van Ewa Kurek. https://youtu.be/waXx3UbtEF8

Getto van Warschau. Bron foto in de afbeelding: wprost.pl

Ook haar documentaire Whoever saves One Life mag officieel niet getoond worden.

Sinds 1944 gebruikten communisten propaganda en terreur om de Polen van de waarheid af te houden. Na 1989 bestaat communisme officieel niet, maar voor het schrijven van waarheid wordt je steeds gestigmatiseerd.

Het is wel bemoedigend dat wij Polen steun uit een onverwachtse hoek krijgen. Misschien staan we in deze strijd er toch niet helemaal alleen voor? Uiteindelijk triomfeert de waarheid altijd!

Link naar het boek van Ewa Kurek in het Engels

Link naar haar documentaire “Whoever Saves One Life

Terug naar het begin: blog#1

Bronnen:

*) Volgens het bevolkingsregister uit 1931 bestond Polen uit de volgende bevolkingsgroepen: 64% – Polen;  één derde van de bevolking bestond uit nationale minderheden: Oekraïners – 16%, Joden- 10%, Wit-Russen – 6%.  De overige 4% – Duitsers, Litouwers, Russen, Zigeuners, Tsjechen, Slovaken, Karaims (aftakking van het jodendom dat alleen de Bijbel erkent en de Talmoed verwerpt) en Tataren. – Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45“, pag. 24  

(1) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45”, pag. 35-36 [Voorbij de grens van solidariteit. Pools-Joodse relatie 1939-1945]

(2)  https://justice4poland.com/2019/02/26/dlugi-zydow-wobec-polski/comment-page-1/ [Justice4Poland: Joodse schulden tegenover Polen]

(3)  Ireneusz T. Lisiak “Zaklamany Holokaust”, str. 28 [Verkeerde voorstelling van de Holocaust]

(4) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45”, pag. 37 – quote van: K. Burnetko, Getto od azylu do zaglady, w: “Historia zydow – trzy tysiace lat samotnosci”, wydanie specjalne “polityki”, nr 1/2008, s. 47 [Getto, van aziel tot de Holocaust – geschiedenis van Joden – drie duizend jaar van eenzaamheid]

(5) Ewa Kurek “Poza granica solidarnosci. Stosunki polsko-zydowskie 1939-45”, pag. 45/historyk zydowski P. Vidal-Naqueta Zbieram obelgi z roznych stron, w: Gazeta wyborcza, 12-13 pazdziernika 2002 [quote van de Joodse historicus P. Vidal-Naqueta]

(6) idem, pag. 36-37

(7) idem, pag. 39, woorden van Wladyslaw Bartoszewski, Poolse Jood, overlevende van de Holocaust, lid van de Home Army (het Poolse ondergrondse leger) in 1939-45; gevochten in de Warschau opstand 1944. 

(8) idem, pag. 39-40, beschrijving van een getto in Warschau uit de jaren twintig – stuk uit het boek van Stefan Zeromski, “Przedwiosnie”, 1925 [Het voorjaar]

(9) idem, pag. 49, na: Joodse historicus, Majer Balaban ‘Dzieje Zydow w Krakowie i na Kazimierzu 1304-1868, Krakow 1912, s. XVIII-XIX [Geschiedenis van de Poolse Joden in Krakau en Kazimierz 1304-1868] – Majer Balaban zamordowany przez Niemcow w 1942 roku.

(10) Katarzyna Treter-Sirpinska: “Żydzi, gender, multikulti czyli oszustwo i szajba/wywiad z ‘antysemitami'”, pag. 250 [Joden, gender, multiculti oftwel het vals spelen en gedachteloosheid/ Interviews met “antisemieten” – interview met historicus dr Ewa Kurek]

Blog#48: Polen onder de Duitse bezetting in de WOII – Het Generaal Gouvernement (GG), het meest uitgebuit en vernietigd gebied uit alle door Duitsland tijdens de oorlog bezette gebieden. Deel 3: De grootste begraafplaats van Europa

Vervolg op deel 1, deel 2


Zoals tijdens de eerste imperiale overheersingen

Het lot van de bewoners van het Generaal Gouvernement was te vergelijken met het lot van de inheemse bevolking uit de tijd van de eerste imperiale overheersingen – schrijft historicus Leszek Pietrzak.

De bezetter besliste over het leven en dood van de Poolse bevolking. 


De ruggengraat van de Polen breken

De toespraak van Hans Frank van 2 maart 1940 liet ook zien welk lot Polen stond te wachten: “we zullen de ruggengraat van Polen voorgoed breken, zodat er geen enkel verzet meer ooit de politiek van het Duitse Rijk in de weg zal staan“.

Het betekende systematische uitroeiing van de Poolse elites, wat al in de eerste weken van het ontstaan van het Generaal Gouvernement plaats vond. Voornamelijk ging het om de Poolse intelligentie. (1)


Sonderaktion Krakau – 1939

Universiteit van Jagiellonia, 1939. Bron: mobilnainteria.pl

Op 6 november 1939 vond de actie “Sonderaktion Krakau” aan de Jagiellonia Universiteit in Krakau. 

Arrestatie van de professoren. Bron: obozowekalendarium.blokspot.com


De Einsatzgruppe van de Duitse veiligheidspolitie (Sipo) onder leiding van Bruno Müller arresteerde 183 medewerkers van de universiteit en stuurde ze rechtstreeks naar de concentratiekamp  Sachsenhausen. (1)

AB- Aktion – 1940

In 1940 hebben de Duitse politie en de veiligheidsdiensten actie AB, Ausserordentliche Befriedungsaktion uitgevoerd.

Palmiry. Geblindoekt, onderweg naar de executieplaats in Palmiry. Bron: wykop

Met deze brede aanpak hebben ze ten minste 6500 Polen vermoord, waarvan 3500 uit de politieke en intellectuele kringen. 

De meest bekende en bloedigste misdaden van de Duitsers tegen de Poolse elites waren de massa-executies in de Warschau Palmiry.

Duitsers zetten dit beleid in de volgende jaren voort.  (1)


Liquidatie van militairen en geestelijken

Naast de intelligentie waren ook de voormalige militairen en de geestelijken het doel. Het is veelzeggend dat de Duitsers alleen in Polen de
kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders arresteerden.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog behoorde de Poolse kerk tot de meest vervolgde en vernietigde instellingen. Bisschoppen, priesters, monniken werden regelmatig vermoord, naar de vernietigingskampen gebracht. Ze mochten hun geestelijke ambt niet uitoefenen. (4)

Poolse priesters in Bydgoszcz. Bron: wikipedia

Voor Hans Frank was de Poolse katholieke kerk de grootste bedreiging voor de Duitse machthebbers: “katholicisme in dit land is geen geloof maar een bestaansvoorwaarde“.

In het Generaal Gouvernement was het belijden van het geloof in het openbaar onmogelijk. (1)

In het Bisdom van Warschau stierven 212 priesters, van Krakau 30, van Kielce 13, van Lvow 81, van Vilnus 92 (4)

Door het Derde Rijk geannexeerde Poolse gebieden verloren de meeste geestelijken

In de door het Derde Rijk geannexeerde Poolse gebieden verloor de Poolse kerk de meeste hiërarchen en geestelijken.

Occupatie van Polen 1939. Bron: Wikipedia

In het Warta Land (Warthegau) bleef er alleen één bisschop over.

In 1939 hebben de Duitsers 80% van de priesters uit dit gebied gedeporteerd. In 1941 kwam 500 geestelijken in de concentratiekampen terecht.



In Wloclawek stierf 49,2% van de priesters; in Chelmno 47,8%; in Lodz 36,8%; in Poznan 31,1%.

Poznan telde 200.000 bewoners voor de oorlog, had 30 kerken en 47 kapelletjes. Tijdens de oorlog mochten de gelovigen maar twee kerken bezoeken. Lodz met haar 700.000 bewoners mocht vier kerken gebruiken.

Pacificatie van kloosters, arrestaties en moorden vormden een vast onderdeel van het Duitse bezettingsbeleid.(4)


Leven in permanente angst

Duitse represailles waren velerlei en tegen de gehele bevolking gericht.

Frank benadrukte steeds dat Poolse arbeiders en boeren duidelijk moesten voelen dat “ze onder de bescherming van het Derde Rijk en haar uitvoerende organen zijn“.

Mensen leefden in het Generaal Gouvernement in een permanente angst. 

Elke dag kon je opgepakt en doodgeschoten worden. 

Er was dwangarbeid in Duitsland. Razzia’s vonden elke dag plaats.

Elke aanleiding, echt of vermeend was voor de Duitsers goed om de collectieve straffen uit te delen, wat met ongekende terreur en brutaliteit gepaard ging. 

Velen van de gearresteerden kwamen in de concentratiekampen binnen het GG of in het Derde Rijk terecht. 

Een bijzondere rol in dit systeem speelde concentratiekamp Auschwitz (Oświęcim), de grootste die de Duitsers op het Poolse grondgebied hadden gebouwd. 

Vanaf juni 1940 hebben Duitsers 130.000 Polen naar Auschwitz gebracht. 70.000 van hen stierf van honger, ziektes en uitputting door werk. (1)


Aktion Zamosc”, rassenpolitiek tegen de Poolse kinderen 1942-1943

Poolse kinderen werden aan het Duitse rassenbeleid onderworpen.

In het kader van het “Generalplan Ost” pacificeerden Duitsers Poolse gebieden. Polen moesten daar weg.

ontvoering van Poolse kinderen. Bron: wikipedia


Tijdens de actie “Zamość” hebben Duitsers  30.000 Poolse kinderen ontvoerd.  11.000 van hen zijn naar Duitsland ter germanisering gestuurd. Hun lot is tot de dag van vandaag onbekend. 

Aktion Zamosc. Kaart van Zamojszczyzna. Bron: wikipedia


De overige kinderen, minderwaardig volgens de Duitse rassenpolitiek, hebben Duitsers naar de concentratiekampen in Majdanek, Auschwitz en Łódź gestuurd om ze daar te laten doden.

Maar onderweg alleen stierven velen van hen van honger en kou. 

Dit was één van de wreedste Duitse  misdaden tijdens de Tweede Wereldoorlog. (1)


Christenen en Joden in de eerste twee jaren van de Duitse bezetting

Het beleid van Hitler, tijdens de eerste twee jaar van de Duitse bezetting van Polen in de Tweede Wereldoorlog, was om alle potentiële Poolse weerstand te onderdrukken d.m.v. willekeurige moordpartijen en deportaties.

Hoewel de joodse bevolking gedwongen was om de davidster te dragen en naar getto’s te verhuizen, ontsnapte het over het algemeen aan de afschrikwekkende uitbarsting van de terreur die de Duitsers tegen de christelijke Polen gebruikten. (2)

“(…) In het door de Duitsers bezette Polen in de jaren 1939-1942, degenen wiens levens het meest bedreigd waren, waren Polen.

Volgens de Joodse historicus Szymon Datner, de verhouding van de door Duitsers vermoorde Polen en Joden in die periode was 10: 1.
Dat wil zeggen dat op 10 door de Duitsers in die drie jaar vermoorde Poolse burgers, negen waren Pools en één was Joods (red.: en vaak was het iemand uit de Poolse intelligentsia)(…)”.

“(..) Volgens de Joodse bronnen (…) in gevaarlijke situaties deden de Polen een bandje met de Davidster om. De Joodse spraak kon je voor de razzia’s behoeden (…)” (3).

Drie miljoen christelijke Polen verloren hun levens in de Tweede Wereldoorlog.

Getto’s

Tegelijk met het ontstaan van het Generaal Gouvernement ontstonden getto’s. De Poolse bevolking moest wijken om er plaats voor te maken.

Getto’s waren gigantisch overbevolkt. 

Historicus  Leszek Pietrzak geeft als voorbeeld de getto in Piotrków Trybunalski aan. In 182 huizen moesten 10.000 Joden huisvesten. 

Dit soort omstandigheden zorgde voor uitbraken van epidemieën. 

Mensen stierven er van ziektes maar ook van honger. Elke dag lagen dode mannen, vrouwen, bejaarden en kinderen op straat. 

In januari 1941 stierven 898 mensen in de Warschau getto. In augustus van hetzelfde jaar waren het 5560 mensen.

Tot vandaag hebben historici moeite met het bepalen hoeveel mensen in getto’s waren door honger gestorven. 

In 1941 toen de Duits-Sovjet oorlog uitbrak, hebben Duitsers 360.000 Sovjet  oorlogsgevangenen in het Generaal Gouvernement geplaatst, waarvan 310.000 hebben ze bewust hongerdood laten sterven. (1)


Duitse ‘afrekening’ met de joodse bevolking

Na de aanval op de Sovjetunie in juni 1941, begon een systematische moord op de Poolse Joden. Tegen het einde van de oorlog drie miljoen Poolse Joden kwamen om door het toedoen van de Duitsers.

Het moorden ging gepaard met de roof van joodse bezittingen. Het was een ware obsessie van de Duitse bezetter. 

Aktion Reinhardt. Bron: Die Welt

De echte hel voor de joodse bevolking begon echter pas toen het besluit over de “Endlösung der Judenvrage” viel.

Aktion Reinhardt. Bron: paperblog

De eerste actie volgens dat plan was “Aktion Reinhardt“, wanneer Duitsers bijna 2 miljoen Joden hadden vermoord.

Aktion Reinhardt. Bron: amazon.com.uk

Deze genocide vond vooral in de concentratiekampen Belzec, Sobibor, Treblinka, Auschwitz, Chełmno en Majdanek.

In de gaskamers van deze vernietigingskampen vonden mensen direct de dood.

Daar kwamen ook de bewoners van getto’s terecht, toen de Duitsers in de zomer van 1943 hadden
besloten om de getto’s op te heffen.

De gevolgen van de Duitse dood-industrie

Het beleid van de Duitse bezettende machten, het economisch systeem en de gevolgen daarvan voor de bevolking maakten van het Generaal Gouvernement niet alleen een kolonie. 

De Duitse dood-industrie heeft van het Generaal Gouvernement de grootste begraafplaats van Europa gemaakt.

4 miljoen van de 6 miljoen in de WOII vermoorde Polen, waren bewoners van het Generaal Gouvernement


Nog één keer op een rij

Het Generaal Gouvernement, “Nebenland”, was kolonie van Hitler (3), aangestuurd door de Duitse politie en veiligheidsdiensten. Het betekende:

  • exterminatie van de Poolse bevolking volgens het z.g.n. “Generalplan Ost” (Aktion AB, Palmiry 1940, Aktion Zamosc)
  • fysieke liquidatie van het Joodse gedeelte van de Poolse bevolking
  • doodstraf voor elke vorm van verzet en/of hulp aan Joden
  • concentratie- en werkkampen, dwangarbeid in het Derde Reik voor de Poolse burgers – Duitsers hebben 2000 concentratiekampen (incl. alle afdelingen) op het Poolse grondgebied gebouwd.
  • 50% van de buitenlandse dwangarbeiders in Duitsland waren Poolse dwangarbeiders  
  • massale verdrijving van de Poolse bevolking
  • uitvoer van voedsel uit het GG dat aanzienlijk de export van voedingsmiddelen in het vooroorlogse Polen overtrof
  • verbod op politieke partijen, sociale organisaties, cultuur- en sportverenigingen
  • sluiting van theaters en bioscopen
  • verbod op middelbaar en hoger onderwijs en beperking tot minimum van het basis onderwijs

Naar deel 1, deel 2

Lees meer: deel 1: Het ontstaan van het Generaal Gouvernement

Lees meer: deel 2: Economische uitbuiting van het Generaal Gouvernement

Lees meer: Drie genocides op de Poolse bevolking in de Tweede Wereldoorlog

Vorige blog: oorlog tegen de historische waarheid. deel 2: prof. Spanner maakte zeep van menselijk vet.

Bronnen:

(1) “Zakazana historia”/”Kolonia Hitlera”, historicus, dr. Leszek Pietrzak / (“De verboden geschiedenis” – “De kolonie van Hitler”), pag. 48-52.

(2) “Your Life is Worth Mine”, historicus Ewa Kurek, de introductie op de kaft; HIPPOCRENE BOOKS, INC. New York, NY, 1997 – “(…) Duizenden Polen hebben de Joodse levens gered door dagelijks aan de Duitse bevelen weerstand te bieden en eigen leven te riskeren. Een van de meest effectieve reders waren de vrouwelijke, katholieke religieuze ordes. Poolse nonnen, in bijna 200 religieuze instellingen, inclusief scholen en weeshuizen, redden meer dan 1200 joodse kinderen.(…)”

(3) Ewa Kurek: “Polacy i Zydzi: problemy z historia”, WYDAWNICTWO CLIO, pag. 148)/ Sz.Datner: “Las Sprawiedliwych – karta z dziejow ratownictwa Zydow w okupowanje Polsce, Warszawa 1968, s.8) -[ “Polen en Joden: problemen met de geschiedenis”, quote uit het boek van Szymon Datner “Forest of the Righteous”, een kaart uit de geschiedenis van de redding van Joden in het bezet Polen, Warschau 1968, pag. 8]

(4) Pawel Lisicki: “Krew na naszych rekach?”, pag. 87-88 [“Bloed op onze handen?”]

– De tijden, schrijft Pawel Lisicki, waarin Polen nog in het naïeve geloof konden leven dat de wereld ze als medeslachtoffers van de Tweede Wereldoorlog ziet, zijn allang voorbij;

“de gemiddelde Amerikaan, Fransman of Duitser denkt dat de Tweede Wereldoorlog een Holocaust was en dat is alles. Er waren nog mensen, die de Joden redden, maar de rest, de hele miljoenenpubliek keek er passief toe of nam zelfs deel aan de moord. (En dat) Joden alleen stierven, omringd door een zwerm van christelijk gepeupel, die alleen op hun levens en eigendommen aasde (…)]

“Dit zieke, obsessieve verhaal domineert snel de geest. Het wordt een religie, een mythe, een absoluut dogma, die geen weerstand verdraagt. Alles is daarin vervormd en omgekeerd. Hitler is geen misdadiger en moordenaar van volkeren, maar uitsluitend de moordenaar van de Joden; Polen, Serviërs, Russen of Wit-Russen zijn (red. IV in dit verhaal) geen afzonderlijke slachtoffers, maar een irrelevante meststof van de geschiedenis. (…)” – Ireneusz T. Lisiak: “Zaklamany Holokaust”, pag. 16 [“De verkeerde voorstelling van de Holocaust”]

Blog#47: Duits mediaconcern voert oorlog tegen de historische waarheid in Polen. Deel 2: professor Spanner maakte zeep van menselijk vet.

Vervolg op deel 1.


Inleiding

Met het feit dat Duitsers zeep van menselijk vet tijdens de Tweede Wereldoorlog in Gdansk maakten, ben ik vanaf mijn kindertijd opgegroeid. 

Voor mij was het een gegeven en ik stond er nooit stil bij dat het in de wereld onbekend kon zijn of zelfs een onderwerp van ontkenning of aanval kon worden. 

Geboren en getogen in Gdansk ging ik vaak lopend naar het centrum van de stad. Door het park langs het academisch zwembad en dan de Laan der Overwinning (Aleja Zwyciestwa) over.

Het zebrapad eindigt precies tegenover het Anatomisch Instituut van de Medische Academie. 

Marmer gedenkmonument. Bron: historia.trojmiasto.pl

Een herdenkingsbord aan de voorgevel van het gebouw herinnert aan deze misdaad uit de Tweede Wereldoorlog.


Zofia Nałkowska in Nürnberg

De vroegste getuigenissen daarvan  lezen we in het boek “Medaliony” van Zofia Nałkowska (1884-1954). 


Zofia Nałkowska. Bron: prabook

Zofia Nałkowska, schrijfster en journaliste deed verslagen van de processen in Nürnberg.

Haar werk voor de commissie die het onderzoek naar de nazi-oorlogsmisdaden deed, vormde een inspiratiebron voor haar verzameling korte verhalen “Medaliony” (Medallions) uit 1946.

De auteur geeft de waarheid over die dagen weer – de waarheid die is vervat in de woorden van degenen die het hebben gezien en het hebben overleefd. 

Ze schrijft rechtstreeks over het Duitse wetenschappelijke instituut waar de productie van zeep uit menselijk vet plaatsvond, over het lijden en de dood van vrouwelijke gevangenen in vernietigingskampen, over verschillende methoden van het uitroeien van Joden en het vergassen van kinderen in Auschwitz. (1)


De eerste onderzoekscommissie

Het was mei 1945 toen de eerste speciale commissie, onder leiding van de burgemeester van Gdansk, in het kleine gebouw van het maceratorium aan het Instituut voor Anatomie in Gdansk arriveerde.

Haar directeur, prof. Rudolf Maria Spanner was inmiddels sinds twee maanden in Duitsland. 

Zeep. Bron: niezwykle.com


Vier platte stukken massa met zeepstructuur in een grijs-gele kleur met witte afzettingen stond in het centrum van de belangstelling van de commissie. (2)

De In het instituut aangetroffen lichamen. Bron: focus.pl
Laboratorium van het Anatomie-instituut in Gdansk, 1945. Bron: trojmiasto.pl

” (…) Eerst komen ze in een kelder, waar in een paar enorme kuipen de lichamen liggen, bewaard in een uitstekende staat.

In een ander bad liggen afgesneden hoofden.

Daarna gaan ze naar een klein gebouw van rood baksteen.

Daar treffen ze een ketel in het haard aan, bedoeld voor het koken van menselijke torso’s die van de huid zijn ontdaan.

In een glazen kast, op de planken liggen gekookte schedels en botten, en in een mand – geprepareerde stukken menselijke huid.

Ze zien ook een kachel waarin afval en botten werden verbrand. Er zijn stukken witte zeep en vormen op de tafel.(…)”. (3)

Geruchten over een “zeepfabriek van mensen”, maar ook berichten over de geheime transporten met lijken naar het instituut tijdens de oorlog waren weid verbreid. 

Stanislaw Byczkowski, toxicoloog, die het laboratorium van Spanner op 17 april 1945 onderzocht, schreef later in zijn memoires dat ‘afgezien van andere werkzaamheden, werden hier pogingen ondernomen om zeep van menselijke resten te maken”. (4)

In de tijd waarin de omvang van de door de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog gepleegde misdaden werd ontdekt, was hier niets bijzonders aan.

In het eerste naoorlogse nummer van het dagblad “Dziennik Baltycki” kon men in een groot artikel lezen dat “al in de Eerste Wereldoorlog meldingen waren dat Duitsers zeep van menselijk vet maakten”. Niemand was echter toen in staat een bewijsmateriaal te leveren. (4)

Laborant van Spanner

Op 6 mei 1945 hebben de veiligheidsdiensten Zygmunt Mazur, één van de laboranten van prof. Spanner aangehouden. Mazur bekende.

Hij liet ook een huisrecept voor de productie van zeep zien, die Gertrud Koytek, medische assistente van prof. Spanner had meegebracht. (4)

” (…) De ondervraagde spreekt over het productieproces, het verwerven van menselijke lichamen uit gevangenissen en ziekenhuizen voor krankzinnigen (…) Hij weet ook niet wat de professor met de kant-en-klare zeep deed. Hij vermoedt dat de professor het verboden heeft om te praten over wat ze deden omdat “burgers” daarachter konden komen en onnodige onrusten veroorzaken. Hij is zich niet van bewust dat het maken van zeep van menselijk vet een misdaad was. Hij geeft toe dat hij deze zeep zelf heeft gebruikt, hij walgde in eerste instantie zelf, maar het schuimde goed en werd gebruikt voor het wassen. Ten slotte voegt hij eraan toe dat “in Duitsland, je kunt zeggen, mensen iets kunnen doen – uit het niets …“(…)”. (3)

Collega’s van Spanner

(…) s Middags zijn de collega’s van prof Spanner voor het verhoor aan de beurt. Beiden zijn artsen en beweren dat ze niets van de productie van zeep uit menselijk vet wisten. Beiden zijn het erover eens dat Spanner daar toe in staat was. De lange dokter rechtvaardigt de procedure van Spanner met een bevel dat hij kon krijgen en die hij heeft uitgevoerd omdat hij een “straflied van de partij” was. Zijn metgezel is ervan overtuigd dat het gedrag van de wetenschapper te wijten is aan de economische toestand van Duitsland, dat toen “een groot gebrek aan vetten” ervoer.(…)”. (3)


Nieuw onderzoek uit 2002

Op verzoek van de Duitse minderheden in Polen heeft het Poolse Instituut voor de Nationale Herinnering een nieuw onderzoek in 2002 opgestart. 

Dit onderzoek bevestigde definitief de feiten uit de verslagen van Zofia Nalkowska. 

Spanner, wereldberoemde kandidaat voor de Nobelprijs

prof. Rudolf Spanner. Bron: verzameling van Janusz Uklejewski.


Duitse professor Rudolf Spanner leidde het Anatomisch Instituut voor Medische Academie in Gdansk tijdens de Duitse bezetting van Polen in de Tweede Wereldoorlog. (5)

Het Poolse Senaat in Gdansk benoemde de Staatsacademie voor Praktische Geneeskunde op 4 december 1934 . Haar doel was praktisch medisch onderwijs als voortzetting van de theoretische studies aan andere universiteiten.

Nadat de Duitsers Polen in september 1939 hadden bezet en in het Derde Rijk ingelijfd, kreeg de academie een bredere bestemming. 

Om de rang van de universiteit te verhogen, werden medewerkers uit het Derde Rijk naar Gdańsk gebracht.

Prof. Rudolf Spanner was één van hen. Hij heeft de leerstoel anatomie en embryologie in het voormalige Pallottine-gebouw op de hoek van de Laan der Overwinning (al. Zwycięstwa) en de Maria Skłodowska-Curie laan overgenomen.

Spanner, een wetenschapper uit Koblenz, vanaf 1936 lied van de NSDAP, wereldberoemde specialist in placenta, vasculaire systeemverbindingen en in het maken van preparaten. 

In 1939 werd hij genomineerd voor de Nobelprijs op het gebied van fysiologie en geneeskunde voor zijn werk aan nierfysiologie. (4)


Een van de zwartste kaarten uit de WOII

De activiteiten van Spanner behoren tot “één van de zwartste kaarten uit de Tweede Wereldoorlog“, zegt Witold Kulesza, hoofd van de Commissie voor de vervolging van misdaden tegen de Poolse natie in Gdansk. 


Hij benadrukte tegelijk, dat als Spanner nog in leven was, zou niemand hem van de nazi-misdaden kunnen beschuldigen. Eventueel voor het wissen van sporen van de misdaden, door de lijken te vernietigen.

Bron: holocaust.cz


Lijken voor de experimenten kwamen o.a. uit een psychiatrisch ziekenhuis in Kocborowo, uit een gevangenis in Koningsberg en ook uit de vernietigingskamp in Stutthof in de buurt van Gdansk. 

Plattegrond van Stutthof. Bron: wikipedia


Spanner ontkende het laatste, maar zijn medewerkers bevestigden het tijdens het proces in Nürnberg. (5)

Spanner praatte altijd over een “Post-handhavingsmateriaal”, d.w.z. een lijk na onthoofding met een guillotine, minder vaak na ophanging.

In één geval was er zeker sprake van lichamen van de Poolse verzetsstrijders, die de Gestapo had gedood. Spanner ondertekende hun overlijdensaktes. (4)

Experimenten van Spanner waren helemaal niet zo vreemd in die tijd, benadrukt Witold Kulesza.

Als voorbeeld geeft hij de activiteiten van één van de Duitse wetenschappers aan de universiteit in Poznań, die schedels van de Polen en Joden aan het Natuurhistorisch Museum in Wenen verkocht om ze in het z.g.n. rassenkast te tentoonstellen. (5)


De zeep, het bewijs in Den Haag

Het onderzoek wees uit dat de door Spanner gemaakte zeep voor het schoonmaken van kamers en tafels in het prosectorium werd gebruikt. 


De zeep had een onaangename geur – verklaarden de getuigen – daarom werd er amandelolie aan toegevoegd.


Het is vastgesteld dat het team van Spanner erin slaagde om tientallen tot enkele tientallen kilo zeep van menselijke lijken te produceren


Deze zeep was één van de materiële bewijzen van de nazi-misdaden tijdens de rechtszaak in Nürnberg tussen november 1945 en de november 1946. 


De pot met zeep wordt nu samen met de volledige documentatie van het proces van Nürnberg opgeslagen in de archieven van het Internationaal Gerechtshof in Den Haag.


Professor Stołyhwo, die een monster van deze zeep heeft getest, zei dat zeep op een natuurlijke wijze tijdens het smelten van menselijke lijken ontstaat.

In dit geval echter voegde men kaolien eraan toe. Dit schuurmiddel maakt zeep geschikt voor gebruik en “voor mij – zei prof. Stołyhwo – is het een schending van de ethiek“.

De Amerikaanse FBI heeft het stukje zeep onderzocht en geen menselijke DNA of haren gevonden. (5)


Nieuwe getuigen

Tijdens het nieuwe onderzoek naar de activiteiten van Spanner uit de Tweede Wereldoorlog hebben zich 20 nieuwe getuigen aangemeld – zei officier van justitie, Piotr Niesyn – o.a. de voormalige Poolse soldaten, de militie en de gevangenen van de concentratiekamp Stutthof.


De officier van Justitie kreeg de gelegenheid om een ander stukje bruine zeep afkomstig van het Instituut te onderzoeken.

De uitkomsten daarvan bevestigden dezelfde eigenschappen als die van de zeep in Den Haag. 

De onderzoekers beschikten bovendien over documenten van de eerste inspectie van het Anatomisch Instituut gemaakt direct na de bevrijding van Gdansk in 1945. (5)


Spanner nooit vervolgd

Spanner werd in Duitsland in 1947 en 1948 aangehouden en verhoord.

Tijdens het verhoor, zei hij, dat hij zeep van menselijk vet alleen voor de impregnatie van gewrichtsbanden gebruikte. Het onderzoek naar zijn zaak werd toen gestaakt.


Alleen de Britten hadden de stappen tegen Spanner ondernomen en ze wisten hem van de universiteit van Keulen te verdrijven.


Spanner werkte vervolgens als een reguliere arts in Sleeswijk-Holstein. Hij stierf in 1960 in Keulen. (5)

Vorige blog: Deel 1

Bronnen:

(1) Zofia Nalkowska, “Medaliony”/’Medaliony’: https://klp.pl/medaliony/

(2) https://historia.trojmiasto.pl/Profesor-samo-zlo-n101295

(3) Zofia Nalkowska, “Medaliony”, ‘Profesor Spanner’: https://klp.pl/medaliony/a-6073.html

(4) https://historia.trojmiasto.pl/Profesor-samo-zlo-n101295

(5) https://wiadomosci.wp.pl/w-gdansku-produkowano-mydlo-z-tluszczu-ludzkiego-6036251797471873a

Blog#44: 100 jaar geleden hebben Polen hun onafhankelijkheid verdedigd en hiermee de westerse democratieën voor de bolsjewieken gered. Op 11 november vieren Polen hun Onafhankelijkheidsdag met de Onafhankelijkheidsmars.

Inleding

Op 11 november vieren de Polen hun Onafhankelijkheidsdag. Maar het is niet de dag waarop de Tweede Wereldoorlog eindigde. Neen, het einde van de Tweede Wereldoorlog  bracht Polen de nieuwe bezetting (Teheran, Jalta) en een nieuw regime. Ondanks het feit dat Polen naast de geallieerden in de Tweede Wereldoorlog hebben gevochten en samen de oorlog gewonnen.
We hebben het hier over het jaar 1920.
Pruisen (Duitsland) en Rusland hebben de generaties van Polen tot dan toe 123 jaar gevangen gehouden en hun land van de kaart van Europa gewist.

Roman Dmowski. Foto: wykop.pl

Op de vredesconferentie in Versailles heeft Roman Dmowski de leiders van de Europese machten overtuigd dat onafhankelijk Polen noodzakelijk is. Dmowski’s sterke argument dwong zelfs de Britse premier David Lloyd George, die Polen zo ongunstig was, dit te accepteren. (1)
Om deze prille onafhankelijkheid te bevestigen, moesten Polen eerst zes grensoorlogen en één grote met Sovjet-Rusland voeren.
De overwinning van Polen op Sovjet-Rusland heeft de verspreiding van communisme in Europa gestopt. Maar het Westen wilde het niet erkennen.
De Engelsen en Fransen wilden niet erkennen dat de Polen als eersten de overwinning op de bolsjewieken hebben behaald.

Franse generaal Louis A. Faury. Foto: wikipedia

De Franse generaal Louis A. Faury *) merkte dit bijzonder moment in de wereldgeschiedenis als enige op.
Hij zei “aan de rivieren Vistula en Niemen heeft deze nobele natie opnieuw de westerse civilisatie

Edgar V. D’ Abernon. Foto: National Portret Gallery

een dienst bewezen en men wist het niet op de juiste waarde te schatten“.

Lord Edgar D’ Abernon **) vond het noodzakelijk “de westerse publieke opinie uit te leggen, dat de Polen Europa in 1920 hebben verlost“.
Zijn ervaring heeft hij later in zijn boek “The Eighteenth Decisive Battles of the World” beschreven. (2)

De oorlog, die het lot van de wereld veranderde

Iets, dat als een grensgevecht in een klein stadje Mosty, aan Niemen begon, mondde snel uit in een oorlog. Het was een winterse dag op 14 juli 1919.
Polen moesten deze oorlog winnen om de onafhankelijkheid, waar ze 120 jaar op hadden gewacht te verdedigen. De bolsjewieken hadden toen maar één doel, de revolutie op het hele Europese continent te starten.
Het was een patstelling, die het vaststellen van de nieuwe grens onmogelijk maakte. De oorlog was onvermijdelijk. (2)
Het kritische moment van die oorlog viel in augustus 1920 toen de Sovjets in hun druk naar het Westen direct Warschau hadden bedreigd.

Strijd tussen Polen en de bolsjewieken 1919-1920. Foto: stara gwardia.pl

De slag om Warschau op 13-25 augustus werd beschouwd als een echt wonder. Het Poolse leger heeft niet alleen de frontale aanval van de Sovjets weerstaan, maar de Polen kwamen ogenblikkelijk over tot een tegenoffensief.
De oorlog eindigde op 12 oktober 1920 en op 18 maart 1921 hebben de beide kanten een vredesverdrag in Riga ondertekend. (2)
Polen hadden toen te veel problemen aan hun hoofd om hun succes in de confrontatie met Sovjet-Rusland goed te benutten. Misschien waren we inderdaad niet sterk in de oorlogspropaganda, of misschien vonden we andere waarden belangrijker. Misschien verwachtten we dezelfde eerlijkheid van anderen?
In het begin van de twintigste eeuw werd Polen als land in een extreem moeilijke omstandigheden gevormd. Voordat er een herkenbaar, modern land kon ontstaan, moesten de Polen veel problemen overwinnen.
Het vastleggen van de grenzen van Polen behoort tot de moeilijkste episode van de moderne Europese geschiedenis. (…)
Bovendien heeft Polen altijd weinig te danken gehad aan haar bondgenoten en nog minder aan haar vijanden. Allebei verwelkomden haar ontstaan als onafhankelijke staat in 1918-20 met minachting. Broos en onbemind moest Polen soortgelijke problemen van legitimiteit binnen haar eigen grenzen trotseren (3).

Conclusie

De overwinning van Polen op de Sovjets 100 jaar geleden heeft de mars van de bolsjewieken naar het Westen afgeremd. Zonder de Poolse overwinning in 1920 zouden de Sovjet grenzen tot aan de Atlantische oceaan reiken.
Voor het Westen was het alleen een “oorlog van dwergen en niet van de giganten”. Terwijl deze overwinning niet minder was, dan de overwinningen van Themistocles, Alexander de Grote, Caesar, Gustav Adolf, De Grand Condé en van vele andere grote generaals. (2)
In 1920 deden Polen wat juist was. Ze hebben hun onafhankelijkheid met enorme offergezindheid verdedigd.
Hetzelfde deden Polen in de Tweede Wereldoorlog. Opnieuw van hun land beroofd gingen ze samen met de geallieerden de strijd aan: “Voor jullie en onze vrijheid”.
Dit gold voor de strijd van de Polen tegen communisme in de jaren 70-tig en later als Solidarnosc in de jaren 80-tig. En dit geldt tot de dag van vandaag, want Polen vechten nog steeds voor hun onafhankelijkheid. In deze strijd worden ze of vanuit het Oosten of vanuit het Westen  tegengewerkt.
Polen mogen blijkbaar geen gevoel van het Pools zijn, van hun geloof en liefde voor hun vaderland en respect voor hun voorouders uiten, zonder dat de links-liberale media hen voor fascisten, neonazi of antisemieten uitmaken.
Al deze beschuldigingen zijn behalve a-historisch, onrechtvaardig en zeer kwalijk.
Stelt u zich voor dat men de Nederlanders, die elk jaar hun Koningsdag uitbundig vieren met deze namen keer op keer zou bestempelen. Want zo simpel is het.

Meer lezen:

Volgende blog: Polen onder de Duitse bezetting in de WOII, deel 2

Bronnen:
**) D’Abernon maakte deel uit een geallieerde missie naar Polen tijdens de Pools-Sovjet oorlog in juli 1920. Later heeft hij zijn ervaring in een boek “The Eighteenth Decisive Battle of the World, Warsaw, 1920(1931):
(1) Leszek Pietrzak: “Zakazana Historia” ,”Zapomniana duma Polakow”, 2011 pag. 143-149, (“De verboden geschiedenis, De vergeten Poolse trots”
(2) Leszek Pietrzak “Zakazanä historia 2″/”Zapomniane zwyciestwo Polakow”, 2012  – “Wojna, ktora zmienila losy swiata”, pag. 5-8 (“De verboden geschiedenis nr 2, de vergeten Poolse overwinning”)
(3) Dermot Quin “In search of Polish Anti-Semitism”, The Chesterton Review Vol. XXXIII, Spring/Summer 2007é

Blog#43: Polen onder de Duitse bezetting in de WOII – Het General Gouvernement (GG), het meest uitgebuit en vernietigd gebied uit alle door Duitsland tijdens de oorlog bezette gebieden. Deel 1: het ontstaan van het GG en de aansturing

Inleiding

Het Generaal Gouvernement, “Nebenland“, was in wezen een kolonie van Hitler (3), aangestuurd door de Duitse politie en veiligheidsdiensten. Het betekende:  

  • 4 miljoen van de 6 miljoen in de WOII vermoorde Polen, waren bewoners van het Generaal Gouvernement
  • exterminatie van de Poolse bevolking volgens het z.g.n. “Generalplan Ost“: Palmiry 1940 en AB-Aktion
  • fysieke liquidatie van het Joodse gedeelte van de Poolse bevolking
  • doodstraf voor elke vorm van verzet en/of hulp aan Joden
  • concentratie- en werkkampen en dwangarbeid in het Derde Rijk voor de Poolse burgers – Duitsers hebben (incl. alle afdelingen) 2000 concentratiekampen op het Poolse grondgebied gebouwd.
  • 50% van de buitenlandse dwangarbeiders in Duitsland waren Poolse dwangarbeiders
  • massale verdrijving van de Poolse bevolking
  • uitvoer van voedsel uit het GG, dat aanzienlijk de export van voedingsmiddelen in het vooroorlogse Polen overtrof
  • verbod op politieke partijen, sociale organisaties, cultuur- en sportverenigingen
  • sluiting van theaters en bioscopen
  • verbod op middelbaar en hoger onderwijs en beperking tot minimum van het basis onderwijs

Het ontstaan

Generaal Gouvernement
Foto: pl.Wikipedia,org

De noordelijke en westelijke gebieden van  Polen heeft Hitler direct in het Derde Rijk  ingelijfd. Wat er over bleef kreeg de naam het  Generaal Gouvernement (GG).

Het GG had zijn eigen administratie, afzonderlijke valuta en douanevoorschriften, maar het was geen entiteit in de zin van de internationale en publieke recht. Het kon ook geen opvolger van de voormalige Poolse staat zijn. (1)

Volgens het Duitse plan was het Generaal Gouvernement in de eerste plaats een bron van grondstoffen en gratis arbeidskrachten ten behoeve van Het Derde Rijk en zijn oorlog. Na de overwinning van Hitler-Duitsland was dit gebied as “Lebensraum” voor de Duitsers bestemd. (2)

Op 12 oktober 1939 heeft Hitler een decreet over het ontstaan van het Generaal Gouvernement getekend. Vooraf aan dit feit ging een hele discussie over welke vorm het voormalig Polen zou krijgen.  

Er was sprake van een deling van Polen tussen Duitsland en Sovjet-Rusland.

Het tweede concept voorzag een quasi autonoom Poolse staat, de z.g.n. ‘Reststaat‘. Een ander concept ging over een deling van Polen die het ontstaan van een onafhankelijke West-Oekrainse staat in Galitie mogelijk maakte.  

Polen weigerden elke vorm van collaboratie met de Duisters.

De Britse premier Neville Chamberlain had moeite met het concept ‘Reststaat’ en Stalin accepteerde geen vorm van een onafhankelijke Poolse of Oekrainse staat.  

De realiteit heeft uiteindelijke voor de oplossing van “het probleem” gezorgd, schrijft historicus Leszek Pietrzak.  

Al in het begin van oktober 1939 was de Duitse administratie op het Poolse gebied zodanig ontwikkeld, dat de Poolse coöperatie overbodig was.  

Toen ontstond het idee om een gebied met alleen Duits bestuur te creëren.

De voorstander van deze oplossing was minister van de binnenlandse zaken van het Derde Rijk, Wilhelm Frick. Hij heeft het project van een decreet over het GG voorbereid en aan Hitler ter ondertekening gegeven. (3)  

De Gangster Gau

Het Generaal Gouvernement was in het begin in vier districten verdeeld: Krakow, Lublin, Radom en Warschau (94,1 duizend km², 12,1 miljoen bewoners).  

Na de agressie van Duitsland op de Sovjet-Unie op 22 juni 1941 heeft Hitler d.m.v. een decreet van 1 augustus 1941 de voormalige vojevodschappen van Lwow, Tarnopol, Stanislawow en Wolyn aan het GG toegevoegd.  

Het gebied van het GG was toen 145,2 duizend km² groot en het aantal bewoners steeg tot 16,6 miljoen. (2)  

Aan de top van de administratie stond Hans Frank, formeel generaal gouverneur genoemd. Hij was ook bevoegd om eigen wetten d.m.v. van decreten te maken.  

regering van het GG: Kundt, Fischer, Frank, Wächter, Zörner, Wendler
De regering in het GG. Foto: pl.wikipedia.org

De tweede persoon in de GG was Josef Buehler, die binnen het GG een aantal afdelingen creëerde.

Deze afdelingen hadden controle over handel, rechtvaardigheid, werk en andere voor de Duitsers belangrijke zaken. Men kan ze vergelijken met de ministeries van het Derde Rijk.  

Elk district had zijn eigen gouverneur, die Frank uit zijn naaste omgeving of uit de NSDAP veteranen selecteerde.  

Elk district bestond uit gebieden, aangestuurd door een districtsdirecteur. Elk groep van zes steden viel onder een stadshoofd.  

Deze twee laatste groepen bestuurders vormden de kurk waarop de Duitse bezettende macht draaide.

Ze beschikten over zeer brede bevoegdheden op het gebied van beleid en economie.  Alleen in zeer kleine steden en dorpen waar geen Duitse kaders mogelijk waren, mocht het bestuur in de Poolse handen blijven.  

Hans Frank zorgde ervoor dat Berlijn zo weinig mogelijk bemoeienis met het GG had. Hij benadrukte vaak dat iedereen in het GG onder zijn macht viel.  

Hoewel de Wehrmacht, de Duitse politie en de veiligheidsdiensten buiten zijn bevoegdheden vielen, probeerde hij ook daarin zo veel mogelijk invloed te krijgen.  

De wijze waarop de macht in het GG was verdeeld, kon tot misbruik leiden.

De meerderheid van de bestuurders waren leden van de NSDAP en als een betere ras behandelden ze de Polen en de Poolse Joden als onder-mensen.

Fitz Cuhorst, de districthoofd in Lublin verwoorde het als volgt: ‘wij, de ambtenaren hebben besloten om ons precies andersom dan thuis te gedragen, namelijk als de grootste schurken‘.  

Het racisme in het GG was aan de orde van de dag. Het raakte zowel de Polen als de Poolse Joden.  

Ernst Gramms uit het Warschau district praatte over de Holocaust als over een zegen voor de mensheid.  

Een groot probleem voor het GG was gebrek aan kaders.

Het betekende dat de werving met de tijd uit de slechtste kandidaten plaats vond. Vaak waren het mensen met meerdere mislukte carrières achter de rug of mensen met een crimineel verleden.

Dit had tot gevolg de kwaliteitsverslechtering in de administratie en een steeds brutaler gedrag van haar mensen.   I

In de praktijk betekende het wetteloosheid, corruptie en diefstal van alles wat enige waarde had.  

Dit kon ook niet anders, schrijft historicus, als de generaal gouverneur, Hans Frank en zijn vrouw hetzelfde deden.

Ze waren buitengewoon hebzuchtig en stalen in het GG niet alleen de kunst, antieke meubels, tapijten, bontjassen, maar ook het door de bewoners ingemaakt voedsel.  

De Duitse ambtenaren in het GG pleegden misdaden, zelfs de meest wrede.

Friedrich von Balluseck, districtshoofd in Tomaszow en later Jedrzejow, mishandelde Poolse kinderen.  

Van dit soort gevallen waren er tientallen in het GG. In de loop van de tijd praatte men in het Derde Rijk over de GG als “Gangster Gau” (4).

Lees verder:

Volgende blog: Op 11 november 1919 verdedigden Polen hun vers gewonnen onafhankelijkheid; tegelijk hebben ze toen het Westen voor de bolsjewieken gered

Vorige blog: Actueel, Vaccinatiedwang in Polen

Meer lezen:

Vernietiging van de Poolse elites in de Tweede WereldoorlogTweede Wereldoorlog, samenwerking van de Duitse Gestapo en de Sovjet NKWD

Bronnen:

(1) historicus, dr. Leszek Pietrzak “Zakazana historia”/”Kolonia Hitlera”/ (“De verboden geschiedenis” – “De kolonie van Hitler”, pag. 38)

(2) Informatiewebsite over het Generaal Gouvernement: http://www.info-pc.home.pl/whatfor/baza/gen_gub.htm

(3) historicus, dr. Leszek Pietrzak “Zakazana historia”/”Kolonia Hitlera”/ (“De verboden geschiedenis” – “De kolonie van Hitler”, pag. 39-40)

(4) idem, pag. 40-43

Blog#39: Polen was in het centrum van de oorlog, maar niet in het centrum van de vrede: Poolse inbreng in de overwinning van de WOII en hoe het Westen is hier mee omgegaan. Deel 2: Mythische beschuldigingen van Polen

Russische en Duitse haat-campagne tegen Polen voor en in de WOII
Al voor het begin van de Tweede Wereldoorlog moest Polen zodanig zwart gemaakt worden, dat niemand er medelijden mee zou hebben als ze werd aangevallen. De haat-campagne tegen Polen was begonnen.
De Sovjets verspreidden de formulering ‘Poolse concentratiekampen’.
Het was een beleid dat direct uit het Hitler-Stalin pact, de z.g.n. Ribbentrop-Molotov-pact voortvloeide en diende de agressie tegen Polen in 1939 in de ogen van de wereld te rechtvaardigen. (1)
De groep Gehlen in Duitsland heeft deze leugen opnieuw in de jaren 50-tig ingezet, om de Duisters van hun oorlogsschuld te verschonen.
In september 1939 creëerden de Duitsers een mythe over de “Poolse cavalerie tegen de Duitse tanks”.*)
Deze mythe moest een stereotype over de Poolse mannen versterken, “dat ze hopeloos romantische, snobistische idioten waren, die op hun paarden tegen de stalen tanks galopperen. De sympathisanten van nazi-Duitsland in Duitsland, en in Amerika bleven deze mythe zelfs na de Tweede Wereldoorlog verspreiden”. (2)
Hun trouwe voortzetters in Hollywood
De Sovjet-sympathisanten in Hollywood, die het Duits-Sovjet vriendschapspact uit 1939-1941 toejuichten, deden het ook. (2)
Sovjets gebruikten de mythe om de Poolse officieren, die Stalin in Katyn in 1941 massaal heeft gedood, als “absurd achteloos over het leven van hun troepen” af te schilderen. (…) (3)
“(…) Ondanks de bewering van Hollywood dat het hekel aan nazi-Duitsland had, was Hollywood ervan bewust dat Sovjet-agenten na de Tweede Wereldoorlog deze oude nazi-Duitsland en Sovjet-Rusland mythe bleven versterken, om Polen te vernederen, zodat het Westen, vooral het Amerikaanse publiek beperkte sympathie zou hebben voor het massief lijden van het Poolse volk onder zowel de nazi-Duitsers als de Sovjet-Russen.
Sommigen zeggen dat deze mythe, die deel van de nazi-Duitse subhuman intelligence jokes-propaganda tegen de Poolse mensen uitmaakte, was een nuttige grote leugen om door de pro-Sovjet en anti-Poolse mensen in Hollywood te worden voortgezet.
In de jaren 60-tig hernoemden ze de mythe in de z.g.n. “Polish jokes” en ze injecteerden ze in de hoofden van het Amerikaanse publiek, via hun Hollywood/TV-netwerkshows en films. (2)
Leugens uit Moskou, leugens uit het Westen – wat maakt het uit?
Met Polen achter de ijzeren gordijn kon men alles over haar zeggen en schrijven, want Polen kon zich toch niet verdedigen. Na 1989 moesten Polen met schrik inzien dat de leugens niet alleen uit Moskou maar ook uit het Westen kwamen.
Stalin wist, dat communisme niet bij de Polen paste. Hij vertrouwde de Poolse communisten niet en daarom stuurde hij 300.000 eigen vertrouwelingen naar Polen. Deze cultureel en ideologisch vreemde groep mensen behandelde Polen als vijanden.
Deze communisten zouden uiteindelijk de macht in Polen overnemen, d.m.v. vervalsing van de verkiezingen (1946 en 1947), terreur, uitschakeling van de Poolse elite.
De communisten wilden de Polen hun verleden ontnemen, door de geschiedenis te vervalsen.
Volgens Lucy Dawidowicz, een wetenschapper die zich met de Holocaust bezig houdt, creëerden de sovjet historici een politiek correcte versie van de Poolse geschiedenis. De communistische partij bewerkte het en de partijschrijvers zetten het in elkaar. Dit proces ging gepaard met de vervalsingen van documenten, de manipulatie van foto’s en het camoufleren van de waarheid. (…) Het was een onderdeel van het totalitair programma van de sociale engineering. (…)
De communisten hebben in wezen de PAN (Poolse Academie voor Wetenschap) gesticht om het wetenschappelijk onderzoek te controleren en manipuleren.
Ondertussen bleven de originele en belangrijke bronnen in de Sovjets archieven opgesloten. Het was een moeilijke situatie niet alleen voor de Poolse historici, maar ook voor de Poolse historici op emigratie en de westerse historici. (4)
Na 1989 zetten de post-communisten dit beleid door. Door middel van een z.g.n. ‘pedagogiek van schaamte’ probeerden ze de Polen allerlei misdaden uit de WOII aan te praten, zoals Jedwabne (1941) en Kielce (1947).
Deze misdaden zijn nooit onderzocht. De communisten gebruikten ze als propagandamiddel tegen de Poolse ondergrondse (AK, Home Army) en de katholieke kerk in Polen.
Herinneringen aan de Holocaust, een bron van mythen en stereotypen over de Polen en Joden
Het is zeer belangrijk om de herinnering aan de Holocaust voor de volgende generaties te bewaren. Diegenen die de Holocaust hebben overleefd, hebben ook een indrukwekkende getuigenis achtergelaten, schrijft prof. Chodakiewicz (13), maar zoals elke getuigenis vereist het een individuele en zorgvuldige vergelijking met andere bronnen. Hier is de rol voor de wetenschap weggelegd en dit proces moet nog plaatsvinden. (5)
Men zou kunnen verwachten, schrijft Ireneusz T. Lisiak dat na zoveel jaren na de Tweede Wereldoorlog de overvloed aan films, boeken en herinneringen plaats zou moeten maken voor een professioneel onderzoek. Helaas, de meerderheid aan de Holocaust historici baseert hun werk op ‘getuigenissen van de overlevenden’. Ze tonen vooral de emoties i.p.v. de feiten grondig te verifiëren. (14)
Voor de Amerirkanse en West-Europese historici was de oorlog van 1939-1945 op het Poolse grondgebied alleen een achtergrond voor de Holocaust. Buiten de Holocaust bestond toen niets meer wat van belang was. En als je de zaken zo stelt, was de Tweede Wereldoorlog voor de Polen een, niets hun rust verstorende, episode.  De wereld is gaan geloven dat het alleen Joden waren, die in de Tweede Wereldoorlog hebben geleden. (12)
Samuel Gringrauz, joodse historicus en overlevende van deze grote tragedie merkte al in de jaren 50-tig een overvloed aan historisch materiaal over de Holocaust dat hij eerder “bedrieggelijk (contrived) dan terughoudend (collected)” noemde. Toen al zei hij dat het de hoogste tijd was voor een echt historisch oordeel, dat vrij van wraakzucht en andere lage motieven was. (6)
Dat is helaas tot de dag van vandaag niet gebeurd.
Ondertussen blijft het aantal herinneringen, films en boeken over de Holocaust groeien en hiermee de onterechte vijandigheid tegen de Polen.
 “De geverfde vogel” 
In 1965 verscheen het boek van Jerzy Kosinski “De geverfde vogel”.
Volgens Ireneusz Lisiak, was het de eerste in de literatuur, afschuwelijke beschuldiging van de Polen voor hun houding tijdens de bezetting. Kosinski baande hiermee de weg voor de wereldwijde, anti-Poolse laster. (7)
De eerste recensenten van “De geverfde vogel” lachten het boek uit als een “pornografie van het geweld” en een “product van een geest dat door het sadomasochistisch geweld was bezeten”. (8)
In de voorlichting over zichzelf en het boek benadrukte Kosinski dat de gebeurtenissen, beschreven in het boek  waargebeurd waren. Alleen als hij in Polen kwam, kondigde hij van tevoren aan dat dit een fictie was.
Al is de leugen zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel. Dus tijdens één van zijn ontmoetingen met de lezers in Polen, kwamen ook de bewoners van het dorp Dabrowa Rzeczycka waar de familie Kosinski in de oorlog bescherming kreeg. Toen Kosinski dat hoorde, vluchtte hij snel via een achterdeurtje om de confrontatie te vermijden.
We moeten hier met nadruk vermelden, dat tijdens de bezetting van Polen voor elke hulp (ook voor een stukje brood, glaasje water, een paar schoenen) aan de Joden de doodstraf stond. Duitsers voerden de doodstraf direct uit. De straf trof niet alleen de persoon die ze aan de hulpverlening betrapten, maar zijn hele gezin, zelfs het dorp.
Deze moedige mensen hebben dus hun leven en dat van hun eigen families in gevaar gebracht om de familie Kosinski te helpen.
Toen de Sovjets in 1944 Polen pacificeerden, heeft de vader van Jerzy Kosinski, Mieczyslaw Kosinski **) de dorpelingen bij de NKWD (de Sovjet Gestapopolitie) aangegeven. Velen van hen belandden in de gevangenissen en Sovjet goelags en velen hebben het niet overleefd. (9)
Dankzij de Poolse schrijfster Joanna Siedlicka en de Amerikaanse journalist James Parc Sloan is “De geverfde vogel” ontmaskerd. Het wordt niet meer als document, maar als voorbeeld van een literaire mystificatie en een beschrijving van de seksuele fobieën van de auteur gezien.
Vlak voor zijn zelfmoord toonde Jerzy Kosinski een andere houding tegenover Polen, maar de schade die hij heeft aangericht, is moeilijk te herstellen. Voor de jeugd in Israël vormt “De geverfde vogel” nog steeds de basis Holocaustliteratuur, een ware getuigenis van die tijd, met alle gevolgen van dien. (10)
Het effect anno 2018 – de wereld op z’n kop
Nu anno 2018 staan we op het punt, zoals dr Ewa Kurek het verwoordt, dat “(…) sommige Joden de duisterste onzin over ons (red.IV: Polen) in de wereld verspreiden en Polen van moord op hun eigen volk beschuldigen. De Duisters beschuldigen ons van antisemitisme en de Russen geven ons de schuld voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (…)” (11)
Bronnen:
**) De echte naam, Mojzesz Leinkopf; de Poolse namen voor deze Joodse familie heeft priester, Eugeniusz Okon geregeld. Priester Okon was aan het Poolse ondergrondse verzet gebonden; hij organiseerde hulp voor de Joden op grote schaal.
(1) Ewa M. Thompson: “Imperial Knowledge, Russian Literature and Colonialism”, pag 175
(3) Julian Borger: Debunking Polish stereotypes: the cavalry charge against German tanks, The Guardian 6-4-2011:
*) ‘De meest waarschijnlijke oorsprong van de legende is een schermutseling in het Pommerse dorp Krojanty op de eerste dag van de Duitse invasie op 1 september 1939. De Poolse cavalerie, wiens eenheden nog steeds niet gemotoriseerd waren, hebben inderdaad aan een Wehrmachtinfantry-bataljon weerstand geboden, maar onder een zwaar machinegeweerbeschieting werden ze gedwongen zich terug te trekken. Tegen de tijd dat de Duitse en Italiaanse oorlogscorrespondenten daar aankwamen, waren enkele tanks gearriveerd en namen ze zelf deel aan het gevecht.(…)’
(4) prof. Chodakiewicz, Transformacja czy niepodleglosc/Polska pamiec, pag. 200
(5) idem, pag. 208
(6) Ireneusz T. Lisiak, Zaklamany Holokaust (“De verkeerde voorstelling van de Holocaust”), pag. 14 na: dr Samuel Gringauz/”Jewish Social Studies”, 1950
(7) idem, pag. 106
(8) idem, pag. 75
(9) idem, pag 100
(10) idem, pag 106-107
(11) dr Ewa Kurek, Poolse historicus, kenner van de Pools-Joodse relaties: “Jedwabne anatomia klamstwa”, pag 167 (“Jedwabne, de anatomie van een leugen”)
(12) Ireneusz T. Lisiak, Zaklamany Holokaust (“De verkeerde voorstelling van de Holocaust”), pag. 73
(13) prof. M. Chodakiewicz, “Transformacja czy Niepodleglosc”, pag. 204
(14) Ireneusz T. Lisiak, Zaklamany Holokaust, pag. 13
Akzion AB - Katyn

Blog#35: Drie genocides op de Poolse bevolking in de Tweede Wereldoorlog. Deel 1: samenwerking van de Gestapo en de NKWD

Het is de publieke opinie in het Westen onbekend dat de Poolse natie tijdens de Tweede Wereldoorlog het slachtoffer was van drie genocides: Duits, Sovjet en Oekraïens (1).

Al eerder vermelde ik in mijn blogs, dat Polen geen mogelijkheid hadden om eigen geschiedenis in het Westen na de Tweede Wereldoorlog te verdedigen. Het communistische regime maakte het onmogelijk. Ook uit angst voor de daders, uit eigen bescherming praatten Polen nooit over deze gebeurtenissen binnen de families.

Genocide op de Poolse bevolking in Volynia (Wolyn), gepleegd door de Oekraïense chauvinisten tijdens de Tweede Wereldoorlog is van alle drie het minst bekend, ook onder de Polen.  

Volgens de volkstelling uit 31 december 1938 had Polen 38,5 miljoen burgers. Na de eerste volkstelling na de Tweede Wereldoorlog waren het 11 miljoen minder. Een deel daarvan heeft in het Westen overleeft en een deel is in Rusland vermoord. (2)  

Rusland heeft inmiddels haar agressie op Polen op 17 september 1939 en de moorden in Katyn toegegeven. Nog steeds zwijgt Rusland over de samenwerking tussen de Sovjet NKWD en de Hitler’s Gestapo op het door twee agressors bezet Pools gebied in de Tweede Wereldoorlog (1939-1945).  

Het Russische archief blijft nog steeds dicht voor de historici, zegt historicus Leszek Pietrzak. De historicus verwacht veel van het Britse archief en de meldingen van de Britse geheime dienst uit die tijd. Deze worden echter tot 2024 geheim gehouden.

Deel 1: De samenwerking van de NKWD en de Gestapo in de genocide op de Poolse bevolking in de periode 1939-1941

Dubbel spel van Stalin

De geheime onderhandelingen tussen de Sovjet Unie en het Derde Rijk begonnen al in april 1939. De uitkomst daarvan zou het Ribbentrop-Molotov-pact zijn, dat eind augustus van hetzelfde jaar werd getekend. Het voorstel voor deze onderhandelingen kwam van de Sovjets.  

De onderhandelingen moesten geheim blijven, omdat Stalin tegelijk met Frankrijk en Groot Brittannië officieel onderhandelde over het behoud van vrede in Europa. Dit maakt de Sovjet-Unie mede verantwoordelijk voor de uitbrak van de Tweede Wereldoorlog, schrijft historicus Leszek Pietrzak.  

Toen Hitler in augustus 1939 met de deling van Midden- en Oost-Europa akkoord ging, heeft Stalin de onderhandelingen met Frankrijk en Groot Brittannië als niet meer van belang verbroken.  

Het Ribbentrop-Molotov-pact dat op 23 augustus 1939 in Moscou werd getekend, heette formeel een non-agressie-pact. In werkelijkheid bleek het doorslaggevend voor het toekomstige lot van Europa en Polen.

In wezen was het een zeer goed doordacht plan voor de verovering van Europa.  Duitsland mocht Polen aanvallen.

Sovjets door de Duitse agressie op Polen goed te keuren, creëerden voor zichzelf politieke gronden om Polen onder de mom van een “bevrijdingscampagne” aan te vallen.

Hitlers plan voor de Polen

De uitspraak van Hitler, d.d. 22 augustus 1939 te Salzburg:

“(…) Onze kracht is onze snelheid en onze brutaliteit. Genghis Khan heeft miljoenen vrouwen en kinderen bewust en gelukkig ter dood gebracht. De geschiedenis ziet in hem alleen de stichter van een grote staat. Wat de zwakke West-Europese beschaving over mij beweert, is onbelangrijk.  Ik heb de order gegeven – en ik laat iedereen voor het vuurpeloton zetten, die zelfs maar één woord van kritiek daarop uit – dat het oorlogsdoel niet het bereiken van bepaalde linies is, maar de fysieke vernietiging van de tegenstander. 
Dus, voorlopig alleen in het Oosten, heb ik mijn Totenkopf  divisies van de orders voorzien om mannen, vrouwen en kinderen van de Poolse afkomst en taal genadeloos te doden. Alleen dan kunnen we de leefruimte krijgen die we nodig hebben. Wie spreekt er vandaag nog over de vernietiging van de Armeniërs? (…)”

Deze toespraak volgden de daden op.

De Amerikaanse journalist Louis Lochner heeft de toespraak van Hitler al in 1939 de wereldopinie bekend gemaakt.  

Men vergeet het snel dat de Duitse inlichtingendienst Zentralstelle II/P  al voor de oorlog een Sonderfahndungsbuch Polen had samengesteld. Op deze lijst stonden tientallen duizenden Polen, die voor de onmiddellijke liquidatie bestemd waren. (3)

De deling van Europa begint

De Duitse agressie op Polen begon op 1 september 1939. Op 17 september 1939 viel het Sovjetleger de Poolse Republiek aan.

Foto: wikipedia

  Op 28 september 1939 hebben de twee agressors een nieuwe overeenkomst in Moskou ondertekend: “Het Sovjet-Duits verdrag over de grenzen en wederzijdse vriendschap”.  

De nieuwe grens tussen Duitsland en de Sovjet Unie zou langs de lijn van San, Bug, Narwia en Pisa lopen. Dit betekende de nieuwe deling van Polen.  

De geheime clausules in het pakt voorzagen ook een nauwe samenwerking van de geheime diensten van de twee landen, Hitler’s Gestapo en de Sovjets NKWD.

Deze samenwerking was goed georganiseerd en had een doorlopend karakter. De samenwerking vertaalde zich naar een serie van gezamenlijke conferenties, die in de jaren 1939-1941 plaats vonden.   De conferenties gingen over de uitwisseling van actuele informatie en ervaringen in het bestrijden van het Poolse verzet, het elimineren van de Poolse intelligentie en de leiderschapselite.

Conferentie-1 te Brest op 27 september 1939: bestrijding van de Poolse onafhankelijkheidsbeweging  

De eerste conferentie van de NKWD en de Gestapo vond nog op 27 september 1939 in Brest (Brzesc) plaats.

Het hoofdthema van de conferentie waren methodes van het bestrijden van de Poolse onafhankelijkheidsbeweging, waar de beide agressors bang voor waren.

Zowel de Sovjets als de Duitsers wisten zeer goed dat Polen het verlies van eigen staat nooit zouden accepteren en het verzet zouden opbouwen.  

De herinnering aan de Poolse opstanden in de achttiende en de negentiende eeuw was nog vers. Toen hebben Polen zich hevig tegen de russificatie en het germaniseren verzet.  

Het oude garnizoen in Oswiecim (Auschwitz) gebruikte de Gestapo in de eerste twee jaren van de Tweede Wereldoorlog om dit doel te realiseren.

Conferentie-2 te Przemysl op 27 november 1939: onderlinge uitwisseling van gevangenen  

De tweede conferentie tussen de twee geheime diensten vond op 27 november 1939 in Przemysl plaats.  

De NKWD en de Gestapo hebben de uitwisseling van een geselecteerde groep gevangenen samengevat. Er is informatie over de Poolse geheime organisaties en de door hen gezochte personen uitgewisseld.  

Op 11 oktober 1939 hebben de Sovjets 42,5 duizend Poolse gevangenen uit de NKWD kampen aan het Derde Rijk overgeleverd. Dit gebeurde op basis van een document van 11 oktober 1939, getekend door L. Beria, de volkscommissaris van de binnenlandse zaken van de Sovjet Unie.  

Het Derde Rijk heeft 14 duizend gevangenen aan de Sovjets overgeleverd.

Conferentie-3 te Zakopane, 20 februari-2 maart 1940: volledige uitroeiing van de Poolse bevolking tegen 1975  

Adolf Eichmann vertegenwoordigde Duitsland, kolonel Grigorij Litwinow leidde de Sovjets afgevaardigden.  

Het beleid van uitroeiing van de Poolse bevolking in de bezette gebieden was een onderwerp van de bespreking.   In een verslag door de beide kanten ondertekend, hebben zij zich verplicht tot een nauwe samenwerking in het liquidatieplan van de Poolse bevolking.

Het plan zou tegen 1975 volledig zou zijn uitgevoerd.  

Deze conferentie was de grootste van alle conferenties en ze omvatte de meeste onderwerpen.   De bepalingen van deze conferentie hebben volgens vele historici veel invloed gehad op de methoden waarop de bezetters de Poolse burgers in de daarop volgende maanden hebben vermoord.

  Na de conferentie in Zakopane heeft de Sovjet-Duitse samenwerking nog verder toegenomen.

Conferentie-4 te Krakau, tussen 29-31 maart 1940: deportaties en uitroeiing van de Poolse elites  

Aan de Duitse kant waren de gouverneur van het district Krakau Otto Waechter, SS-Hauptsturmfuehrer K. Liscchka en majoor van de gendarmerie G. Flade. De NKWD vertegenwoordigden W. Jegonarow, I. Niewski en W. Lisin.  

Tijdens deze conferentie hebben ze hun projecten van deportaties van de Poolse bevolking, en de verdere plannen van uitroeiing van de Poolse elites besproken.  

De vertegenwoordigers van de nazi-Gestapo bewonderden de Sovjet-deportatiemethoden, hun schaal en de reikwijdte.  

De Sovjets informeerden Duitsers tijdens de conferentie in Krakau dat ze ‘een andere oplossing’ hebben gevonden voor de Poolse officieren, die ze in de NKWD kampen gevangen hielden.

Voor de Gestapo uitroeiingsspecialisten was het meteen duidelijk wat de Sovjets met ‘een ander oplossing’ bedoelden.  

Nog tijdens de conferentie in Krakau hebben de Sovjets voorbereidingen getroffen om de Poolse officieren (23.000) uit de kampen in Kozielsk, Starobielsk en Ostaszkowo te vermoorden.  

Dat de Sovjets met deze moorden inmiddels waren begonnen, hebben de agenten van de Duitse Abwehr, die toen in de Sovjet Unie verbleven, een aantal weken later bevestigd.  

Het handelen van de Sovjets heeft Duitsers aangemoedigd om verdere stappen te nemen in het uitroeien van de Poolse elites.  

In mei 1940 begon de Duitse actie Ausserordentliche Befriedungsaktion (Aktion AB) tegen de Poolse intelligentie gericht.

Deze actie had het grootste bereik onder alle acties die Duitsers tegen de Poolse nationale elite hebben uitgevoerd.  

De samenwerking tussen de NKWD en Gestapo in de genocide op de Poolse bevolking duurde nog tot april 1941, slechts twee maanden vóór het uitbreken van de oorlog tussen deze twee bondgenoten.

Lees meer: Vernietiging van Poolse elites in de WOIILees meer: Vernietiging van Poolse elites in de negentiende eeuw

Volgende blog: Drie genocides op de Poolse bevolking in de WOII. Deel 2: de vernietiging van de Poolsheid in Wolyn

Vorige blog: Lange traditie van vrijheid en tolerantie in Polen en de anti-Poolse propaganda, deel 2

Bronnen:

Gebaseerd op het boek van de historicus, dr Leszek Pietrzak: “Zakazana Historia 2 – Jak Gestapo i NKWD mordowaly wspolnie Polakow” (vertaling: “Verboden Geschiedenis, deel 2: Hoe de Gestapo en de NKVD hebben samen Polen vermoord”), pag. 48-53

(1) Joanna Wieliczka-Szarkowa: “Wolyn we krwi 1943”, Wstep Ewy Siemaszko, pag. 6

(2) inz. J. Zawistkowski, vertegenwoordiger van de Poolse gemeenschap in Amerika: https://youtu.be/NogcXTMBQrM, dd 26 paril 2018

(3)  Ireneusz T. Lisiak, “Zaklamany Holokaust”: Holocaust jako religia, pag. 60

Blog#31: Pools-Joodse relatie: anti-Poolse stereotypen met Duitsland en Rusland in de achtergrond

Kort overzicht ter inleiding
Het probleem met anti-Poolse stereotypen heeft zijn directe oorsprong na de Tweede Wereldoorlog.
Maar indirect nog in 1939 van de vorige eeuw (Duits-Sovjets agressie tegen Polen), en verder in 1919-20 toen Polen na 123 jaar haar onafhankelijkheid herwon en opnieuw opgroeide, en zelfs in de achttiende eeuw.
In al die periodes was Polen brutaal overheerst of in extreem moeilijke omstandigheden met de wederopbouw bezig.
Het is een patroon dat zich herhaalt, waar Duitsland en Rusland direct of indirect een rol spelen.
Af en toe nemen ze een onlogische ten opzichte van Polen bondgenoten aan, zoals katholiek Oostenrijk in de achttiende eeuw om de eerste deling van Polen te realiseren.
Een katholiek land dat zich samen met het protestantse Pruisen en orthodoxe Rusland tegen het katholieke Polen verklaarde.
Terwijl in Oostenrijk nog steeds levendig was de herinnering aan de overwinning van Wenen, waarin de Poolse koning Jan Sobieski III Wenen en Europa tegen de druk van de islamitische Turken had gered.

Verschuiving van de verantwoordelijkheid

Na de Tweede Wereldoorlog, in 1948 ontstond de staat Israël.
Als vertegenwoordiger van de Joden voerde Israël moeilijke gesprekken met Duitsland over de schadevergoeding.
Ze hebben een overeenkomst in de jaren 50-tig bereikt.
Vanaf dat moment begon ook een proces van verschuiving van de verantwoordelijkheid voor de Holocaust, en voor elke schade tijdens de Tweede Wereldoorlog oorlog, van de werkelijke dader, de Duitse natie op de z.g.n. ‘nazi-ideologie’.
In dit proces begon ook een ‘nazi’ als containerbegrip te functioneren, iedereen kan het zijn of worden.
Sinds 1945 bestaat in Duitsland een consensus dat nazi’s altijd de anderen waren, en dat de oorlogsmisdadigers alleen een klein groepje rond Hitler vormden.
Christina Ullrich toont in haar boek (2) aan dat de rechtvaardigingen van de daders in Duitsland na de Tweede Wereldoorlog met de toen in de Duitse samenleving heersende opvattingen als geheel samenvielen.  “(…) We waren tenslotte allen in verzet en (groot)opa was geen crimineel”(3).
Paradoxaal genoeg beschouwt Duitsland zichzelf als expert van Polen, en in het algemeen van Midden- en Oost-Europa.
Duitsland wil bepalen wat West-Europa en Amerika over ons moeten denken, wat de actualiteiten zijn of wat in de Tweede Wereldoorlog heeft plaats gevonden.
Het is blijkbaar tot voor kort mogelijk geweest omdat de geschiedenis van dit gedeelte van de wereld in het Westen onbekend blijft.
Polen waren verbouwereerd toen ze na 1989 ontdekten dat de leugens niet alleen uit Moskou maar ook uit het Westen komen, alleen dan van een andere aard. Daar waren Polen niet op voorbereid.

Logisch gearrangeerde leugens

Vanaf de jaren 50 en 60-tig vorige eeuw worden de anti-Poolse leugens in een ‘logische volgorde gearrangeerd’, zegt professor Jan Zaryn (4).
In Amerika bestaat een algemene opinie dat Polen bandieten en antisemieten zijn: Polen waren antisemieten in maart 1968, omdat ze het in de Tweede Wereldoorlog waren, en na de oorlog (Kielce, 1947) moest het ook het geval zijn.
Niemand echter vertelt dat maart 1968 een strijd tussen twee kampen binnen één communistische partij was en het had niks met de Poolse bevolking te maken.
De door de communisten gearrangeerde onrusten dienden o.a. als ‘cover’ voor de communistische misdadigers om Polen als de z.g.n. dissidenten te verlaten.
Niemand vertelt dat Kielce 1947 een communistische provocatie was om de aandacht van het Westen van de vervalste verkiezingen in Polen af te leiden en de katholieke Kerk in Polen in diskrediet te brengen.
De eerste slachtoffers in deze provocatie waren trouwens Poolse burgers.
Niemand vertelt over de werkelijke situatie van Polen in de eerste drie jaar van de Tweede Wereldoorlog.
“(…) In het door de Duitsers bezette Polen in de jaren 1939-1942, degenen wiens levens het meest bedreigd waren, waren Polen.
Volgens de Joodse historicus Szymon Datner, de verhouding van de door Duitsers vermoorde Polen en Joden in die periode was 10: 1.
Dat wil zeggen dat op 10 door de Duitsers in die drie jaar vermoorde Poolse burgers, negen waren Pools en één was Joods (red.: en vaak was het iemand uit de Poolse intelligentsia)(…)”(5) .
“(..) Zoals de Joodse bronnen het vermelden (…) wat slimmere Polen deden in gevaarlijke situaties een bandje met de Davidster om. De Joodse spraak kon je voor de razzia’s behoeden (…)” (5).

De KGB in het spel

In 1958 kwam een voorstelling van Rolf Hochhuth “Der Stellvertreter”, waarin de paus Pius XII als bondgenoot van Hitler wordt afgeschilderd.
De conclusie moest zijn, dat het katholicisme tot de Holocaust heeft geleid. Het zou wraak op Joden zijn geweest voor het doden van Jezus Christus.
Met deze interpretatie van de geschiedenis, zegt prof. Zaryn, ‘spreekt het voor zich’ dat Polen als katholieken Joden hebben vermoord. Misschien kregen ze enige steun van de nazi’s, maar wie die nazi’s waren, weet verder niemand.
Toen was het nog onbekend dat “Der Stellvertreter” het werk van de KGB agenten was. Het was een onderdeel van de ideologische strijd van communisten tegen de katholieke Kerk (4).

Slachtoffers moeten daders worden

Duitsers hebben de formulering ‘Poolse concentratiekampen’ op grote schaal v.a. de jaren 50-tig vorige eeuw gepropageerd.
In feite veranderde de formulering ‘Poolse concentratiekampen’ op subtiele wijze de slachtoffers, in dit geval Polen, in daders.
Op dit idee kwam de Groep Gehlen (Agentuur 114) van de West-Duitse geheime dienst.
Het doel was om de terughoudendheid tegenover de Duitsers voor de oorlog en de Holocaust van Joden te verminderen.
Op het spel stond niet alleen het imago van Duitsland, maar ook geld, want niemand wilde Duitse producten kopen.
Aanvankelijk waren het de opiniesmakende media in Duitsland, vooral kranten en televisiestations, die deze formulering gebruikten.
De manipulatie werd op grote schaal ingezet en heel snel praatte men ook in de VS over de ‘Poolse concentratiekampen’ (6).

Haat campagne tegen Polen in september 1939

De formulering ‘Poolse concentratiekampen’ komt ook voor in de Sovjet haat-campagne tegen Polen in de WOII.
Het begon op 19 september 1939, twee dagen na de aanval van Sovjet Rusland op Polen.
Het was een beleid dat direct uit de Hitler-Stalin pact, de z.g.n. Ribbentrop-Molotov voortvloeidde (7), nl de agressie tegen Polen te rechtvaardigen.
Polen moest zodanig zwart gemaakt worden, dat niemand er medelijden mee zou hebben dat ze werd aangevallen.
De pers was een middel bij uitstek om de propaganda effectief te verspreiden. Daarvoor benutte men gefabriceerde artikels, poëzie, rapporten, getuigschriften en slogans.
Russen van anders vlekkeloze reputaties gebruikten grof taalgebruik om de aangewezen Poolse doelen te raken (8). Op deze wijze zette men doelbewust de etnische groepen tegen elkaar aan.
De Sovjet’s propaganda schilderde Polen af als een dwaas land, waar brutaal en onbeschaafd volk woonde. De Poolse adel zou miljoenen Wit-Russen, Oekraïners en Joden vervolgen.
Terwijl nog tussen januari 1937 en september 1939, bekeken de Sovjet’s periodieken de Poolse cultuur als westerse cultuur, en waardeerden hem als één van de belangrijkste vertalers van de Russische literatuur.
Elk door de Sovjets aangevallen land kreeg met dit soort agressieve propaganda te maken, zoals Finland en Roemenië (9).

Bezitterig Germanisme en hebzuchtige Rusland

De Russische keizerin Katarina II, een tiran met twee gezichten en een meesteres in propaganda (10) gebruikte dezelfde praktijken tegen Polen in de achttiende eeuw.
In Rusland (…) werden religieuze dissidenten met alle meedogenloosheid gedwongen om zich tot de orthodoxe kerk te bekeren. Dit belette de tsarina echter niet om ‘de verdediger van de achtergestelde minderheden’ in Polen te spelen.
In de achttiende eeuw was er geen land in de wereld waar een religieuze minderheid de rechten kreeg die de religieuze meerderheid genoot. Polen was op dit punt het meest tolerant.
(…) De hele actie ten bate van de dissidenten was ondergeschikt aan de politieke doelen (…) en gericht op het onderdrukken van Polen.
Een geest van bezitterig Germanisme, verbonden met de geest van hebzuchtige Moskou, drong binnen de katholieke Republiek Polen, om die intern te verstoren, in de wereld een gevoel van afkeer voor Polen te wekken en hiermee Polen te isoleren. (…) (11).
Bronnen:
(1)  M. Ryba, “Odklamac wczoraj i dzis”, wybor tekstow historycznych, pag. 33-36
(2) C. Ullrich, “Ich fuhl’ mich nicht als Morder”: https://www.hsozkult.de/publicationreview/id/rezbuecher-16623?language=en
(5) Ewa Kurek: “Polacy i Zydzi: problemy z historia” (pag. 148)/Sz.Datner: “Las Sprawiedliwych – karta z dziejow ratownictwa Zydow w okupowanje Polsce, Warszawa 1968, s.8)
(6) L. Pietrzak: Zakazana historia, “Jak Niemcy wrabiali Polakow w mordowanie Zydow”, pag 17-18
(7) Ewa M. Thompson: “Imperial Knowledge, Russian Literature and Colonialism”, pag. 175
(8) idem, pag. 166
(9) idem, pag. 166-167
(10)  B.Stanislawczyk: “Kto sie boi prawdy. Walka z cywilizacja chrzescijanska w Polsce”, pag. 67
(11) idem, pag. 81

Pagina 1 van 2

mijnpolen.nl